Friday, March 21, 2008

Er zijn mensen die geen enkel vertrouwen (meer) hebben in de strafrechtspraak in Nederland.

Er is een groeiende groep (soms wel tot zeventig procent van ons allemaal) die van mening is dat politie en justitie corrupt zijn en rechters vooral onkundig en dwalend, met hun veel te lage straffen.

 

Ik geloof niet in corrupte, onkundige of dwalende magistraten en te lage straffen.

Dat is vandaag de dag een linke bekentenis.

Wie zoiets zegt, is vast en zeker zelf ook corrupt en zo niet, dan toch onkundig.

 

Donderdagochtend keek ik naar Stein, 18 jaar. Het is dat hij in 1989 is geboren, want 16 zou 'm niet misstaan.

Kinderhoofd nog.

 

Ik kijk naar zijn kikkergroene Nikes en bestudeer de figuren op zijn grijze jack. In een wolkje boven een soort Barbapapa staat fuck you, ik zie overal scheermesjes met blauwe druppeltjes en kerstbomen.

Heb geen idee.

 

Stein ook niet.

 

Rechters: Hoe haal je het in je hoofd om die mensen te beroven?

 

Stein weet het niet.

Het ontstaat gewoon, zoiets, zegt hij.

'Zomaar. We wouden het.'

 

Het begon met een vet (of strak?) plan.

Stein was Rian tegengekomen. Rian werkte bij Quick'n tasty, maaltijdbezorgers. Stein had daar ook gewerkt en wist nog wel dat bij een overval de regel is om geld direct af te geven.

Instructies van de baas.

Stein tegen Rian: 'Doen …?

 

En zo gebeurde het dat Rian niet lang daarna aan zijn baas vertelde dat hij was overvallen. De in scène gezette buil op de kop was het bewijs dat het menens was geweest.

Ze verdeelden de 210 euro.

 

Twee maanden later hing Stein met wat vrienden rond en weer was hij het die de best ingeving van de dag kreeg.

 

Tegen de rechters: 'We hadden honger."

Rechters (corrigerend): U had trek.

Stein: 'Ja, en geen geld.'

 

Ze zeiden rondhangend tegen elkaar dat wat Stein voorstelde, iemand beroven, echt wel leuk zou zijn.

En Stein wist ook wel iemand: iemand van Quick'n tasty.

Maar ditmaal niet voor de nep, nu echt.

 

Ze lieten een maaltijdbezorger naar een woning van een oude dame rijden in de Asterstraat in Groningen. De oude dame wist van niks en nog voordat de bezorger onraad kon ruiken, had hij de ploertendoder van Stein in de nek liggen.

De buit: vier milkshakes en een portemonnee met tweehonderd euro.

 

Stein tegen de rechters: 'Het gaat zo makkelijk, koeriers beroven.'

Rechters tegen Stein: 'Maar denkt u dan niet na? U bent zelf koerier geweest.'

Stein: 'Van te voren niet. Nu wel. Ik zit nu drie maanden vast en denk er de hele tijd aan.'

 

De rechters willen weten hoe Stein aan die ploertendoder is gekomen. Stein zegt dat hij dat ding via via heeft geregeld, maar een jaar geleden al.

Op de vraag waarom, zegt hij zomaar.

 

Drie dagen na de laatste overval werd een maaltijdbezorger nabij de Hora Siccamasingel in Groningen door Stein & Co. gepakt, ditmaal met capuchons over de hoofden en onder bedreiging van messen in de handen.

Ruim honderd euro viel hen ten deel.

 

Rechters: Het is toch niet normaal?

Stein: 'Zoiets komt in één keer in je op.'

Rechters: U denkt vooraf niet na, maar achteraf weer wel. Leg eens uit hoe dat kan.

Stein: 'Hoe bedoelt u dat?'

Het wordt hem te ingewikkeld.

 

Jongens als Stein zijn in zittingszaal 14 geen uitzonderingen, maar natuurlijk wel een beetje raar.

Niet zozeer vanwege dat maffe jack met scheermesjes en kerstboompjes, wel omdat jongens als Stein zomaar ineens gewapende overvallen plegen, terwijl ze daarvoor niet eerder met justitie in aanraking zijn geweest.

Dan is er iets.

 

Stein zegt dat hij straks iets wil gaan doen in de detailhandel.

Maar de oriëntatiepunten van justitie die horen bij wat hij heeft geflikt, wijzen in de richting van eerst zo'n dertig maanden celstraf.

 

Officieren van justitie zijn er doorgaans niet happig op om jonge, aanstormende criminelen naar de gevangenis te sturen. Dat is te gemakkelijk, zeggen de officieren dan.

 

De officier van justitie in deze zaak zegt: 'Ik heb sterk de indruk dat hij nog altijd niet beseft wat hij heeft gedaan, dat hij niet inziet dat wat hij heeft gedaan zeer ernstig is. Ik denk dat er iets aan de hand is met de ontwikkeling van het geweten.'

 

De officier van justitie eist daarom een nader onderzoek naar de persoonlijkheid van Stein. En pas als daar iets zinvols over is gezegd, kan een strafeis volgen. De rechters zeggen dat een goed idee te vinden, omdat zij ook al hun twijfels hadden.

 

Voorlopig is dat het einde van de strafzaak. Stein moet terug naar de gevangenis, waar hij het met zijn kinderhoofd niet leuk vindt tussen al die grote mannen.

 

Sommigen zullen nu roepen: 'Nou en. Dertig maanden maar? Zo weinig?'

 

In het strafrecht gaat het niet om veel.

 

Rob Zijlstra

 

posted @ 12:49 AM | Feedback (21)