In de gangen van Sonologie staan nog twee delen van een oeroud PDP15 computersysteem, genaamd Aagje en Betje. Het zijn twee apparaten die groter zijn dan een fruitmachine, uit de tijd dat een kilobyte aan geheugen nog een liter groot was. Ze staan er als relikwie, als statige menhirs, die vertellen dat sonologie een geschiedenis heeft, maar niet vertellen, je slechts laten gissen, wat voor muziek er toen klonk.
De PDP rekende met 18-bits getallen
Er doen veel mooie anekdotes de ronde over het programmeren van deze apparaten. Ik heb me al die tijd afgevraagd hoe dat geklonken heeft. Zojuist werd die vraag bevredigd, want ik vond op internet een werk dat gemaakt is op de PDP15. Treffend genoeg gaat het stuk over een hunebed, het grootste hunebed in Nederland. In het hunebed zijn geen resten gevonden van de gebuikers. We weten dus niet was ze leefden, noch hoe hun muziek klonk. In ieder geval niet zo Yars-Revenge-achtig als
"De Onbesuysde Steenhoop" van Kees van Prooijen.