Jeroen Mettes

Posted on Friday, September 22, 2006 6:47 PM
Wie de comments-stream van Poezienotities leest weet inmiddels dat Jeroen Mettes er niet meer is en dat de 'lege post' geen administratieve fout betreft. Het verlies voor de literaire wereld is oneindig want er is geen tweede van hem. En dan zwijg ik nog over het verlies voor wie hem persoonlijk gekend hebben.

Ik werd op de hoogte gesteld door Frans-Willem Korsten even voor half twaalf gisternacht. Onderstaande tekst schreef ik ongeveer tussen drie en vijf 'snachts, met laatste wijzigingen zojuist.



Het is onverteerbaar als een vriend plotseling overlijdt. Maar als het om iemand gaat die je als een vriend beschouwt, maar die je feitelijk nooit in levende lijve hebt leren kennen, komt daar nog iets afschuwelijks bij. De leegte die mensen ervaren bij een verlies wordt dubbel. Het sentiment van het verlies kan zich niet hechten aan een betekenisvolle herinnering, aan een karakteristiek gebaar, aan een stembuiging, of aan hoe iemand keek. Er zijn geen gedeelde herinneringen van een simpel samenzijn op een plek die een atmosfeer heeft, al is het maar de kantine van de faculteit.

Ik heb Jeroen Mettes nooit ontmoet. Hij was voor mij iemand van tekst. Op uitnodigingen om b.v. in Perdu iets te komen doen is hij nooit ingegaan. Hij heeft zulke uitnodigingen zelfs nooit geweigerd. Hij negeerde ze. En dat dat zo ging is nu wel erg onbevredigend.

Wel heb ik met Jeroen uitgebreide correspondenties gehad over poeticale kwesties en over de poezie zelf. Hoewel - ik tel uiteindelijk niet meer dan 21 mailtjes van hem in mijn inbox. Voorts is er een flinke hoeveelheid tekst verspreid nog over enkele blogs online te vinden.

Ik meende in Jeroen iemand getroffen te hebben die iets begreep van de poezie waar ik ook iets van wilde begrijpen. Of zo. Een medestander. Hij heeft mij ook absoluut geholpen door mijn werk te lezen en zich er voor in te zetten. Maar misschien moet ik toch zeggen een potentiele medestander, want ik heb nu vooral het gevoel dat we bij lange na niet genoeg ideeen hebben uitgewisseld om iets tot stand te brengen, om te leren articuleren waar we elkaar precies in konden vinden en waar onze interessen misschien juist verschillende kanten op zouden gaan. De strijd die we aan te gaan hadden binnen de nederlandse poezie was zelf eigenlijk niet eens begonnen. Graag had ik bijvoorbeeld t.z.t. een bloemlezing samengesteld met Jeroen, of iets in die trant. U weet wel, over tien jaar. Alle tijd toch? Het is niet eens ooit ter sprake gekomen.

Ik beschrijf weer hetzelfde gevoel merk ik. Er is iets heel belangrijks weg en ik weet niet goed genoeg wat.

Ik betrap mezelf er op dat ik me voorstel wat er allemaal zou zijn gebeurd als Jeroen nog zou doorleven. Dit is raar want Jeroen is op moment van typen nog geen 24 uur dood. Maar Jeroen had zo veel potentie, hij had zoveel kunnen bijdragen aan het begrip van poezie in nederland met zijn uitzonderlijke passie voor ambitieus experimenteel werk en voor fel politiek engagement. Iedereen die hem bezig zag zag die potentie. Er werd veel verwacht. Zou het te veel zijn geweest voor zijn gezondheid?

En Jeroen zag kennelijk in mij weer een potentiele medestander. Hij heeft me een paar gedichten opgestuurd. Dat deed hij duidelijk niet met gemak. Ik gaf hem commentaar op zijn publicatie in Parmentier, ik gaf mijn mening over een (onvoltooid gebleven?) werk dat volgens mij zeer veelbelovend was getiteld Poor Yorick Entertainment. Het laatste wat ik van hem toegestuurd kreeg - onverwacht en zonder enige uitleg - was een werk dat kennelijk N30 heet, of Hoofdstukken 2000-2005, een bijzonder uitgebreid werk. Ik heb nog steeds alleen maar er in gebladerd. Ik schreef hem terug dat het waarschijnlijk wel even zou duren voor ik er aan toe zou komen het te lezen, maar dat ik het wel zou doen, en dat het er in elk geval interessant uitzag. Ik vroeg hem of hij er plannen mee had, of hij aan iets anders bezig was. Er kwam geen antwoord.

Bladerend door het werk van de dichter Jeroen Mettes, een dik pak papier dat ik dus binnenkort maar eens nader ga bestuderen, heb ik alweer het gevoel dat mij iets is afgepakt dat ik nooit voldoende zal kunnen leren kennen.

Wat een energie en wat een visie moet je toch hebben om vijf jaar lang in het Nederlands een boek van 68620 woorden te schrijven in een stijl en vorm waar in ons taalgebied, naar mijn weten, totaal geen precedent voor bestaat. Expliciet verbindt de dichter zich in zijn nawoord aan een amerikaanse, meer specifiek californische traditie door het gebruik van de Silliman-term "New Sentence":



New Sentence Kiezen voor de non-sequitur als eenheid van compositie heeft als voordeel dat een abstracte compositie onder hoogspanning komt te staan van concrete, sociale verwijzingen. Waar een zin is, is altijd een wereld. (Dat geldt niet per se voor op zichzelf staande woorden.) En waar zinnen met elkaar botsen vindt zoiets plaats als een tekstuele wereldburgeroorlog. Het gaat er niet om wat dan ook te ‘ondermijnen’, of om de huidige planetaire strijd te beschrijven, maar sociaal (of zelfs: ontologisch) antagonisme – met al zijn catastrofale en utopische mogelijkheden – te schrijven. Geen representatie van de werkelijkheid, maar schrijven als maatschappelijke werkelijkheid.



en ook, als ik door de 30 hoofdstukken van non-sequiturs blader, kom ik overal die passie en energie tegen in de woorden zelf. Maar ook iets wat ik nog niet goed kan duiden, wat misschien te maken heeft met het persoonlijke? Op de plekken waar mijn blik willekeurig valt lees ik veel politieke en sociale woede, en een onstuimige intelligentie die zich door die woede geprikkeld voelt. De textuur is enigszins vergelijkbaar met de woedende veelstemmige teksten van Bruce Andrews, zij het, dat Mettes zelf meer op de voorgrond lijkt te treden als een van de stemmen, af en toe expliciet met volle naam. En dat klopt met wat hij in zijn voetnoot schrijft:



Commentaar van een schrijver op zijn eigen werk heeft altijd iets pijnlijks. Het is een teken van onzekerheid en gebrek aan vertrouwen in zijn publiek dat hij zelf zijn eerste lezer wil zijn. Hij is bovendien vaak zijn meest onzekere lezer, omdat het lezen van eigen werk altijd een aspect van revisie blijft behouden, of de mogelijkheid tot herschrijven in ieder geval nooit is uitgesloten. Ik ben onzeker en vertrouw niemand, maar wil u en mijzelf een gênant schouwspel besparen door deze opmerkingen zo kort mogelijk te houden.

N30 Dit werk is begonnen in de schaduw van de protesten tegen de Wereldhandelsorganisatie eind november 1999. ‘N30’ vormde voor mij de afsluiting van de jaren negentig, van mijn adolescentie en een schijnbaar totale uitdoving van sociaal verlangen. Ik was van het begin af aan sceptisch over de andersglobaliseringsbeweging als voorhoede van een nieuwe politiek, maar hier gebeurde iets. ‘Voor een ogenblik was er onschuld, een onderbreking van (het einde van) de geschiedenis.’ Misschien liet deze gebeurtenis niet zien dat, zoals de slogan luidt, ‘een andere wereld’ mogelijk is, maar ze duidde wat mij betreft op z’n minst aan dat die mogelijkheid überhaupt nog mogelijk was. Die naakte mogelijkheid zet zich voort. En als de grondtoon van dit werk meer wanhopig dan utopisch klinkt, dan komt dat niet per se door de reeks catastrofen die ons sinds 1999 steeds dieper in een rechtse nachtmerrie hebben gestort – een nachtmerrie waar het werk evengoed rekenschap van aflegt – maar omdat mijn hoop vooralsnog leeg blijft.



En weer de potentie. Ik vraag me nu al af wat voor teksten Jeroen zou gaan schrijven als de woede, niet zozeer over zou zijn gegaan, als wel meer zekerheid had kunnen vinden; wat er bij een voortschrijdend technisch zelfvertrouwen of een zich nog verder scherpend oor nog uit de tekst zou gaan opstijgen. De latere tekst "Poor Yorick Entertainment", waarvan ik dus niet weet of die als af moet worden gezien of niet, suggereerde voor mij in elk geval dat dat er wel aan zat te komen. Kort gezegd: ik heb het gevoel dat de belangrijke werken van een groot dichter zijn tegengehouden.

Ik moet niet al te definitief zijn - ik ga N30 natuurlijk nog lezen. Het ziet er voor mij al bij het bladeren als een werk van formaat uit. Maar ik kan zelfs niet precies zien of het werk af is, of dat de dichter het werk op een gegeven moment gewoon heeft opgegeven. Er staan redelijk wat "(...)"-en in. De manier waarop de tekst bij mij kwam was buitengewoon weinig informatief - de volledige tekst van het mailtje zegt "M'n oude "new sentence" epos." en dan dus zo'n .doc-bestand van krap 70000 woorden.

Ik had over al die dingen bijzonder graag nog heel wat van gedachten gewisseld met Jeroen. En dan niet alleen via e-mail. Poezie is een gevoelig onderwerp en voor zover ik er met hem over mailde, zeker als het om zijn poezie ging, voelde ik dat de opmerkingen die heen en weer gingen iets voorlopigs bleven houden, geinspireerde improvisatie zeker en met inhoud, maar ik dacht dat we er bij een ontmoeting die onvermijdelijk een keer zou plaatsvinden dan wel op de dingen die we schreven terug zouden komen en ze goed zouden uitdiepen. Wist ik veel dat er zo weinig tijd was. De mailtjes blijven zelfs op hun best vooral indicaties van iets dat eigenlijk nog helder moest gaan worden, beloftes van iets, iets geweldigs dat er soms al bijna was en dat uiteindelijk in de vorm van een essay naar voren zou kunnen komen in volkomen afgeronde scherpe formuleringen, of in een diep gesprek als een duidelijke verstandhouding.

Maar dat ontbreekt nu en zal altijd ontbreken en dat is volstrekt onacceptabel en zal altijd volstrekt onacceptabel blijven.



Feedback

# re: Jeroen Mettes

9/22/2006 8:34 PM by Martijn Benders

Ik hoor het nu dus via jou. Jammer, ik vond het een van de weinige lezenswaardige weblogs en elk intelligent mens op internet is met een vergrootglas te zoeken. Ik heb laatste tijd wel een soort aversie tegen weblogs ontwikkeld als fenomeen op zichzelf. Misschien een idee om groepsgewijs ofzo een tribute to Mettes te maken ik wil daar wel iets aan bijdragen...als het maar geen poezie is.

Martijn

# re: Jeroen Mettes

9/22/2006 9:45 PM by Yasco Horsman
Beste Samuel,

Frans-Willem, Sonja en ik konden vandaag geen postadres van je vinden om je een rouwkaart toe te sturen. Jeroen wordt dinsdag gecremeerd in rouwcentrum Ockenburg in Den Haag. Vanaf 14.15 is er gelegenheid om afscheid te nemen en om 15:00 start een korte herdenking. Mocht je tijd hebben, dan zouden we het fijn vinden als je kon komen.

Vriendelijke groet,

Yasco Horsman

# re: Jeroen Mettes

9/23/2006 11:14 AM by Martin van Kralingen
Bedankt voor je beeldende schets Samuel. Je geeft, denk ik, uitdrukking aan een gevoel van verlies dat je met veel, meest anonieme leden van een webgemeenschap deelt. Kennelijk is sprake van een nieuw fenomeen: rouw in verband met verlies van een mens die we menen te kennen, maar nooit hebben ontmoet. De mogelijkheid van die ontmoeting is daarbij, zo blijkt uit jouw woorden, een motiverende kracht in onze communicatie: 'we hebben het er binnenkort ongetwijfeld nog over...'

Mede door jouw notities is Jeroen meer dan een diginiem, meer dan een verzameling van reeksen 1-en en 0-en die in de cache van Google achterblijven en met de tijd uitdoven.

# re: Jeroen Mettes

9/23/2006 6:10 PM by Renée de Rijk
Je beschrijft het zo goed, Samuel: er is iets heel belangrijks weg. Dat gevoel heb ik ook. Wie nu te bedanken voor de youtubefilmpjes, de rake beschouwingen, de geuite woede over de bombardementen op Libanon. Te laat. En wat had er nog veel goeds kunnen gebeuren als jullie elkaar persoonlijk hadden ontmoet. Dank voor die mooie tekst.

# re: Jeroen Mettes

9/25/2006 3:03 AM by jeroen nieuwland
ja vreemd, om dit nieuws met een gevoel van verlies te ervaren. 'accept loss forever', schreef jack kerouac. maar soms duurt dat even. en wil je het niet. je wil het niet.

# Vriezen Kondigt Aan

5/6/2007 11:32 PM by Vriezen Vindt...

Post Comment

Title  
Name  
Url
Comment   

ATTENTION: the code you need to copy is CaSe SeNsItIvE and is required to prevent spam.
Enter the code you see: