Thursday, January 17, 2008

Begin van de week.

 

Een Groninger drugsdealer moet zich in zittingszaal 14 verantwoorden.

Acht maanden lang – zegt hij zelf – verkocht hij per maand 100 gram cocaïne en 100 gram heroïne, met tien euro winst per gram.

Een informant verlinkte hem en de politie was niks verbaasd. In 1993, in 1998 en in 2000 was de 51-jarige Leo ook al eens ontmaskerd als drugsdealer en dat had hem vele jaren in de gevangenis doen belanden.

 

Leo vindt het nu welletjes en zichzelf te oud om zijn drugscarrière voort te zetten. Hij wil iets voor de samenleving terugdoen: hij wil hulpverlener worden, zonder salaris als dat niet anders kan.

De officier van justitie knikt instemmend.

Als Leo zijn 16.000 euro drugswinst afdraagt aan de Staat, kan worden volstaan met een werkstraf van netto 200 uur.

 

Donderdagochtend.

 

Er zit, op dezelfde stoel, een andere Groninger drugsdealer in de zaal, ook verlinkt via de centrale inlichtingen eenheid (cie) van regiopolitie.

Hooguit twee jaar – zegt hij - heeft hij per maand gemiddeld dertig gram drugs verkocht, cocaïne vooral.

Hij kocht onversneden in voor 25 tot 30 euro per gram en verkocht – versneden met manitol –een halve gram voor 25, een gram voor 40 en anderhalf voor 50 euro.

 

Siko, 31 jaar en niet eerder veroordeeld vanwege de drugs, spreekt van een foutje, van spijt en zegt dat hij genezen is en nu gewoon eerlijk wil werken.

Beweert: 'Geld maakt toch niet gelukkig.'

Hij mag van de officier van justitie 21.900 euro afdragen.

En netto dertig maanden de gevangenis in.

 

Het is verleidelijk strafzaken met elkaar te vergelijken om je vervolgens te verwonderen over de verschillen in uitkomst.

Ik hoor wel eens vragen, rechtbankverslaggever, hoe kan zoiets nou, leg dat uit!

Ik zeg dan dat dat heel lastig is, dat vergelijkingen meestal mank gaan.

 

Donderdagmiddag.

 

Paul en Petra, beide 19 jaar, staan terecht voor een serie brandstichtingen in Stadskanaal. Ze hebben tientallen coniferen in brand gestoken.

 

De rechter zegt: Je kunt wel zeggen, ach een conifeer…, maar het verwijt dat jullie wordt gemaakt is niet kinderachtig. Toch?

Paul en Petra knikken: nee niet kinderachtig.

 

Rechter: waarom?

Petra: 'Het is op de een of andere manier begonnen. We wouden een keertje of zo. We waren het nooit gelijk van plan, weet je wel. Het was meer uit spontanigheid.'

Paul: 'We liep daar langs, zeg maar. Toen gebeurde het gewoon, 'k weet niet.'

 

Rechter: hoe vaak?

Petra: '27 keer.'

Paul: 'Nog wel meer denk ik.'

 

Stadskanaal werd in 2006 maandenlang geteisterd door brandende coniferen. De politie deed langdurig en intensief onderzoek. Want ach, het mochten dan maar coniferen zijn, die bomen stonden wel altijd akelig dicht naast woningen en die krengen brandden als fakkels.

Vaak sloegen de vlammen tegen de daken en altijd moest de brandweer uitrukken en blussen.

 

Er was, zegt de officier van justitie, steeds 'gemeen gevaar voor goederen en/of levensgevaar voor personen te duchten'.

Anders gezegd: er hadden doden kunnen vallen, toen in Stadskanaal.

 

Petra: 'Ja, best wel. Daarom zijn we ook gestopt. Het werd te gevaarlijk. We zeiden, straks gebeurt er wel wat of zo.'

 

Paul: 't Zelfde. Te gevaarlijk. Kwoutgewoonniemeer.'

 

Een week na dit inzicht haalde Stadskanaal opgelucht adem. De coniferenpyromanen waren na maanden eindelijk opgepakt.

 

Paul en Petra hebben los van elkaar een leven met weinig vrolijkheid achter zich.

 

Paul dronk zich lange tijd alleen maar suf en blowde. Hij vindt het niet eenvoudig om alles wat er om hem heen gebeurt, te snappen.

Het gaat nu iets beter.

Hij heeft eigen woonruimte, zijn vriendin van 17 is al zwanger en komt straks bij hem inwonen.

En hij kan aan 't werk. Schoffelen in de groenvoorziening.

Rechter: 'Mooi werk, schoffelen?

Paul: 'Ja.'

 

Petra, zeggen de deskundigen, mag dan ook 19 zijn, eigenlijk is ze een beginnende puber van twaalf. Een strakke begeleiding is een noodzaak. De reclasseringsmevrouw: 'Ze moet nog een stukje volwassenheid krijgen. Een stukje stok achter de deur zou daarbij goed zijn.'

 

De officier van justitie rept nogmaals van een reëel risico op doden, van heftige, zeer ernstige feiten die lange gevangenisstraffen rechtvaardigen.

 

Aan de andere kant, beide licht verminderd toerekeningsvatbaar, Petra eigenlijk nog een kind, Paul een zwangere vriendin met zicht op werk. Al met al: zes maanden voorwaardelijke gevangenisstraf (het stukje stok), reclasseringstoezicht en beide een werkstraf van 200 uur bij wijze van douw. Hierbij heeft justitie voor Petra het minderjarigenstrafrecht toegepast.

 

Iemand zei: 'Rechtbankverslaggever, jij hebt mooi mazzel. Het proces van de eeuw zal in 2008 in Groningen dienen. Heel de Nederlandse pers zal er zijn.'

Hoezo?

'De pyromaan van 't Zandt.'

 

Manke vergelijking.

Of juist niet?

 

Rob Zijlstra

 

 

UPDATE - uitspraken - 31 januari 2008

Leo komt goed weg. Hij moet 200 uur werken. Zijn drugswinst wordt geschat op ruim 23.000 euro. Het bedrag dat hij moet terugbetalen is gewaardeerd op nihil. Niks dus.

Siko heeft pech. Een gevangenisstraf van dertig maanden waarvan zes voorwaardelijk. Daarnaast mag hij - hij wel - zijn winst inleveren: 21.900 euro.

Paul is niet medeplichting, maar medepleger: 197 dagen waarvan 180 voorwaardelijk en een taakstraf van 150 uur.

Petra: 332 dagen waarvan 180 voorwaardelijk een een taakstraf van 200 uur, dit volgens het jeugdstrafrecht.

  

posted @ 10:38 PM | Feedback (18)