Pianist Wolfgang Maiwald is van Duitse afkomst, maar muzikaal voor een belangrijk deel geschoold in Nederland, waar hij op het Hilversums muzieklyceum les kreeg van Henk Elkerbout en Rob Madna en cum laude afstudeerde. In 1989, nog in zijn Duitse jaren, won hij de eerste prijs voor jong talent tijdens de jazzcontest “Jugend Jazzt Niedersachsen”.

Maiwald toont zich op zijn zelf geproduceerde album Two Faces een degelijk pianist, die weet wat hij wil. Binnen het raamwerk van voornamelijk eigen composities zet hij samen met de goed volgende Bakker en Kesselaar de paden uit. Maiwald heeft een romantisch kleurenpalet, zowel in zijn thema’s als in zijn solo’s. Dit resulteert in een plaat die vrij makkelijk te consumeren is, en weinig eisen stelt aan de luisteraar. Het is aangename muziek om de dag mee te beginnen en een krantje bij te lezen. Nummers als The Riddle en Doorways neigen meer naar easy listening dan naar jazz. In Conduction, een van de zeldzame nummers op deze plaat met een echte swing-feel, verschuift de focus naar iets meer vrijheid van expressie, maar alles blijft ook hier uiterst beheerst.
Maiwalds muziek zou hiermee ook binnen het afzetgebied van het ECM-label een goed figuur slaan. Zijn gevoel voor harmonie doet denken aan een pianist als Lyle Mays – een voorkeur voor warme, vriendelijke akkoorden, of net beschaafd wringend, en veel straight eighths, liever dan rechtgeaarde swing.
Aan Maiwalds techniek en zijn kennis van de muziektheorie schort niets, maar wat meer zin voor avontuur zou geen kwaad kunnen. Al zijn thema’s komen me vaag bekend voor. Schrijf bij een van de langzame nummers een tekst, met nog iets van een bridge erbij, en je hebt een perfecte Amerikaanse popballad.
BRON: JazzPodium.com