De Keuringsdienst van Waarde besteedt sinds enige tijd aandacht aan misstanden in de chocolade industrie. In West-Afrika zou veel chocolade worden geproduceerd door slaven.
Chocoladeliefhebber Teun van de Keuken, verslaggever van de Keuringsdienst van Waarde, verzochtop 2 maart 2004 het Openbaar Ministerie in Amsterdam om tot zijn strafrechtelijke vervolging over te gaan omdat hij zich op op 12 februari 2004 in Amsterdam schuldig zou hebben gemaakt aan (gewoonte) heling [artikel 416 Sr jo artikel 417 Sr] door het eten van chocolade waarin met behulp van dwangarbeid geproduceerde cacao was verwerkt. Op 25 mei 2005 liet het Openbaar Ministerie Teun van de Keuken weten niet tot zijn vervolging over te gaan.
Teun van de Keuken was het met de beslissing van het Openbaar Ministerie niet eens en diende daarom op of omstreeks 21 september 2005 een klacht ex artikel 12 Sv in bij het Gerechtshof Amsterdam met het verzoek om het Openbaar Minsiterie te gelasten om tot zijn vervolging over te gaan. Het hof heeft ter zittingen van 19 januari 2007 en 9 februari 2007 de klacht behandeld en Teun van de Keuken op 5 april 2007 niet ontvankelijk verklaard. Volgens het hof kan Teun van de Keuken niet zo als de wet vereist als rechtstreeks belanghebbende worden aangemerkt. Door het achterwege blijven van zijn eigen strafvervolging wordt Teun van der Keuken niet getroffen in een belang dat hem persoonlijk heeft geraakt. Het verzoeken van je eigen strafvervolging is in beginsel niet zo een belang. Zeker niet wanneer het doel is om de eigen schuldigverklaring te bewerkstelligen zoals Teun van de Keuken. Aldus het hof.
- Gerechtshof Amsterdam, 5 april 2007, LJN BA2373
- Persbericht: Uitspraak van het gerechtshof Amsterdam in chocoladezaak, 5 april 2007