<rss version="2.0" xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/" xmlns:trackback="http://madskills.com/public/xml/rss/module/trackback/" xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/" xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"><channel><title>Het politieke</title><link>http://blogger.xs4all.nl/sqv/category/36980.aspx</link><description>Het politieke</description><managingEditor>Samuel Vriezen</managingEditor><dc:language>en-US</dc:language><generator>.Text Version 0.95.2004.102</generator><item><dc:creator>Samuel Vriezen</dc:creator><title>Manifest van De Naamloze Vennootschap</title><link>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2011/10/13/685330.aspx</link><pubDate>Thu, 13 Oct 2011 01:51:00 GMT</pubDate><guid>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2011/10/13/685330.aspx</guid><wfw:comment>http://blogger.xs4all.nl/sqv/comments/685330.aspx</wfw:comment><comments>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2011/10/13/685330.aspx#Feedback</comments><slash:comments>0</slash:comments><wfw:commentRss>http://blogger.xs4all.nl/sqv/comments/commentRss/685330.aspx</wfw:commentRss><trackback:ping>http://blogger.xs4all.nl/sqv/services/trackbacks/685330.aspx</trackback:ping><description>Een collectief dat zich &lt;a href=https://denaamlozevennootschap.wordpress.com/&gt;&lt;b&gt;"De Naamloze Vennootschap"&lt;/a&gt;&lt;/b&gt; noemt heeft zojuist een &lt;a href=http://www.cl.ly/1l1S3L3w0c1g101Z3117&gt;&lt;b&gt;Manifest&lt;/a&gt;&lt;/b&gt; het internet opgestuurd ter ondersteuning van de komende &lt;a href=http://www.occupyamsterdam.nl/&gt;&lt;b&gt;Occupy Amsterdam&lt;/a&gt;&lt;/b&gt; op 15 oktober. Het manifest wil zo veel mogelijk verspreid worden. Kopieert en stuurt rond!&lt;img src ="http://blogger.xs4all.nl/sqv/aggbug/685330.aspx" width = "1" height = "1" /&gt;</description></item><item><dc:creator>Samuel Vriezen</dc:creator><title>Artistiek politiek zelfbewustzijn. En: Komrij en Temme over literaire tijdschriften.</title><link>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2011/06/28/663179.aspx</link><pubDate>Tue, 28 Jun 2011 00:08:00 GMT</pubDate><guid>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2011/06/28/663179.aspx</guid><wfw:comment>http://blogger.xs4all.nl/sqv/comments/663179.aspx</wfw:comment><comments>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2011/06/28/663179.aspx#Feedback</comments><slash:comments>0</slash:comments><wfw:commentRss>http://blogger.xs4all.nl/sqv/comments/commentRss/663179.aspx</wfw:commentRss><trackback:ping>http://blogger.xs4all.nl/sqv/services/trackbacks/663179.aspx</trackback:ping><description>Is er licht in de duisternis? Altijd. Langzaamaan begint er nieuw politiek bewustzijn te ontstaan bij kunstenaars onder druk van de komende slachtpartijen. Ramsey Nasr gebruikte op het Malieveld vanmiddag de bezuinigingen als aanleiding voor stevige uithalen naar de politiek van de coalitie in brede zin, zonder te vervallen in slachtofferschap of elitarisme. Nasr liet zien hoe de bezuinigingen op de kunst niet op zichzelf staan, maar het gezicht tonen van een leugenachtige en onmenselijke politiek die zich op alle beleidsterreinen openbaart. Hopelijk is dit de opmaat voor meer doordachte politieke stellingnames van kunstenaars. Maar wat ik meer nog hoop is dat er een verbeterd begrip voor de politieke betekenis van de kunst zelf naar voren zal treden.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Want vergeet niet, vrienden: dat de schoften die over ons heersen ons stuk willen hebben, is ook een groot compliment. En ja, ze willen ons stuk hebben, of minstens onze trots, ze willen ons onderwerpen. De regering wil ons niet zomaar korten of hervormen. De manier waarop de bezuinigingen erdoor worden gejast toont aan dat ze ons knock-out willen slaan. &lt;i&gt;Shock and awe&lt;/i&gt; heette dat ten tijde van onze laatste koloniale onderneming. Die politiek van overrompeling heeft een reden, en die reden gaat terug op het emancipatoire potentieel van de kunst: de kunst is één van de belangrijkste disciplines waarmee mensen verantwoordelijk worden voor hun eigen leven. Kunst bevrijdt. Zomaar. Met de kunst kunnen mensen alle kanten op gaan.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Het is dat potentieel dat de politiek wil disciplineren. En het goede nieuws is: het zal niet gebeuren. Er is een verzet inherent aan elke vrije gedachte. Dat verzet gaan wij, kunstenaars, nu op nieuwe manieren leren inzetten. Desnoods zonder subsidie, desnoods zonder de markt: wij gaan staan voor de &lt;a href=http://www.joop.nl/opinies/detail/artikel/dit_is_de_vraag_in_wat_voor_maatschappij_willen_wij_leven/&gt;&lt;b&gt;scheppende mens&lt;/a&gt;&lt;/b&gt;.&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;

&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp; &lt;b&gt;*&lt;/b&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;


Maar dat zelfbewustzijn is er nog niet. De afgelopen weken was de woede en paniek onder kunstenaars op Facebook goed te proeven. Het leidde tot stortvloeden van artikelen  en boze berichten, die, als ze boos genoeg van toon waren, steevast op wagonladingen &lt;i&gt;likes&lt;/i&gt; konden rekenen. Op zich prima, maar daarbij werd niet altijd kritisch naar de inhoud van de stukken zelf gekeken, en de bijbehorende debatten vertonen soms vreemde kronkels.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Zeer duidelijk was dat te zien bij een &lt;a href=http://www.nrc.nl/komrij/2011/06/24/ja-zo-zijn-de-parasieten/&gt;&lt;b&gt;opiniestuk&lt;/a&gt;&lt;/b&gt; van &lt;a href=http://komrij.blogspot.com/&gt;&lt;b&gt;Gerrit Komrij&lt;/a&gt;&lt;/b&gt;. Dat stuk keert zich in Komrijs bekende virtuoze scheldstijl tegen het kabinet. Applaus alom natuurlijk. Maar niet iedereen gaf zich er rekening van dat het stuk onder het mom van protest vooral een afrekening met de literaire tijdschriften is.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

De literaire tijdschriften worden in de voorstellen van Zijlstra allemaal uit de staatsbegroting geschrapt omdat ze te weinig bereik zouden hebben. Komrij hierover:&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;

&lt;i&gt;Als ik de woorden ‘literaire tijdschriften’ hoor haal ik mijn wenkbrauwen op, zonder dat ik maar één seconde het triomfantelijke erop loshakken van deze politieke half-aap &lt;/i&gt;[Zijlstra, SV]&lt;i&gt; wens bij te vallen. &lt;/i&gt;[...]&lt;i&gt; Als literaire tijdschriften zo belangrijk waren, waarom heb ik er dan nooit van gehoord? Goede vraag, lieve lezer. U hebt nooit van literaire tijdschriften gehoord omdat ze al een tijdlang niet meer bestaan. Literaire tijdschriften zijn morsdood.&lt;/i&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Ik schreef daarop een reactie op Facebook die ik ook op de NRC-site plaatste maar (vermoedelijk wegens opmaakproblemen) niet werd gepubliceerd:&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;

&lt;i&gt;Gerrit Komrij heeft het best lastig, heden ten dage. Hij is zelf immers één van de retorische grootouders van het hedendaagse populisme. Komrij was misschien altijd grappiger, mogelijk minder apert abject, maar deel van dezelfde dynamiek: succesjes halen met het schelden op veronderstelde elites.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Dat kan. Maar daarom lukt het hem ook nu niet om ondubbelzinnig stelling tegen het populistische beleid te nemen. Dan krijg je speeches tegen de overheid waarin het toch nog even moet gaan over "kunstvarkentjes" die wellicht terecht geslacht worden. Dan krijg je aanvallen op de bezuinigingen waarbij er tegelijk naar de literaire tijdschriften moet worden gesneerd vanuit het veilige bolwerk van de krant.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Het sentiment in dit stuk kan iedereen op zich best navoelen: als er 100 instituten omvallen, kan ik er ook altijd wel 90 tussen aanwijzen die mij niet zoveel zeggen. Maar een politiek uitgangspunt zou toch iets dieper moeten liggen dan de toevallige eigen voorkeuren.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Echt problematisch wordt het als je Komrijs argumenten tegen de tijdschriften eens zou abstraheren. De tijdschriften zijn kennelijk sektarisch en marginaal en daarom is het niet erg als ze verdwijnen. Maar, hee, geldt dat niet toevallig ook voor al die productiehuizen, postacademische opleidingen, presentatieruimtes... die vele dozijnen instellingen die elk een klein publiek, tot duizend man zeg, trekken? Hupsakee, weg ermee! Nou, en dan heb je al zo ongeveer de agenda van Zijlstra. De meer prestigieuze instellingen worden immers netjes ontzien, toch? Er blijft een hoop kunst en cultuur over, toch? Komrij-Zijlstra: een minder grote stap dan het lijkt.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Jammer natuurlijk voor vele dozijnen maal tegen de duizend mensen en het werk waar zij voor staan. Dat wel.&lt;/i&gt; &lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;

&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp; &lt;b&gt;*&lt;/b&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Nu moet ik één ding toegeven. Het belangrijkste argument dat Komrij gebruikt tegen de papieren literaire tijdschriften verzwijg ik hierboven: het is het mediale argument. Dankzij internet zou het papieren tijdschrift achterhaald zijn en dat zou de belangrijkste reden zijn voor het “morsdood” zijn van de tijdschriften nu. Daarmee doet Komrij het voorkomen dat de tijdschriften niet meer gelezen worden. Maar dat is niet waar. Ja, ze hebben een klein bereik; maar ook: ja, ze worden gelezen. Geloof het of niet. Ik kan het weten. Ik ben zelf zo’n fossiel dat ze graag leest. Sinds een jaar of vijf nog maar. Ik vind er teksten die ik elders niet kan vinden, daarom. Zo simpel is het.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Maar het mediale argument heeft wel een air van plausibiliteit. Kunnen de tijdschriften niet veel beter, sneller, handiger, breder opereren op internet? Met meer “debat” en flitsendere polemieken en dergelijke? Waar meer lezers mee gewonnen kunnen worden? Dit lijkt ook de inzet te zijn van een nogal ik-zei-het-tocherig &lt;a href=http://www.tzum.info/2011/06/essay-literaire-tijdschriften-hebben-hun-eigen-ondergang-bewerkstelligd/&gt;&lt;b&gt;stukje op Tzum&lt;/a&gt;&lt;/b&gt; (“essay”, zeggen ze daar) van Bart Temme. Temme is bekend om een afstudeeronderzoek naar de tijdschriften waaruit zou blijken dat dezen hun functie in het bestel (die door Temme nauwkeurig gedefinieerd wordt) verloren hebben. In het Tzum-stuk stelt Temme zelfs dat de tijdschriften hun eigen ondergang hebben bewerkstelligd doordat ze zijn aanbevelingen om &lt;i&gt;en masse&lt;/i&gt; over te gaan op het nieuwe medium, internet, niet hebben opgevolgd.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

De vraagt dient zich aan: zou internetaanwezigheid de tijdschriften dan wel hebben gered van deze regering? Ik heb zo mijn vermoedens.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Voor de tendens van de bezuinigingen over de gehele linie is de veelgeroemde "vrije markt" op geen enkele manier criterium. Anders zouden instellingen als De Nederlandse Opera en dergelijke wel wat meer gekort zijn. Daarom kun je ook grote vragen stellen bij het belang van dat lezersbereik (dat ook niet per definitie groter is met een website: zoals iedereen een website kan bezoeken, kan iedereen net zo goed zo’n tijdschrift bestellen). Wat we met de presentatieruimtes, productiehuizen, postacademische opleidingsinstituten zien verdwijnen is een &lt;i&gt;functie&lt;/i&gt; van het artistieke bestel: R&amp;D, zeg maar, de vrijplaatsen van het artistieke denken. Daar past het schrappen van de literaire tijdschriften en de kunsttijdschriften naadloos in.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Om die reden is het vermengen van de discussie over de bezuinigingen met die over het “juiste” medium voor de tijdschriften ook zo onzuiver. Mogelijk zitten er elementen van waarde in Temmes kritiek, en wellicht zou, pak hem beet, &lt;a href=http://www.literairtijdschriftparmentier.nl/&gt;&lt;b&gt;Parmentier&lt;/a&gt;&lt;/b&gt; als zuivere webpublicatie heel goed kunnen gedijen. Maar de manier waarop die discussie over functie (die de echte politieke discussie is) steeds wordt verward met een discussie over media is storend.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Gek is het overigens niet dat Temme daar aan meedoet. De functies die hij aan het literaire tijdschrift toekent zijn betrekkelijk technocratisch van aard (wat logisch ook uit zijn verlangen voortvloeit om die functies vervolgens wetenschappelijk te kunnen "meten"). Maar vanuit dat perspectief is er geen zicht mogelijk op de ideologische strijd, die óók gaande is. &lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;

&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp; &lt;b&gt;*&lt;/b&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;


Tenslotte: een paar opvallende opvattingen van het tweetal.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Komrij omschrijft een literair tijdschrift als volgt:&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;

&lt;i&gt;Een literair tijdschrift, lezer, was een regelmatig, maar meestal onregelmatig verschijnende kruising tussen een vouwblad en een boek, waarin lezers die het lezen niet konden laten alvast kennis konden nemen van wat er op literair gebied stond te gebeuren, terwijl ze intussen geprikkeld werden met een mengelwerk van boze geluiden, lyriek en teksten waaraan vaak meer drift dan bezinning te pas kwam. In tijdschriften, daar gebeurde het. Daar kregen de polemicus, het aanstormende genie en de zwoeger die een langere rijping nodig had alle kansen.&lt;/i&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Die omschrijving komt best aardig overeen met die paar Nederlandstalige en buitenlandse tijdschriften die ik met enige regelmaat in de bus krijg. Nou ja, minus die afgezaagde schrijversromantiek misschien. Maar dat gaat meer over voorkeuren. Je kunt in elk geval met deze definitie niet zomaar concluderen dat het tijdschrift dood is.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Ook schrijft hij: “Literaire tijdschriften zijn na de tweede wereldoorlog nooit meer dan de aanhangwagens van de uitgevers geweest.” Dat schijnt op te gaan voor de meeste grote Nederlandse tijdschriften, maar het is niet waar voor de bladen die ik lees, die worden onafhankelijk van een uitgeverij uitgebracht.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

En Temme schrijft deze interessante alinea:&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;

De Revisor &lt;i&gt;is het tijdschrift dat het meeste gehoor heeft gegeven aan de oproep van het Nederlands Letterenfonds. De nieuwe redactie (Gustaaf Peek, Daan Stoffelsen, Jan van Mersbergen en Erik Lindner) zette een stap naar het internet. In januari van dit jaar toonde ik mij op dit weblog positief over deze ontwikkeling. We zijn nu een paar maanden later en de vreugde is stukken minder geworden. Er gebeurt soms weken niets op de website van &lt;/i&gt;De Revisor&lt;i&gt;. Dat is verdomde jammer, want juist door frequent bijdragen te publiceren vergroot je het publiekbereik. Ook is er geen sprake van literair debat op de site – dat is teleurstellend. &lt;/i&gt;De Revisor&lt;i&gt; was immers vroeger een belangrijke schakel in het literaire debat.&lt;/i&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Er wordt in de tijdschrift-versus-internet discussie meestal gedaan alsof het alleen maar om distributie gaat. Het internet is dan de betere manier om dezelfde tekstuele inhoud te verspreiden. Deze alinea toont aan dat er meer aan de hand is. Het brengen van literatuur op een website brengt kennelijk heel andere verplichtingen met zich mee. Elke week moet er iets “gebeuren”, en er moet “literair debat” zijn. Maar ik vind het wat tragere redactieproces met veel overleg en zo eigenlijk ook wel zijn charmes hebben. Het is hoe dan ook niet hetzelfde.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Dat van “het literaire debat” is natuurlijk omdat Temme dat nou net als functie van het tijdschrift had gedefinieerd. Maar als dat zich vertaalt naar het zinloos in cirkeltjes ronddraaien en de rancuneuze ruziezoekerij die op de meest “levendige” sites van het internet voor “literair debat” doorgaan, dan wil ik geen “literair debat”. Doe mij dan maar gewoon gelijk hebben.&lt;img src ="http://blogger.xs4all.nl/sqv/aggbug/663179.aspx" width = "1" height = "1" /&gt;</description></item><item><dc:creator>Samuel Vriezen</dc:creator><title>Kunstwereld, erken nu eindelijk uw vijand</title><link>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2011/06/14/661430.aspx</link><pubDate>Tue, 14 Jun 2011 01:11:00 GMT</pubDate><guid>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2011/06/14/661430.aspx</guid><wfw:comment>http://blogger.xs4all.nl/sqv/comments/661430.aspx</wfw:comment><comments>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2011/06/14/661430.aspx#Feedback</comments><slash:comments>1</slash:comments><wfw:commentRss>http://blogger.xs4all.nl/sqv/comments/commentRss/661430.aspx</wfw:commentRss><trackback:ping>http://blogger.xs4all.nl/sqv/services/trackbacks/661430.aspx</trackback:ping><description>&lt;i&gt;Onderstaande opinie heeft de afgelopen dagen gecirculeerd op &lt;a href=http://www.facebook.com/notes/samuel-vriezen/kunstwereld-erken-nu-eindelijk-uw-vijand/10150214949093070&gt;&lt;b&gt;Facebook&lt;/a&gt;&lt;/b&gt;; nu bij wijze van publiek archief op Vriezen Vindt...&lt;/i&gt;&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
Halbe Zijlstra gaat het advies van de Raad voor Cultuur over hoe te bezuinigen naast zich neerleggen. De kunstwereld zal er schande van spreken, en ze zal zich daarmee verder marginaliseren in het politieke proces. Beter zou ze Zijlstra het respect geven dat hij verdient: niet het respect dat een vriend of een grote geest toekomt, maar het respect dat je voor een echte vijand kunt opbrengen.&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
Nederland heeft een cultuur met een sterke hang naar overleg en consensus. We zijn gewend allemaal min of meer sociaal-liberaal te zijn, met een beetje conservatisme en een toefje religie waar nodig. In ons hart zijn we nog polderaars. Als er dus hard bezuinigd gaat worden op kunst, zijn wij als kunstenaars geneigd om een beroep te doen op de redelijkheid van de regering. We zijn bereid mee te denken in de hoop invloed uit te kunnen oefenen op het beleid en het te matigen. We kunnen maar niet geloven dat de rechtse helft van Nederland de samenwerking met de rest botweg heeft opgezegd.&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
De tragiek van de Raad voor Cultuur, en ook van het kunstsectoroverleg van de Tafel van Zes, is het verlies van een perfecte kans om te weigeren. De kunst wil, zoals alle maatschappelijke sectoren in Nederland, van oudsher meepraten aan de tafel van de grote jongens met de macht. De kunstwereld kent zichzelf nog nauwelijks anders dan als onderknuppel van de Staat. Door steeds in overleg te zijn gebleven houdt ze zich medeverantwoordelijkheid voor haar eigen inkapseling in het staatsbeleid, iets waar de kunst sowieso geen competentie in heeft, en iets dat de kunstwereld wezenlijke schade gaat toebrengen.&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
Men begrijpt niet dat Zijlstra de kunstsector kreupel wil slaan, om na de afstraffing alleen met een kleine hoeveelheid gerenommeerde instellingen over te blijven die des te makkelijker aan de leiband van de staat kunnen worden gehouden. Men ziet niet dat de afstraffing van de vrije kunsten tot de symbolisch meest belangrijke politieke daden van het huidige kabinet behoort. Men weigert de doelbewustheid te zien waarmee VVD en CDA een bloeiend cultureel bestel offeren op het altaar van het populisme, om een ver-gaande rechtse sociaal-economische agenda veilig te stellen.&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
Als Zijlstra nu die klap wil uitdelen, dan moet hem de eer gegund worden persoonlijk de bijl te hanteren. Zijlstra zelf begrijpt dat. Hij stelt zich openlijk op als de vijand die de kunstwereld niet heeft willen zien, en bewijst daarmee gewiekst eens te meer haar irrelevantie.&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
Wat te doen? Overleggen is duidelijk zinloos. Maar ook verzet tegen het beleid is zinloos: hoe groter het verzet uit de kunstwereld, hoe harder Zijlstra zich zal opstellen, omdat zulks “vastberadenheid” en “moed” (geile woorden voor managers) zal uitstralen. Wat nodig is, is het opbouwen van de eigen positie, van waaruit de tegenaanval kan worden ingezet. Dat begint met het besef van een eigen politiek van de kunst. En: met het erkennen van de vijand.&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
Laten we stellen: kunst bevordert de menselijke vrijheid van ervaren en handelen. En de vijand is iedereen die de ontplooiing van die vrijheid wil fnuiken. Op dit moment zijn de Nederlandse regering en allen die haar steunen dus zonder meer vijand. Laten wij niet meegaan met hun retoriek. Zij zeggen dat er een “cultuurverandering” nodig is en dat de kunst “onafhankelijker” moet worden. In de praktijk echter betekent dit het afschieten van bloeiende instellingen, zonder dat het minste perspectief geopend is op een alternatieve manier van opereren; en juist toenemend conformisme aan de Staat, en zijn markt-ideologie, bij al wat er overblijft. Trouwens, niemand gelooft serieus dat die markt nu plotseling 200 miljoen gaat ophoesten. Hier zit geen enkele goede bedoeling bij.&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
Een moeilijke waarheid voor wie de oude politiek gewend was, maar op dit moment zijn alle VVD’ers en alle CDA’ers vijand van de kunst. Het eerste dat kunstenaars zouden moeten doen is hierover duidelijk zijn. Iedereen kent wel een VVD’er die zich voor kunstvriend uitgeeft. Wij moeten deze mensen beleefd maar dwingend erop wijzen dat steun aan de regering en vriendschap voor de kunst niet samengaan. Het is vandaag het één of het ander.&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
Zij zullen proberen ons te verleiden, met ons “mee te denken” over hoe wij onder het nieuwe regime misschien kunnen overleven. Daarmee zullen zij ons enkel meer aan hen willen binden, en aan de willekeur van hun rechtse markt en mecenaat. Wij moeten daar niet intrappen. Wij moeten durven zeggen: Frits Bolkestein, als je dan zo van kunst houdt, zeg dan je VVD-lidmaatschap op, of je bent, wat de kunst aangaat, net zo’n ploert als de rest.&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
&lt;i&gt;Inmiddels zijn de plannen van Zijlstra bekend geworden. Topinstellingen worden gespaard, maar min of meer álle instellingen voor ontwikkeling, voor kleinschalig experiment en dergelijke worden niet langer gesteund. Het wordt moeilijk voor deze instellingen om andere geldbronnen te vinden op korte termijn. De meerderheid, zoniet alle, zullen verdwijnen: alle productiehuizen, vrijwel alle presentatieruimtes, alle beeldende kunst-tijdschriften, alle literaire tijdschriften. Op De Nederlandse Opera daarentegen wordt nauwelijks gekort. Dit terwijl DNO tot de zwaarst gesubsidiëerde instellingen behoort, die bovendien een publiek met meestal een hoog inkomen trekt.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Wat daar vooral zo schofterig aan is, is dat het kabinet-Rutte eerst nog heeft geprobeerd om te doen alsof de bezuinigingen op cultuur tot de maatregelen behoorden die vooral door de hogere inkomens in de portemonnee zou worden gevoeld. Leugens van liegende leugenaars. De juiste naam voor deze "bezuinigingen" is: ideologische zuivering van de staatscultuur.&lt;/i&gt;&lt;img src ="http://blogger.xs4all.nl/sqv/aggbug/661430.aspx" width = "1" height = "1" /&gt;</description></item><item><dc:creator>Samuel Vriezen</dc:creator><title>Een nieuwe publieke sfeer</title><link>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2011/05/22/658015.aspx</link><pubDate>Sun, 22 May 2011 17:28:00 GMT</pubDate><guid>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2011/05/22/658015.aspx</guid><wfw:comment>http://blogger.xs4all.nl/sqv/comments/658015.aspx</wfw:comment><comments>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2011/05/22/658015.aspx#Feedback</comments><slash:comments>7</slash:comments><wfw:commentRss>http://blogger.xs4all.nl/sqv/comments/commentRss/658015.aspx</wfw:commentRss><trackback:ping>http://blogger.xs4all.nl/sqv/services/trackbacks/658015.aspx</trackback:ping><description>&lt;i&gt;Het &lt;a href=http://earreader.nl/archives/280&gt;&lt;b&gt;Manifest voor een nieuw kunstbegrip&lt;/a&gt;&lt;/b&gt; heeft inmiddels veel weerklank gekregen, is in diverse debatten rond kunstpolitiek aangehaald, en was aanleiding voor een artikel in NRC over opkomend kunstenaarsprotest. Onderstaande tekst schreef ik als opiniebijdrage in een poging om in het kielzog van het Manifest het denken over een andere verhouding tussen kunst en politiek verder uit te werken.&lt;/i&gt;


&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;Enkele weken geleden kwamen vier componisten, waaronder ikzelf, bijeen om een manifest te schrijven over het kunstbegrip. We waren de beleidsmatige en marktgerichte stijl van het publieke kunstdebat spuugzat, en probeerden eens goed te verwoorden wat kunst volgens ons wél is. Ons &lt;i&gt;Manifest voor een nieuw kunstbegrip&lt;/i&gt; raakte een gevoelige snaar. Binnen zeer korte tijd kwamen er vele honderden positieve reacties en ondertekeningen. Een eerste stap naar een nieuw artistiek-politiek bewustzijn. En, zo hoop ik, zelfs naar nieuwe grondslagen voor een publieke sfeer, naar nieuwe mogelijkheden om weer politiek verantwoordelijk te worden voor het eigen leven en de wereld.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Het manifest richt zich niet op staatssubsidie en wijst het gebruik van kunst als sociaal beleidsinstrument af, maar tegelijk verzet het zich tegen elk idee van kunst als consumeerbaar product. Wat wij, kunstenaars, doen is weliswaar mogelijk omdat wij gesteund worden, door overheid, mecenas, markt, oud geld of een bijbaantje, maar is inhoudelijk niet tot zulke ondersteuning te herleiden. We maken eenvoudigweg geen kunst om er rijk van te worden, maar omdat wij denken dat kunst maken datgene is wat wij met ons leven moeten doen.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Lange tijd is die activiteit vanzelfsprekend opgevat als een bijdrage aan de publieke ruimte. Wat wij maakten verrijkte de burgers van het land. Waar wij, kunstenaars, in de middeleeuwen nog vooral voor adel en kerk werkten, werkten we in de burgerlijke tijd voor het publieke belang, voor de burgerij, voor de verheffing van arbeiders, voor de vele culturen van het land, voor de democratie. Wij dienden deze publieke sfeer soms met verbijsterende schoonheid en soms met onverteerbare weerbarstigheid. Maar dát wij deden wat wij deden werd algemeen begrepen als een publieke zaak.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Dit wordt niet langer voetstoots aangenomen. Maar dat ligt niet aan de kunst. De burgerlijke politieke cultuur zelf is in crisis. De laatste decennia werd het oude burgerlijke ideaal van een publieke sfeer, waarin alle burgers participeren en waarvan de staat de fundamenten onderhoudt, steeds verder uitgehold door neoliberale opvattingen die de complete publieke sfeer liefst morgen nog op marktplaats.nl zouden zetten. Uit “efficiëntieoverwegingen” vervangt de staat zichzelf door een schimmige parodie, die de verantwoordelijkheid voor het publieke in toenemende mate uitbesteedt aan allerhande quango’s en “marktpartijen” waar geen burgerorgaan nog enige serieuze zeggenschap over heeft.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Tegelijk worden burgers zelf onder dwang omgevormd tot “consumenten” en wordt hen verteld dat dat vrijheid is. Maar feitelijk krijgt de post-burgerlijke samenleving steeds meer een neo-feodaal karakter, met topmannen en grootaandeelhouders als nieuwe adel, en flexwerkende consumenten als nieuwe horigen. Machteloosheid regeert de burgers van ooit.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Bij dat proces horen aanvallen op de vertegenwoordigers van de oude burgerlijke orde. Voorheen eerbiedwaardige publieke instituten zoals kunst en wetenschap zijn hun autoriteit kwijtgeraakt, gereduceerd tot opinie en verstrooiing. Daarbij worden kunst en wetenschap graag als elitair aangevallen, alsof we nog in de middeleeuwen leven en uitsluitend voor adel en kerk werken, en niet voor algemeen gedeelde publieke belangen.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Dat verwijt van elitarisme steekt. Waarom? Omdat kunst en wetenschap juist fundamenteel egalitair zijn. Voor kunst en wetenschap is iedereen gelijk. Eenmaal bewezen is een wiskundige stelling voor iedereen waar, ook voor wie het bewijs niet doorgrondt. Net zo is de gedachte van een kunstwerk, eenmaal in de wereld, voor iedereen beschikbaar om zich toe te verhouden. Kunst neemt iedereen even serieus, ongeacht zijn of haar achtergrond. Natuurlijk, veel kunst heeft een klein bereik, maar dat heeft niets met elite te maken. Het komt juist doordat alle mensen dezelfde vrijheid hebben om verschillend op dezelfde werken te reageren.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Kunst is &lt;i&gt;egalitaire discipline&lt;/i&gt;. Iedereen kan zich erin verdiepen, en dan een grote ontwikkeling maken. Niet iedereen hoeft dat te doen. Maar de kunsten bieden iedereen de mogelijkheid van een wezenlijke vrijheid: om via gedisciplineerde toewijding verantwoordelijkheid te verwerven voor je manier van kijken, luisteren, handelen in de wereld – voor je leven. En die vrijheid staat open voor iedereen.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Ze is bovendien van een fundamentelere orde dan de “keuzevrijheid” van de consument, die geen vrijheid is, maar verveling. Daarom is op de voorwaarden van enkel het marktdenken geen kunst te maken. En, met het instorten van het burgerschapsidee en de uitverkoop van de staat, ook niet op de voorwaarden van de overheid, die niet meer van de markt te scheiden is.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Onvermijdelijk opereert de kunst middenin de marktstaat, maar ze is er wezenlijk van onafhankelijk. Dat is haar trots. Vanuit die trots biedt zij de vrijheid om anders in de wereld te staan dan als consument. Als de kunst met discipline trouw blijft aan haar onafhankelijkheid en haar egalitarisme, zal ze een vernieuwde verantwoordelijkheid mogelijk maken voor het eigen leven en de wereld. Iets wat in post-burgerlijke tijden de oude burgerzin vervangt. Een nieuwe publieke sfeer.&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;

&lt;i&gt;De tekst werd opgestuurd naar enkele kranten. Redacties reageerden over het algemeen zeer positief op de inhoud maar konden de tekst helaas niet plaatsen – in de woorden van een redacteur was de tekst "een mooi pleidooi, maar minder geschikt als opiniestuk", een interessante afwijzingsgrond voor een tekst die bedoeld is als bijdrage aan een publiek debat.&lt;/i&gt;&lt;img src ="http://blogger.xs4all.nl/sqv/aggbug/658015.aspx" width = "1" height = "1" /&gt;</description></item><item><dc:creator>Samuel Vriezen</dc:creator><title>"Manifest voor een nieuw kunstbegrip"</title><link>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2011/04/22/652122.aspx</link><pubDate>Fri, 22 Apr 2011 16:43:00 GMT</pubDate><guid>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2011/04/22/652122.aspx</guid><wfw:comment>http://blogger.xs4all.nl/sqv/comments/652122.aspx</wfw:comment><comments>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2011/04/22/652122.aspx#Feedback</comments><slash:comments>1</slash:comments><wfw:commentRss>http://blogger.xs4all.nl/sqv/comments/commentRss/652122.aspx</wfw:commentRss><trackback:ping>http://blogger.xs4all.nl/sqv/services/trackbacks/652122.aspx</trackback:ping><description>&lt;b&gt;&lt;i&gt;Wij, Nederlandse scheppende kunstenaars, nemen afstand van de kaping van het kunstbegrip door de beleidsmakers en kunstmanagers die beweren namens ons te spreken, zoals de “Tafel van Zes”. Met ongetwijfeld de beste bedoelingen spreekt deze managerselite een taal die intussen het kunstbegrip zelf steeds verder aantast en uitholt. Al jaren vergiftigt dit jargon het spreken over kunst in het publieke debat.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Niet alleen behoort deze taal inmiddels tot de ideologische grondslagen voor een volstrekt destructieve “hervorming” van het kunstleven door de huidige regering, bovenal vormt zij een regelrechte belediging voor onze beroepseer als kunstenaars. Op geen enkele manier weerspiegelt deze bloedeloze fraseologie van de “culturele sector” waar het bij kunst werkelijk om gaat.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Wij hebben ons leven in dienst van die kunst gesteld. Wij werken elke dag aan de verdere scherping van onze inzichten in onze artistieke discipline. De bestuurselite spreekt niet namens ons. Wij, kunstenaars, eisen de taal weer op.&lt;/b&gt;&lt;/i&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;

De volledige tekst van het manifest, met de ruim 300 oorspronkelijke ondertekenaars en een mogelijkheid om mede-ondertekenaar te worden, is nu te vinden op &lt;a href=http://earreader.nl/archives/280&gt;&lt;b&gt;The Ear Reader&lt;/a&gt;&lt;/b&gt;.&lt;img src ="http://blogger.xs4all.nl/sqv/aggbug/652122.aspx" width = "1" height = "1" /&gt;</description></item><item><dc:creator>Samuel Vriezen</dc:creator><title>Kambiz Roustayi</title><link>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2011/04/14/651034.aspx</link><pubDate>Thu, 14 Apr 2011 00:13:00 GMT</pubDate><guid>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2011/04/14/651034.aspx</guid><wfw:comment>http://blogger.xs4all.nl/sqv/comments/651034.aspx</wfw:comment><comments>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2011/04/14/651034.aspx#Feedback</comments><slash:comments>2</slash:comments><wfw:commentRss>http://blogger.xs4all.nl/sqv/comments/commentRss/651034.aspx</wfw:commentRss><trackback:ping>http://blogger.xs4all.nl/sqv/services/trackbacks/651034.aspx</trackback:ping><description>Een verwarde man&lt;br&gt;
brandt&lt;br&gt;
en geeft een licht&lt;br&gt;
dat het land niet wil zien.&lt;br&gt;&lt;br&gt;
 
Een verwarde man.&lt;br&gt;
Dat zegt de krant.&lt;br&gt;&lt;br&gt;
 
De regels zijn helder.&lt;br&gt;
Dat zegt de minister.&lt;br&gt;&lt;br&gt;
 
Een man&lt;br&gt;
die het land niet wil zien&lt;br&gt;
gaat op&lt;br&gt;
in zijn heldere licht.&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;


&lt;i&gt;Geschreven naar aanleiding van de zelfverbranding van Kambiz Roustayi, asielzoeker in Nederland. Voor meer reacties die op internet te vinden zijn, zie onder meer &lt;a href=http://hardhoofd.com/2011/04/11/zorgvuldige-procedures/&gt;&lt;b&gt;hard//hoofd&lt;/a&gt;&lt;/b&gt;, &lt;a href=http://www.joop.nl/opinies/detail/artikel/de_stem_van_kambiz_roustayi/&gt;&lt;b&gt;joop.nl&lt;/b&gt;&lt;/a&gt;, en dit &lt;a href=http://www.joostbaars.nl/berichten/ik-kambiz-roustayi/&gt;&lt;b&gt;gedicht&lt;/a&gt;&lt;/b&gt; van Joost Baars. En op Facebook: &lt;a href=http://www.facebook.com/photo.php?fbid=10150151733713693&amp;set=a.138710873692.111424.706548692&amp;type=1&amp;theater&gt;&lt;b&gt;Rozalie Hirs&lt;/b&gt;&lt;/a&gt;. Ik wil dat er nog veel, heel veel, oneindig veel stemmen bijkomen.&lt;/i&gt;&lt;img src ="http://blogger.xs4all.nl/sqv/aggbug/651034.aspx" width = "1" height = "1" /&gt;</description></item><item><dc:creator>Samuel Vriezen</dc:creator><title>Over Anna Tilroes Ja-sprong</title><link>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2010/11/28/631552.aspx</link><pubDate>Sun, 28 Nov 2010 01:37:00 GMT</pubDate><guid>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2010/11/28/631552.aspx</guid><wfw:comment>http://blogger.xs4all.nl/sqv/comments/631552.aspx</wfw:comment><comments>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2010/11/28/631552.aspx#Feedback</comments><slash:comments>4</slash:comments><wfw:commentRss>http://blogger.xs4all.nl/sqv/comments/commentRss/631552.aspx</wfw:commentRss><trackback:ping>http://blogger.xs4all.nl/sqv/services/trackbacks/631552.aspx</trackback:ping><description>&lt;i&gt;Afgelopen vrijdag, 26 november 2010, vond in Perdu een debat plaats rondom &lt;a href=http://www.google.com/search?hl=en&amp;source=hp&amp;q=anna+tilroe&amp;aq=f&amp;aqi=&amp;aql=&amp;oq=&amp;gs_rfai=&gt;&lt;b&gt;Anna Tilroes&lt;/a&gt;&lt;/b&gt; nieuwe pamflet, &lt;/i&gt;De Ja-sprong: Naar een nieuwe vitaliteit in de kunst&lt;i&gt;, haar kritische reflectie op het hedendaagse kunstbedrijf. In dat boek bespreekt zij de overheersende rol van de kunstmarkt, de invloed van die markt op de kunstinstituten, de rol die kunstenaars, curatoren en verzamelaars in deze constellatie spelen, en wat de kritiek en het museum zouden kunnen doen om tot de onafhankelijke waarde van de kunst weer te herstellen.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Het debat bestond uit een presentatie van Tilroe en referenties van &lt;a href=http://www.flexmens.org/drupal/?q=Bio_Merijn_Oudenampsen&gt;&lt;b&gt;Merijn Oudenampsen&lt;/a&gt;&lt;/b&gt;, &lt;a href=http://www.ny-web.be/archive/author/joost-de-bloois/&gt;&lt;b&gt;Joost de Bloois&lt;/a&gt;&lt;/b&gt;, &lt;a href=http://www.jonasstaal.nl/&gt;&lt;b&gt;Jonas Staal&lt;/a&gt;&lt;/b&gt; en mijzelf. Mijn tekst volgt hieronder.&lt;/i&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;


Toen ik De Ja-sprong van Anna Tilroe had gelezen dacht ik twee dingen.&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
Ten eerste: wat een zegen, dat ik werk in velden waar de markt zeer, zeer klein is. Ik ben dichter en componist, in beide gevallen werkzaam in betrekkelijk obscure uithoeken. En ter ondersteuning heb ik tal van nevenfuncties gehad: pianist, performer, redacteur, concertorganisator, essayist, criticus, curator. In zowel de poëzie als in de kamermuziek die me interesseert lijkt de markt een heel bescheiden factor. Wat niet wegneemt dat er ook hier sprake is van machtsverhoudingen en van een kunstpolitiek, natuurlijk. Maar ze werkt niet in de eerste plaats via een markt, via investeerders, via sheiks en foute kapitalisten die ik absoluut op mijn hand moet zien te krijgen. De belangrijkste politieke vraag waar ik steeds mee geconfronteerd wordt is: welke mensen ken ik die ik enthousiast kan krijgen om mee te doen aan een goed idee?&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
Mijn economie lijkt dus heel anders te werken dan de bijna totalitaire markteconomie van de kunstwereld zoals Anna Tilroe die schetst. &lt;a href=http://www.argotistonline.co.uk/Bernstein%20interview.htm&gt;&lt;b&gt;Charles Bernstein&lt;/a&gt;&lt;/b&gt;, een van de belangrijkste experimentele dichters en essayisten in de Verenigde Staten, beschrijft de economie van de poëzie als volgt:&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
&lt;i&gt;The economy of poetry is antipathetic to profit, it’s a “negative” economy. As James Sherry once remarked, if you take a sheet of plain white paper, perhaps it’s worth a penny, but if you write a poem on it, it’s worth nothing. It can no longer be sold. But, then again, that nothing is worth quite a lot. You’ve created negative value. Put a different way, that just shows that there are different kinds of economies and that poetry is an exchange economy.&lt;/i&gt;&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
Wat er geruild wordt is poëzie. Dichters leveren elkaar continu een negatieve waarde. En deze zeldzame, negatieve waarde gebruiken ze voor de fabricatie van objecten die vrijwel nooit grote beleggingswaarde gaan vertegenwoordigen. Ze richten bijvoorbeeld uitgeverijtjes op en tijdschriften en organiseren evenementen in lokale kroegen of theaters. Ze schrijven essays over elkaars werk, waarmee ze alleen maar meer negatieve waarde produceren.&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
Het belangrijkste punt voor mij is dat in mijn wereld productie, organisatie en receptie een nauwer circuit lijken te vormen dan in de wereld die Tilroe beschrijft. Veel dichters zijn op een bepaald moment van hun leven ook recensent of redacteur. Dat geldt ook voor de manier waarop ik mijn componeren steeds weer blijk aan te pakken. De stukken die ik schrijf vereisen vaak eigen vormen van organisatie van uitvoerenden of zijn specifiek gedacht voor alternatieve podia, waardoor ik met enige regelmaat weer opnieuw ensembles samenstel, zelf concerten organiseer of als uitvoerder optreed in eigen werk of dat van collega's.&lt;br&gt;
&lt;br&gt;&lt;br&gt;


&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp &lt;b&gt;*&lt;/b&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;
Het tweede wat me opviel aan &lt;i&gt;De Ja-sprong&lt;/i&gt; was de nadruk op interpretatie, op het verhaal van de kunst, als sleutel tot haar politieke werking. Kort gezegd geeft Tilroe een meeslepend portret van een door de markt beheerste kunstwereld, waarin marktwaarden en machtsposities bepalend zijn voor de waarde van de kunst. Om hier verzet tegen te kunnen bieden pleit Tilroe voor een hernieuwde inzet van met name critici en van de musea. Deze moeten de positie van de kunst versterken; de critici kunnen dat doen door "erop te wijzen dat goede kunst altijd in verband staat met morele vraagstukken, levensbeschouwing en verantwoordelijkheidsgevoel", en het museum door de kunst te voorzien van een rijke en dynamische discursieve context, een "voorraadkamer van verhalen, wachtend op vertellers die zich willen inleven in wat gelijk opgaat met hun eigen verhaal of eraan voorafgaat, om beter te begrijpen hoe het zover heeft kunnen komen." Als deze rollen weer vervuld worden dan zal de markt, volgens de laatste zin van het boekje, niet meer sturend maar volgend worden.&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
Dat is een optimistische gedachte waarvan de precieze uitwerking me eerlijk gezegd een beetje abstract is gebleven, waarschijnlijk omdat er niet nader op de morele positie van de kritiek en het museum &lt;i&gt;an sich&lt;/i&gt; wordt ingegaan of op morele posities überhaupt. Maar wat me nu het meest interesseert is hoe de politieke werking van de kunst, haar mogelijkheid om verzet te bieden tegen de markt, niet uit de kunstproductie zelf moet komen, maar uit de manier waarop de gemeenschap de kunst leert lezen (met dank aan criticus en museum). De politiek van de kunst gaat kennelijk niet via haar productie maar via hoe we haar decoderen. Anders gezegd: kunstpolitiek is hier geen politiek van presenties, maar van representaties.&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
Deze opvatting van politiek lijkt niet vreemd te zijn in de beeldende kunstwereld. Zo vond ik het intrigerend om een vergelijkbare opvatting van politiek tegen te komen bij Jonas Staal, die zich eerder in NRC tegen de kunstpolitieke opvattingen van Tilroe had gekeerd. In een &lt;a href=http://www.ideabooks.nl/title/24993/&gt;&lt;b&gt;gesprek&lt;/a&gt;&lt;/b&gt; met collega-kunstenaar Harmen de Hoop zegt Staal bijvoorbeeld: "Politiek gaat over de wijze waarop je je met je idealen verhoudt tot de wereld om je heen. Specifieker nog gaat het over de vraag hoe je je idealen ten opzichte van anderen &lt;i&gt;vertegenwoordigt&lt;/i&gt;. Voor mij is kunst het instrument voor die vertegenwoordiging. Om deze reden beschouw ik mijzelf als een politiek kunstenaar." [mijn cursivering, SV]&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
Ik vind dat opvallend, omdat in mijn opvatting de politieke processen beginnen  vooraf aan de representatie. Voor de representatie is er presentie. Voor de interpretatie is er al een groep, het begin van organisatie. Elke politieke geste houdt in dat je ergens voor gaat staan, maar dat betekent vooral ook dat je &lt;i&gt;ergens gaat staan&lt;/i&gt;. Politiek handelen is zeggen: Wij zijn hier en we zijn bereid.&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
Dat betekent ook dat ik andere nadrukken leg als het gaat om het politieke in de kunst. Van de kunst wil ik niet in de eerste plaats weten op welke manier ze speelt of breekt met verhalen en symbolen, maar hoe ze mensen organiseert, in beweging zet en samenbrengt. En dat laatste bedoel ik niet symbolisch, maar letterlijk; niet in een abstracte toekomst, maar hier en nu. Ik doe bijvoorbeeld op dit moment mee aan de lezing van de &lt;i&gt;One Million Years&lt;/i&gt;-boeken van On Kawara in het Stedelijk Museum, waar steeds twee mensen (een man en een vrouw) afwisselend een aantal totaal onbegrijpelijke jaartallen uit het verre verleden of de verre toekomst opleest. Ik beschouw dit als een politiek werk, maar het politieke heeft volgens mij nauwelijks iets te maken met enige vertegenwoordiging of verhaal. Het werk is immers nagenoeg betekenisloos, niemand weet waar die jaartallen voor staan of wat er toen is gebeurd, dan wel of de mensheid tegen die tijd nog bestaat. En toch is het oplezen een simpele vorm van speculatieve politiek. Op volstrekt toevallige gronden worden steeds twee mensen en wellicht enkele bezoekers samengebracht. Dat is één propositie, één van de vele mogelijke modellen voor menselijke coëxistentie. De representatieve betekenisloosheid van dit werk werkt zelfs als een weldadig geweld, die het paar juist de maximale vrijheid geeft om zich tot de absurde dwang van de situatie te verhouden. De politieke situatie van het lezen van On Kawara is maar kort werkzaam maar ze is in die tijd wel degelijk volkomen reëel, en zou wellicht zelfs een model kunnen vormen voor weer andere manieren waarop mensen zich kunnen organiseren.&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
Ik ervaar het lezen van die jaartallen met steeds een andere dame bovendien als iets muzikaals. En dat is niet gek, en wijst ook misschien op de achtergrond van het verschil tussen mijn opvatting van het politieke en de opvattingen die ik bij Tilroe en Staal lees. Immers, het maken van een concert is niets anders dan het organiseren van mensen. In mijn muziek interesseert weinig me zo sterk als het ontwerp van de gezamenlijke verantwoordelijkheden van de musici, en/of van het publiek. Wellicht gaat dit verschil terug op een diep verschil tussen de media. De beeldende kunst immers is geneigd te denken vanuit objecten, die zelf niks doen. Een gemeenschap daaromheen is uit de aard der zaak al snel een gemeenschap van omstanders die via interpretatie en kritiek zich verhouden tot het mysterieuze object. Terwijl de muziek, hoe vaak ze ook in formele termen wordt beschreven en geanalyseerd als "ding" (partituur, opname), in de eerste plaats het tonen van een samenwerking van mensen is die zich tegelijk en voor hetzelfde doel in hetzelfde vertrek bevinden.
&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;


&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp&amp;nbsp &lt;b&gt;*&lt;/b&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;
Iets wat ik minder bevredigend vond aan De Ja-sprong was wat het boek te zeggen heeft van het doen en het samenwerken van mensen binnen de kunstwereld. De analyse in termen van instituten die elk een eigen rol hebben en elk een eigen agenda houdt het beeld van de kunstwereld zeer gecompartimentaliseerd. Misschien is dat een soort onvermijdelijke vloek van de kunstwereld. Toch zou ik graag meer horen over de &lt;i&gt;samenhang&lt;/i&gt; die er is tussen productie van werken en de organisatie van een wereld daaromheen, in al of niet voorlopige instituten. Dat geldt óók voor de kritiek. Bij een kritiek die verhalen fabriceert voor de objecten die zogezegd op een totaal andere afdeling worden gemaakt kan ik me niet veel voorstellen als politieke kracht. Is het niet zinvoller om op zoek te gaan naar gemeenschappelijke agenda's van kunstenaars, organisatoren en critici? Welke organisatie is er voor de productie van een bepaalde artistieke waarde nodig? Dat lijken mij politieke basisvragen.&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
Tot slot, bij wijze van toepassing, een korte opmerking over het curatorschap. Tilroe schetst de toegenomen macht van de curator als gevolg van een democratisering die in de kunstproductie, en in de waardenproductie, zelf zou hebben plaatsgevonden: "De kunst heeft [...] een enorme vrijheid gekregen: alle stijlen, onderwerpen en culturele invloeden liggen open. [...] Maar zoals altijd bij grote bevrijdingen ontstaat er daarna een machtsvacuüm. Daarin is een nieuwe autoriteit opgedoken, de curator." De kunstenaar beschikt daarbij nog wel over een eigen macht, over een "toverstok" die de criticus niet heef en waarmee hij iets tot kunst kan maken, maar de criticus heeft wellicht een eigen "toverstok" waarmee kunst kan worden herkend. Welnu, een belangrijke tendens in de avant-garde is altijd de ontmythologisering van de toverstok van de kunstenaar geweest. Als dan op dit moment de "toverstok" van de curator het magische middel is dat de kunstwereld organiseert en de kunstmarkt faciliteert, is het dan niet tijd voor een radicale democratisering van het curatorschap? Laten we gewoon dit afspreken: zoals elke mens kunstenaar is, is vanaf vandaag elke kunstenaar curator.  &lt;img src ="http://blogger.xs4all.nl/sqv/aggbug/631552.aspx" width = "1" height = "1" /&gt;</description></item><item><dc:creator>Samuel Vriezen</dc:creator><title>Riemen en concerten</title><link>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2010/11/19/630684.aspx</link><pubDate>Fri, 19 Nov 2010 16:29:00 GMT</pubDate><guid>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2010/11/19/630684.aspx</guid><wfw:comment>http://blogger.xs4all.nl/sqv/comments/630684.aspx</wfw:comment><comments>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2010/11/19/630684.aspx#Feedback</comments><slash:comments>2</slash:comments><wfw:commentRss>http://blogger.xs4all.nl/sqv/comments/commentRss/630684.aspx</wfw:commentRss><trackback:ping>http://blogger.xs4all.nl/sqv/services/trackbacks/630684.aspx</trackback:ping><description>&lt;i&gt;We organiseren een antifascistische avond.&lt;br&gt;
De avond valt; hij is niet antifascistisch.&lt;/i&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;
- Tonnus Oosterhoff&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;


Nu op De Reactor: mijn &lt;a href=http://www.dereactor.org/home/detail/de_grote_glimmende_kiosk/&gt;&lt;b&gt;bespreking&lt;/a&gt;&lt;/b&gt; van het veelbesproken nieuwe boek van &lt;a href=http://www.robriemen.nl/&gt;&lt;b&gt;Rob Riemen&lt;/a&gt;&lt;/b&gt; over de eeuwige terugkeer van het fascisme (waar hij &lt;a href=http://3.bp.blogspot.com/_gzf4C-yXyq4/TN6wt_7_BrI/AAAAAAAADy4/0HhBxCy4rzs/s1600/Eric_Lucassen.jpg&gt;&lt;b&gt;Geert Wilders&lt;/a&gt;&lt;/b&gt; mee bedoelt). Waarin ik blijk met Riemens doel te sympathiseren maar de kracht van zijn stellingname te betwijfelen.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Niet antifascistisch, maar toch goed voor de ziel zijn de twee concerten die (alt-)violist &lt;a href=http://www.andrewnathanielmcintosh.com/&gt;&lt;b&gt;Andrew Nathaniel McIntosh&lt;/a&gt;&lt;/b&gt; de komende dagen in Amsterdam speelt.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Op zondag 21 november om 20:30 speelt hij samen met &lt;a href=http://www.danteboon.com&gt;&lt;b&gt;Dante Boon&lt;/a&gt;&lt;/b&gt; een recital in &lt;a href=http://www.pianola.nl/Pianola_Museum/Homepage.html&gt;&lt;b&gt;het Pianolamuseum&lt;/a&gt;&lt;/b&gt;, een van de fijnste culturele instellingen van Amsterdam, met werken van Cage, Feldman, Boon, Takemitsu, Menzies en Sabat - en van ondergetekende het korte &lt;i&gt;2 Suites&lt;/i&gt; uit 2004, een van mijn stukken waar ik het meest tevreden over ben en dat twee jaar terug in &lt;a href=http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2008/12/03/428467.aspx&gt;&lt;b&gt;New York&lt;/b&gt;&lt;/a&gt; gunstig werd ontvangen.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Op dinsdag 23 november om 20:30 vervolgt hij met een recital, in enkele stukken bijgestaan door violist Melinda Rice, in de immer nog niet ontruimde &lt;a href=http://www.schijnheilig.org&gt;&lt;b&gt;Galerie Schijnheilig&lt;/b&gt;&lt;/a&gt;, met werken van Xenakis, Berio, Johnson, Frey, Sabat, von Schweinitz, Wolff, Corral, McIntosh en Tholl. Ook niet antifascistisch, maar toch: &lt;i&gt;Eat that&lt;/i&gt;, &lt;a href=http://www.nytimes.com/2008/12/03/arts/music/03sequ.html&gt;&lt;b&gt;Van der Laan!&lt;/a&gt;&lt;/b&gt;&lt;img src ="http://blogger.xs4all.nl/sqv/aggbug/630684.aspx" width = "1" height = "1" /&gt;</description></item><item><dc:creator>Samuel Vriezen</dc:creator><title>Geachte burgemeester Van der Laan: open brief over de ontruiming van Schijnheilig</title><link>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2010/11/05/578972.aspx</link><pubDate>Fri, 05 Nov 2010 01:44:00 GMT</pubDate><guid>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2010/11/05/578972.aspx</guid><description>&lt;i&gt;Onderstaande open brief schreef ik ten behoeve van het gekraakte culturele centrum &lt;a href=http://www.schijnheilig.org&gt;&lt;b&gt;Schijnheilig&lt;/a&gt;&lt;/b&gt;. De Amsterdamse driehoek wil dit centrum aanstaande dinsdag ontruimen in verband met het uitvoeren van het kraakverbod. Reden tot zorg, zoals de brief uitlegt; Schijnheilig is namelijk een fantastisch initiatief en een zegen voor de stad.&lt;br&gt;&lt;br&gt;
Amsterdams beleid is om het ontruimen te beginnen met panden die overlast veroorzaken of die in gebruik waren op het moment dat ze gekraakt werden. Ik schreef de brief op een moment dat de overweging om Schijnheilig te ontruimen nog niet bekend was.&lt;/i&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;




Geachte burgemeester,&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
Zojuist heb ik kennis genomen van uw besluit het gekraakte culturele centrum Schijnheilig aanstaande dinsdag te ontruimen. Dit besluit verbaast en verontrust mij in hoge mate. Vanuit mijn gezichtspunt van professioneel scheppend en uitvoerend kunstenaar (componist, pianist, auteur) wil ik dit graag toelichten.&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
Verbazend is dat Schijnheilig kennelijk tot de prioriteitspanden behoort, en dus door u beschouwd wordt als een pand dat overlast veroorzaakt. Deze inschatting is volstrekt in strijd met mijn eigen ervaringen in het pand en met de groep mensen die het de afgelopen maanden gerund hebben. Ik heb zelden zo'n positieve sfeer meegemaakt in een cultuurinstituut als bij Schijnheilig. Nooit was er sprake van het minste spoor van agressie tijdens de vele bezoeken die ik het pand heb mogen brengen, en altijd trof me de zorgvuldigheid waarmee elke mogelijke overlast die bezoekers aan het pand zouden kunnen veroorzaken werd tegengegaan. Schijnheilig veroorzaakt niet meer overlast dan welke andere culturele instelling dan ook (inclusief het Concertgebouw, enzovoort) en zeker veel minder dan het gemiddelde café.&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
Verontrustend zijn de implicaties van de ontruiming voor het culturele leven in Amsterdam. Vrijplaatsen als Schijnheilig zijn onontbeerlijk als een stad een artistiek leven wil hebben dat niet compleet wordt doodgereguleerd door de procedures en criteria van kunstfondsen, dan wel door de procedures en eisen van de cultuurindustrie. Bij Schijnheilig is het mogelijk om evenementen te organiseren zonder dat daar eerst maandenlange verantwoordingstrajecten aan vooraf gaan. Als componist heb ik er risicovol werk kunnen presenteren voor een zeer geïnteresseerd en veelzijdig publiek, dat afwijkt van het gebruikelijke specialistische publiek voor hedendaagse concertmuziek. Dit biedt fantastische perspectieven voor het ontwikkelen van vernieuwend werk én van nieuw publiek. Ik heb dan ook plannen voor verdere concerten en experimentele workshops die specifiek toegesneden zijn op de mogelijkheden van Schijnheilig en nergens anders zo goed tot hun recht zouden komen.&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
Graag benadruk ik dan ook de uniciteit van Schijnheilig als podium. Andere, meer gespecialiseerde en professionele podia in Amsterdam missen eenvoudigweg de flexibiliteit die nodig is om projecten van een bepaalde soort tot bloei te brengen: projecten die tegelijk organisatorisch laagdrempelig, inhoudelijk onvoorspelbaar en kwalitatief hoogwaardig zijn. En in de "broedplaatsen", de van overheidswege georganiseerde vrijplaatsen die geacht worden het soort cultuur dat door de kraakscene is mogelijk gemaakt voort te zetten, zie ik nauwelijks iets gebeuren met vergelijkbare uitstraling. In de vele jaren dat ik concerten en evenementen heb georganiseerd ben ik nog nooit met een zo enthousiast en enthousiasmerend instituut mogen werken als Schijnheilig.&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
Dat dit volkomen vrije podium dreigt te verdwijnen juist op het moment dat de kunstensector een uiterst barre tijd tegemoet kan zien is niet minder dan een catastrofe. Precies als de overheid zich terugtrekt en het voortbestaan van de vrije kunsten niet langer wil garanderen zijn vrijplaatsen noodzakelijk voor het overleven van de artistieke impuls. Met de ontruiming van Schijnheilig zendt u als stedelijk bestuur dan ook pertinent de verkeerde boodschap, namelijk: "Amsterdam wil geen vrijplaatsen".&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
Welnu, dat is geen stad waar ik wil wonen. Voorzover ik Amsterdam begrijp als de meest vrije, creatieve stad van ons taalgebied en omstreken beschouw ik uw ontruimingsplan als fundamenteel anti-Amsterdams.&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
Onze stad heeft, nu meer dan ooit, initiatieven als Schijnheilig nodig. De ontruiming mag niet plaatsvinden. Ik reken op uw wijsheid.&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
Hoogachtend,&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
&lt;br&gt;
Samuel Vriezen&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;

&lt;i&gt;Inmiddels is op een commissiezitting van de gemeenteraad gebleken dat Van der Laan Schijnheilig wil ontruimen omdat er "lokaalvredebreuk" zou zijn geconstateerd. Van der Laan deed daarbij de suggestie dat deze constatering juridische waarde heeft, maar dat is incorrect - de "geconstateerde" lokaalvredebreuk betreft een onbewijsbare slag in de lucht van Justitie. Het is dan ook simpelweg &lt;a href=http://www.schijnheilig.org/2010/05/10/schijnheilig-bedreigd-met-ontruiming-voor-leegstand-2/&gt;&lt;b&gt;niet waar&lt;/b&gt;&lt;/a&gt;, reden waarom Justitie dit voorjaar deze aanklacht ook heeft moeten &lt;a href=http://www.schijnheilig.org/2010/05/20/rechtszaak-gaat-niet-door-ontruiming-van-de-baan/&gt;&lt;b&gt;laten vallen&lt;/a&gt;&lt;/b&gt;. Nu opeens verschijnt deze lokaalvredebreuk-leugen dus als stok om de hond mee te slaan.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Dat is nou het soort manoeuvres waardoor althans van deze burger het vertrouwen in de politiek niet toeneemt.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Teken &lt;a href=http://petities.nl/petitie/geen-ontruiming-voor-schijnheilig&gt;&lt;b&gt;hier&lt;/a&gt;&lt;/b&gt; de petitie tegen ontruiming.&lt;/i&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;
&lt;i&gt;Herplaatsing &amp; discussie over deze tekst op &lt;a href=http://sargasso.nl/archief/2010/11/07/geachte-burgemeester-van-der-laan-open-brief-over-de-ontruiming-van-schijnheilig/&gt;&lt;b&gt;Sargasso&lt;/a&gt;&lt;/b&gt;&lt;/i&gt;&lt;img src ="http://blogger.xs4all.nl/sqv/aggbug/578972.aspx" width = "1" height = "1" /&gt;</description></item><item><dc:creator>Samuel Vriezen</dc:creator><title>Besluiten te vertrouwen</title><link>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2010/10/21/576641.aspx</link><pubDate>Thu, 21 Oct 2010 18:16:00 GMT</pubDate><guid>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2010/10/21/576641.aspx</guid><wfw:comment>http://blogger.xs4all.nl/sqv/comments/576641.aspx</wfw:comment><comments>http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2010/10/21/576641.aspx#Feedback</comments><slash:comments>6</slash:comments><wfw:commentRss>http://blogger.xs4all.nl/sqv/comments/commentRss/576641.aspx</wfw:commentRss><trackback:ping>http://blogger.xs4all.nl/sqv/services/trackbacks/576641.aspx</trackback:ping><description>Mijn &lt;a href=http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2010/10/16/575979.aspx&gt;&lt;b&gt;Trouw-opiniestuk&lt;/a&gt;&lt;/b&gt; heeft een voor mijn doen zeer hoog aantal page-views opgeleverd, vooral dankzij Facebook, Twitter en &lt;a href=http://sargasso.nl/archief/2010/10/17/kunstenaars-uw-opdracht-is-niet-om-polderend-zoete-broodjes-te-bakken-met-een-verwerpelijke-regering/&gt;&lt;b&gt;Sargasso&lt;/a&gt;&lt;/b&gt;, wat me plezier doet.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Ook zijn er commentaren gekomen op &lt;a href=http://www.decontrabas.com/de_contrabas/2010/10/de-kunst-moet-iets-nu.html&gt;&lt;b&gt;De Contrabas&lt;/a&gt;&lt;/b&gt;. Zoals bij deze site wel vaker het geval is zijn deze commentaren minder welwillend, wat ik op zich geen probleem vind, hoewel ik me niet geroepen voel om elke sneer en elke interpretatie van een antwoord te voorzien. Maar op één verwijt dat Rutger Cornets de Groot mij vanuit de contrabas-comments maakt wil ik wel nog ingaan, namelijk dat ik aan volksverlakkerij zou doen:&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;

&lt;i&gt;Een derde punt heb ik hier al bij een eerdere gelegenheid genoemd: kunst is niet "uiteindelijk voor iedereen". Dat is volksverlakkerij. Dat kunst een linkse hobby zou zijn betwijfel ik ook, maar de kunst waar het hier over gaat is zeker wel een hobby van een elite. En dat moet vooral zo blijven. Géén "vergroting van de publieke ruimte" alsjeblieft; ik wil ook nog wel eens mezelf kunnen zijn. &lt;/i&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Waar het hier om gaat is om een verschil in uitgangspunten tussen Rutger en mij. Ik ga Rutgers opvatting dan ook niet weerleggen, maar wil wel dat verschil even aanstippen, om duidelijker te maken wat ik bedoel als ik zeg dat kunst er uiteindelijk voor iedereen is.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

De simpelste manier om duidelijk te maken wat ik bedoel is door naar mijn &lt;a href=http://www.xs4all.nl/~sqv&gt;&lt;b&gt;website&lt;/a&gt;&lt;/b&gt; te verwijzen. Ik heb daar een aantal composities en teksten van mij in uiteenlopende formaten beschikbaar gemaakt. Voor wie beschikbaar? Wel, voor iedereen. Als ik zeg dat mijn werk er voor iedereen is bedoel dat ik dat &lt;i&gt;in de eerste plaats&lt;/i&gt; op dit onnozele, uiterst letterlijke niveau - waar volgens mij geen speld tussen te krijgen valt.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Maar het is een &lt;i&gt;feit&lt;/i&gt; dat niet iedereen ter wereld mijn muziek ook beluistert. En dat is zelfs iets waar ik aan denk als ik iets maak: ik hou altijd rekening met de gelegenheid waar ik een stuk voor schrijf. Maar nadat zo'n stuk voor het eerst heeft geklonken betreedt het stuk stapje voor stapje het publieke domein, en het is niet aan mij om daar enige limiet aan te stellen. Uiteindelijk mag iedereen er naar luisteren. En omdat ik graag wil dat iedereen die daar behoefte aan heeft iets aan mijn stuk zal ontlenen, probeer ik ook bij het componeren zo min mogelijk de identiteit van mijn publiek als uitgangspunt te nemen. Ja, er &lt;i&gt;is&lt;/i&gt; een eerste publiek; maar de identiteit van dat eerste publiek vormt niet de limiet van mijn werk.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Dat mijn werk er voor iedereen is, is dan ook geen &lt;i&gt;feitelijke&lt;/i&gt; waarheid. Het is een &lt;i&gt;beslissing&lt;/i&gt;, die al bij het componeren een rol speelt. Een beslissing over welke aspecten van mijn publiek ik wel en welke ik niet probeer aan te spreken. Met het oog op potentiële verspreiding van mijn werk in de toekomst, als het lot van het werk steeds minder in mijn handen zal zijn. Ik schrijf voor iedereen, niet omdat ik beschik over een formule waar iedereen zich op magische wijze toe zal voelen aangetrokken, maar omdat ik iets voor heel de wereld beschikbaar wil maken, en iedereen is altijd uitgenodigd om zich ertoe te verhouden. "I write for myself and strangers," zegt Gertrude Stein.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

Dat mijn werk er voor iedereen is is dus een &lt;i&gt;beslissing&lt;/i&gt; over hoe ik over mensen die zich voor muziek interesseren wil denken. Die beslissing heeft dan nog een belangrijk gevolg: namelijk dat ik niet, zoals kunstenaars helaas maar al te vaak door &lt;a href=http://opinie.volkskrant.nl/artikel/show/id/6949/Werp_de_kunsten_terug_op_markt_en_mecenas&gt;&lt;b&gt;populistische demagogen&lt;/a&gt;&lt;/b&gt; in de schoenen wordt geschoven, schrijf om neer te kunnen kijken op het volk. Dat is een elitaire houding waar ik mijn positie niet in herken. In plaats daarvan besluit ik ervan uit te gaan dat iedere mens die daar behoefte aan heeft over het vermogen beschikt om mijn werk op een volwassen en zelfstandige manier tegemoet te treden.&lt;br&gt;&lt;br&gt;

De beslissing dat mijn werk voor iedereen is betekent een weigering van het elitarisme waar Rutger zo'n voorstander van is, maar het betekent óók de weigering van een didactisch ideaal van volksverheffing. Ik schrijf niet om te instrueren. Ik kan alleen maar vertrouwen hebben in wie wil luisteren. Het universalisme van de kunst is niets dan het besluit vertrouwen te hebben in mensen. Waar moet ik het anders van hebben?&lt;img src ="http://blogger.xs4all.nl/sqv/aggbug/576641.aspx" width = "1" height = "1" /&gt;</description></item></channel></rss>