'Ik word hier tureluurs van', roept hoofdverdachte Boris (45) terwijl hij zijn beide armen in de lucht laat zwaaien. 'En ik wil naar huis.'
Vervolgens friemelt hij de bovenste knoopjes van zijn overhemd los. Zo kunnen de rechters het goed zien.
'Kijk dan, ik heb geen tatoeage in de hals of nek.'
Naast hem zit de 34-jarige Jennifer, zijn ex en ook verdachte.
Poging tot doodslag, had er op hun dagvaardingen gestaan.
Jennifer had tegen de reclasseringsmedewerker gezegd, dat ze het zo weer zou doen. Dat had die medewerker opgeschreven.
Boris had niet willen praten met de reclassering. Hij was die dag niet eens in Groningen. 'Dus ik kan het ook niet hebben gedaan.'
Die dag was 22 juli 2006.
Aan het einde van de middag was Micky van 11 jaar huilend thuisgekomen.
Een dikke Turk, zei hij tegen zijn moeder, had hem geslagen. Met een rol vuilniszakken op het hoofd. Omdat hij met zijn vriendje bij de Albert Heijn wat aan het dollen was.
Ze riepen voor de gein Turkse straatwoorden naar elkaar en die man dacht zeker dat ze het tegen hem hadden.
Wat helemaal niet zo was, huilde Micky.
Jennifer witheet.
Wie aan mijn kind komt, komt aan mij, zei het moederinstinct en op hoge poten begaf ze zich naar de vijver in het parkje waar de dikke Turk zou zitten.
Ze wilde verhaal halen, maar de man maakte met de drankfles in zijn hand een slaande beweging.
Toen sloeg ze hem met haar sleutels op zijn kop en dreunde haar vuist tegen zijn neus. Bloedneus.
Daarna gaf ze hem een duw waarop de dikke man in de vijver tuimelde.
Twee dagen later deed hij aangifte.
Aan de politie liet hij een klein wondje op de buik zien.
Hij was, nadat een rotjochie uit de buurt hem had uitgescholden, gestoken met een mes, zo gaf hij aan. Door de vader van dat joch.
Om zijn vege lijf te redden, was hij in de vijver gesprongen.
De politie kwam in actie, want steken met een mes tegen de buik, is zo een poging tot doodslag.
En daarmee een ernstige zaak.
Er werden allerlei getuigen gezocht en gehoord. De een had een vlindermes gezien van wel 20 centimeter, een ander niet, maar wel de vader van Micky met een tatoeage in de nek.
Getuige Bokma, die vaak in het parkje te vinden is en 'm wel lust, had de vader zelfs horen roepen: 'je hebt mijn zoontje geslagen en nu maak ik je dood.'
Boris: 'Ik was die dag in Amsterdam waar ik woon.'
Kortom, werk aan de winkel voor de drie rechters. Aan hen de taak om ter zitting de waarheid te vinden.
Mag je verwachten.
Maar om een of andere reden willen de rechters niets weten.
Ze stellen nauwelijks vragen.
In plaats daarvan leest de voorzitter van de rechtbank een uur lang voor uit de verklaringen die de politie uit de monden van getuigen heeft opgetekend.
Misschien hebben ze er nog niet veel zin in, zo kort na de vakantie.
Wel vragen de rechters aan Jennifer – terwijl Boris op dat moment tureluurs zit te zijn – of zij behoefte heeft aan een training zodat ze haar agressie wat beter kan beheersen. Jennifer: 'Ik ben helemaal niet agressief. Ze moeten alleen van mijn kinderen afblijven.'
De officier van justitie knikt.
Maar niet instemmend.
Zegt: 'Als mens, als ouder, kan ik me bij dit alles wel iets voorstellen. Maar als jurist zeg ik, 't mag niet.'
De aanklager ziet af van de ten laste gelegde poging tot doodslag. Alles overziend: 'Een eenvoudige mishandeling.'
Hij vraagt de rechtbank om Jennifer schuldig te verklaren, maar om haar geen straf op te leggen.
Haar advocaat zal later zeggen dat de aanklager het goed heeft gezien.
Rest Boris.
Was hij nou wel in dat parkje zoals Bokma en anderen beweren of thuis in Amsterdam, zoals ook twee getuigen hebben verklaard?
Zonder nadere uitleg zegt de officier van justitie dat hij geen cent geeft voor het Amsterdamse alibi.
Aan de andere kant is er een dossier waar de honden geen brood van lusten.
Dit laatste zegt hij niet, want zoiets zeggen officieren nooit, maar het is wel wat hij bedoelt.
Hij zegt namelijk: De politie heeft veel te oppervlakkig gerechercheerd. 'De getuigen die zijn gehoord, zijn onbetrouwbaar. We kunnen twijfelen aan het waarnemingsvermogen van Bokma die 'm wel lust. En ook wel twee. Ook heb ik mijn twijfels bij het proces-verbaal dat de politie heeft gebrouwen. Een paar steekwoorden uit het notitieboekje zijn verworden tot A-viertjes met prachtige volzinnen.'
Kortom: 'Er zit te veel lucht in het dossier en Boris heeft, zoals wij allen hebben kunnen zien, ook geen tatoeage in de nek. Ik vorder vrijspraak.'
De advocaat van Boris doet er nog een schepje bovenop.
De politie, zegt zij, heeft willens en wetens naar Boris toe gerechercheerd.
Kwalijk.
Opmerkelijk is ook dat hij nooit is aangehouden. Toen hij hoorde dat de politie hem zocht, heeft hij zich vrijwillig gemeld. Hij heeft een verklaring afgelegd ('ik was hier, in Amsterdam') en mocht toen weer gaan.
Dat we hier nu (ruim twee jaar nadat Micky huilend thuis was gekomen) bij de meervoudige strafkamer zitten voor een poging tot doodslag, wat niet niks is, is verbazingwekkend en heel raar.'
Misschien dat de rechters daarom zo sprakeloos waren?
Rob Zijlstra