Thursday, March 13, 2008

krantenbericht

Het is nooit één verhaal.

Ik zou kunnen beginnen met het verhaal van de vriendin van Hamdi.

Het is 30 april 2007.

De vriendin zet 's avonds even na half elf de televisie uit.

Ze wil weten of de sirenes die ze hoort echt zijn of van de film op de buis.

 

Het zijn echte sirenes.

Ze haalt de schouders op en gaat slapen. Tegen half twee die nacht klinkt de deurbel. Het is de politie met onheil.

Ze vraagt nog: 'Het is toch niet te erg?'

De agenten: 'Ja. Wel.'

 

Tegen de rechtbank zegt ze: 'Sindsdien leef ik zonder plezier.'

 

Ik kan dit verhaal ook bij Hamdi (dan 33) zelf laten beginnen.

Terwijl zijn vriendin televisie kijkt, rijdt hij in zijn Seat-auto langs het A.G. Wildervanckkanaal. Misschien wel heel vrolijk, want het gaat hem goed. Hij spreekt zelfs al een beetje Gronings.

Trots is hij vooral op zijn winkeltje dat hij onlangs in het centrum van Stadskanaal heeft geopend.

Of misschien dacht hij aan Kosovo. Hij droomt vaak van de dag dat zijn land onafhankelijk zal worden.

Dan ineens, half elf, een enorme klap.

En nog eentje.

Dan niks meer.

 

De broer van Hamdi schrijft namens de familie in een brief aan de rechtbank dat sinds de dood van Hamdi 'wij niet meer kunnen dansen en zingen'.

 

Maar ook Dick (27) heeft zijn verhaal. Hij is die ochtend van 30 april opgestaan, maar vraag hem nu niet hoe laat dat was. Dat weet hij niet meer.

Wel dat hij even na de middag de Koninginnemarkt is opgegaan, om naar de rommel te kijken.

Tussendoor drinkt hij bier.

Daarna gaat hij eten bij zijn ouders en dan terug naar huis om nog wat te slapen.

Tegen tien uur 's avonds maakt hij zich klaar om naar het nachtwerk in Sappemeer te gaan.

Naar de bakkerij.

 

De rechters vragen: Toen u in de auto stapte, voelde u zich toen dronken of aangeschoten?

Dick: 'Nee.'

 

Dick stapte in zijn Ford-auto en weet nog dat hij - zoals altijd daar langs het A.G. Wildervanckkanaal -  honderd reed.

Hij zegt ook te weten dat ze er met de weg bezig waren en dat er daarom een snelheidsbeperking van kracht was.

Van zeventig en daarna vijftig.

 

Geldt niet voor hem. Ineens zijn daar die rode lichtjes.

Te laat.

Zonder te remmen raakt hij de Seat-auto voor hem. Die schiet naar de linker weghelft en wordt daar aangereden door een tegemoetkomende Volkswagen.

Dick belandt rechts in de berm, trekt aan het stuur en schiet zo links het kanaal in.

 

Seat- en Volkswagenonderdelen veranderen het wegdek in een ravage. Even later klinken er sirenes van brandweerwagens en ambulances.

 

De rechters: Hoeveel had u die middag gedronken?

Dick: 'Ik weet het niet meer.'

 

De rechters: Zeven uur na het ongeluk is bloed van u afgenomen: 1,88 milligram alcohol per milliliter bloed. Dat is heel hoog en bijna vier keer hoger dan mag. Dat zouden wel eens zestien biertjes kunnen zijn.

Dick: 'Goed mogelijk, ik heb ze niet geteld.'

 

Hij vertelt dat hij die periode sowieso veel dronk. Wel vijf kratjes in de week. 'Zodra het kon, begon ik te drinken. Om te vergeten. Ik leefde in een roes.'

 

Rechters: Hoe dat zo?

Dick: 'Ik zat niet lekker in mijn vel. In 2004 is mijn zusje bij een verkeersongeluk om het leven gekomen. Ze was toen 19 jaar. Ze had mijn auto geleend.'

 

Rechters: En daarom dronk u?

Dick: 'Het is niet goed. Ik ben een binnenvetter. Sommige mensen hebben altijd pech. Een van die mensen ben ik.'

 

Rechters: Pech?

Dick: 'Het was een ongeluk, geen opzet. Ze mogen mijn kop er af slaan, maar Hamdi Mulaj komt daarmee niet terug.'

 

De officier van justitie zegt dat de verdachte roekeloos en zeer onvoorzichtig heeft gereden. En dat hij met die alcohol erbij bewust een onaanvaardbaar risico heeft genomen. Dat er dus straf moet volgen.

Dat de vriendin van Hamdi elke maand rouwbloemen legt op die nare rotplek, ook omdat Hamdi in Kosovo ligt begraven.

Dat de bestuurder van de Volkswagen een rugwervel brak en nooit weer de oude zal zijn.

Dat er geen passende straf bestaat die recht doet aan het onbeschrijfelijke leed. Dat in de straf ook iets van vergelding moet zitten.

 

Ze eist vier jaar gevangenisstraf, waarvan één jaar voorwaardelijk.

En daarna vijf jaar het rijbewijs kwijt.

 

Advocaat Hans Klopstra zegt dat de maatschappij 'dit' doorgaans ernstige delicten vindt en dat de advocatuur onderdeel is van de maatschappij. 'Daarom wil ik medeleven betuigen met de nabestaanden.'

 

Klopstra zegt vervolgens dat het op zich logisch is dat er forse straffen worden geëist, maar dat de eis die nu op tafel ligt in deze kwestie buiten alle proporties is. 'Ondanks de behoefte aan vergelding, moet ook rekening worden gehouden met het toekomstperspectief van verdachte. In de rust van deze zitting kunnen we zeggen dat Dick de verkeerde keuzes heeft gemaakt. Maar de praktijk is weerbarstiger.'

 

Het voorhoofd van Dick ligt nu bijna op het tafelblad. Daaronder trillende benen.

Achter hem, op de volle publieke tribune van zittingszaal 14, wordt gehuild en gesnotterd.

Zo had ik ook kunnen beginnen.

 

Rob Zijlstra

 

 

UPDATE - uitspraak - 27 maart 2008

Dick is veroordeeld tot vier onvoorwaardelijke jaren gevangenisstraf. Dat is een jaar hoger dan de eis. Daarnaast een ontzegging van de rijbevoegdheid voor een periode van vijf jaar (ingaande na detentie).  

posted @ 9:56 PM | Feedback (33)