Het lijkt alsof de verdachte gaat exploderen, zo ontzettend kwaad kijkt hij naar de officier van justitie.
Een half uur later schudt hij diezelfde officier de hand en verlaat hij met een tevreden glimlach de zittingszaal.
Vrijspraak.
Wat achterblijft is een politierechter met twijfels, de stevig balende officier van justitie en een vrouw op de publieke tribune die verslagen of vol ongeloof voor zich uit staart.
De man, Jamie, is vrijgesproken van schennis van de eerbaarheid.
In maart moest hij even naar de dokter. Als hij tegen half tien de wachtkamer binnenstapt, zit daar ook een klein meisje.
Zij speelt.
Jamie gaat zitten te wachten.
Na tien minuten komt de moeder van het meisje uit de behandelkamer en samen gaan ze weg, op de fiets naar huis.
Jamie is de volgende patiënt.
Niet lang daarna wordt hij gearresteerd.
Hij zou, luidt de verdenking, in die wachtkamer zijn piemel uit de broek hebben gehaald en zich hebben afgetrokken. In aanwezigheid van het meisje.
Jamie ontkent.
Het zal je gebeuren.
Even naar de huisarts en vervolgens als arrestant op het politiebureau omdat een meisje van vijf een raar verhaal heeft verteld.
Zeggen dat je dat niet hebt gedaan, dat je zoiets toch niet doet, heeft geen zin.
Omdat ze je niet geloven.
Op de fiets naar huis vertelt Karin aan haar moeder dat het een rare meneer was in de wachtkamer.
Eerst krabde hij aan zijn piemel.
Toen haalde hij zijn piemel uit de broek.
En toen ging die meneer met zijn vuist op en neer.
Nee, hij had niks gezegd.
Ontdaan doet de moeder aangifte.
Karin wordt verhoord in een speciale kinderverhoorstudio door een hiervoor opgeleide zedenrechercheur, getraind in het herkennen van verhalen die wel heel oprecht worden verteld, maar die toch niet echt zijn gebeurd.
Maar het verhaal van Karin kan wel eens waar zijn, is de conclusie.
Waarom zou een meisje van vijf zoiets vertellen, met details die meisjes van vijf helemaal nog niet kunnen weten?
Jamie zegt tegen de politierechter dat niet te weten.
Hij heeft wel een verhaal.
Het regende toen hij naar de dokter moest. Daarom deed hij in de wachtkamer zijn jas uit.
Zag toen tot zijn schrik dat de gulp kapot was, het rits-lipje zat vast aan de onderkant. Hij vond het gênant en dus zou en moest die rits dicht.
Daarom had hij de ene hand in zijn broek gestopt en probeerde de andere hand dat lipje omhoog te trekken.
De politierechter: U droeg geen onderbroek. Waarom niet?
Jamie: 'Dat was toen in de mode. Nu niet meer.'
Politierechter: U bent modebewust?
Jamie: 'Ik draag nu wel een onderbroek.'
De officier van justitie: 'Liegt u wel eens?'
Jamie: 'Uhh, jawel.'
Officier: 'Nu?'
Jamie: 'Nee.'
Officier: 'Dus het kind liegt?'
Jamie: 'Kunt u bewijzen dat ik lieg?'
Dit is ook het moment van de dreigende explosie.
Het zal je gebeuren dat ze je ook in de rechtszaal niet geloven.
Maar er is nog iets.
Jamie kwam in 1999 naar Nederland, nadat hij in zijn geboorteland Engeland was veroordeeld wegens ontucht met kinderen.
Hij vond hier een baan als kok in een populair restaurant in de Groninger binnenstad.
Tot ergens in 2004 ging het goed.
Toen werd hij veroordeeld wegens schennis.
En in oktober vorig jaar weer voor ontucht met kind.
Hij is in behandeling.
De officier van justitie is er klaar mee.
Zegt: 'Als er één plek is waar we ons veilig moeten kunnen voelen, is het wel de wachtkamer bij de dokter. Het verhaal van Karin is authentiek, haar gedrag later – angstig, weer plassen in bed – is herkenbaar in dit soort zedenzaken. En zijn verhaal, die rits, is merkwaardige kul.'
De officier zegt het liefst drie maanden gevangenisstraf, de maximale straf voor dit delict, te willen eisen.
'Maar dan gaat meneer in hoger beroep en dan zijn we twee, drie jaar verder voordat hij zijn straf moet uitzitten. Dat schiet niet op. Ik eis een straf die op de langere termijn beter is voor iedereen: drie maanden voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaar en verplicht toezicht van de reclassering. De behandeling kan dan worden voortgezet.'
Explosiegevaar geweken.
Nu de politierechter nog.
Zij zegt: Er is een verhaal van een kind van vijf dat wordt bevestigd door haar moeder. Aan de andere kant uw verhaal. U ontkent. Er is het herkenbaar gedrag van het meisje later. Maar dat zegt alleen de moeder, er is geen andere bron die dat bevestigt. En dan is er nog de mogelijkheid dat er, terwijl de moeder bij de dokter zat, en de verdachte nog niet in de wachtkamer, iemand anders binnen is geweest. De politie heeft dat niet onderzocht. Te veel twijfels. Dus vrijspraak.
De tolk tegen Jamie: 'Not guilty. Case closed.'
Hij staat op en loopt met uitgestoken hand naar de officier, vol ongeloof gadegeslagen door de verslagen moeder.
Rob Zijlstra