Rolf Kühn - De avant-garde is tachtig jaar jong

Posted on Thursday, October 21, 2010 6:22 PM

Zijn onderlip is steeds gebarsten en geïrriteerd, daar waar tanden tegen de lip drukken om het mondstuk op zijn plaats te houden en de toon te zetten. Een leven lang heeft de klarinet zijn bestaan bepaald. Van de swing met Benny Goodman tot en met de avant-garde van Ornette Coleman. Het leven van Rolf Kühn is jazz en is altijd jazz geweest, in Duitsland, daarna in de USA en later opnieuw in Duitsland. Zijn vroege jeugd werd bepaald door het artiestenleven van zijn vader, een variétéartiest. Thuisbasis van het gezin was de tabakswinkel van zijn moeder. Tot in de Reichskristallnacht op 9 november 1938 het bestaan van het gezin kantelde.

 

 

De winkel werd verwoest, omdat moeder Kühn jodin was. De op dat moment negenjarige Rolf werd het verboden om nog onderwijs te volgen. Althans, officieel. Hans Berninger, de toenmalige eerste klarinettist van het Gewandhausorchester Leipzig bleef Rolf les geven. Om in het levensonderhoud van het gezin bij te dragen, ging Rolf geld verdienen met zijn klarinet. Hij speelde op begrafenissen, soms vier keer per dag. Thuis werd de situatie beklemmend, toen vader een verbod kreeg om nog op te treden en hij vervolgens naar een werkkamp werd gestuurd. Rolf was veertien jaar, toen zijn broer Joachim werd geboren. Enige maanden later kreeg de moeder de beruchte brief: zij diende zich te melden voor transport naar Theresienstadt. Het lukte vader Kühn deze afspraak op te schuiven tot april 1945. Toen werd Leipzig in eerste instantie door de Amerikanen bevrijd. De eerste clubs gaan open en met het entertainment komt de muziek: V-discs met de muziek van Benny Goodman en Artie Shaw.

 

De eerste dansconcerten leveren Kühn werk en contacten op. De optredens van Kurt Henkels dansorkest worden via de radio uitgezonden. De oprichting van de DDR brengt Rolf Kühn naar West-Berlijn, waar hij in 1954 Buddy de Franco ontmoet. Die moedigt hem aan naar New York te gaan. Ook brengt de Franco in urenlange sessies het nodige over de speltechniek en instrumentatie bij. In mei 1956 waagt hij de oversteek en wacht de eerste maanden op zijn vakbondskaart en de New Yorkse Cabaret Card. Die werkvergunningen krijgt hij pas na zes maanden. Drie maanden na aankomst is zijn spaargeld op. Hij ontmoet de Oostenrijkse pianist Friedrich Gulda, die hem in contact brengt met jazzpromotor John Hammond, de manager van Benny Goodman. John Hammond, stelt een kwartet samen en regelt de opname voor een lp. In de tekst op de hoes van de lp 'Streamline' vermeldt Hammond diep onder de indruk van het talent van Rolf Kühn te zijn. Kort daarop speelt Kühn in het orkest van Benny Goodman en heeft daarnaast optreden met zijn eigen kwartet. Een optreden op het Newport Jazz Festival en een tournee met de Birdland All Stars Of 1957 volgen.

 

Intussen leert Rolf Kühn de moderne jazz van dat moment kennen. Hij treedt met Cannonball Adderley op in de tv-uitzending Art Ford's Jazz Party en maakt in de roemruchte New Yorkse club The Five Spot kennis met de avant-garde muziek van Ornette Coleman. Hij wil zich verder oriënteren en plotseling ziet John Hammond geen brood meer in de jonge Duitser. In mei 1961 komt Rolf Kühn terug naar Duitsland. Na een kort oponthoud in West-Berlijn vestigt hij zich in Hamburg, waar hij een studie voor dirigent volgt bij Charles Mackerras. Tegelijkertijd begint hij met zijn broer Joachim een trio, waarin hij een vrijere koers dan swing en bebop voor ogen heeft. Het trio wordt uitgebreid en Nesehi Ertugun, de grote man achter de Amerikaanse Atlantic Records, neemt met hen in de Oost-Berlijnse studio EastBerlin 66 op. Bij de Berliner Jazz Tage 1966 is het optreden vanhet kwartet zo succesvol dat producer George Wein de groep uitnodigt voor het Newport Jazz Festival 1966 uitnodigt. Daar biedt de producer van het Impulse label, Bob Thiele hen een platencontract aan.

Terug in Europa toert Kühn met de German All Stars, waarin zo ongeveer de hele Duitse avant-garde van dat moment is vertegenwoordigd. Naast Friedrich Gulda zijn ook Albert Mangelsdorf, Manfred Schoof, en Gerd Dudek van de partij.

 

Voor het MPS label speelt hij in wisselende bezettingen, onder andere met Chick Corea, Henry Grimes en Tony Oxley.Naast muziek voor symfonisch orkest en jazzgroep dirigeert hij. Ook componeert hij muziek voor film en televisie. In 1995 was hij even terug bij de swing toen hij de lp Clarinet Connection met Eddie Daniels en Buddy de Franco opnam en in 1996 en in 1998 met deze formatie op tournee ging. Tussen 2000 en heden heeft Rolf Kühn zich met diverse projecten bezig gehouden, meestal met vormen van free jazz, soms ook in samenwerking met klassieke topsolisten als Sabine Meyer van het Trio Di Clarone. In 2003 verscheen een cd waarin de samenwerking van de gebroeders Kühn -steeds weer samen in projecten over een periode van bijna veertig jaar -prachtig uitgekristalliseerd gestalte kreeg. Het repertoire, onder andere met Misty, Like Someone in love, What is This Thing Called Love, The Man I Love, In Your Own Sweet Way, Easy Living, is voornamelijk standaard, maar de uitvoeringen zijn dat zeker niet. Het is een samenvatting van de muzikale ervaringen van beide broers, vrijmoedig, verrassend, springerig. Uit niets blijkt de inventiviteit en creativiteit met het ouder worden hebben moeten inboeten. Deze muziek is als zijn uitvoerenden:vernieuwend, zoekend en vooral heel vitaal.

 

Bijdrage: C.P. Vincentius www.cpvincentius.nl

Feedback

# Hans berninger | Fivedollarsbyt

4/8/2012 10:52 AM by Pingback/TrackBack
Hans berninger | Fivedollarsbyt

Post Comment

Title  
Name  
Url
Comment   

ATTENTION: the code you need to copy is CaSe SeNsItIvE and is required to prevent spam.
Enter the code you see: