Een enkele keer vraag ik mij, na een lange zit in zittingszaal 14, af: hoe vertaal je zo’n zit nou in één verhaal?
Het was een niet heel opzienbare zittingsdag geweest.
Ik hoorde tegen zeven verdachten ruim vijf jaren gevangenisstraf en 240 uren taakstraf eisen en er was een ontnemingvordering.
Het ging over vlees, over zout, een meningsverschil, over Arend en over een Duitser die drie dagen en nachten in Groningen feest wilde vieren, maar dat niet deed.
Albert (43) begint.
Hij vindt het na twintig verslavingsjaren welletjes.
Hij gaat naar Albert Heijn om een traject in gang te zetten: hij jat vlees en laat zich arresteren. Hij wil graag twee jaar worden opgesloten.
’Mijn laatste redmiddel.’
Beetje apart is het wel, zeiden ze bij de reclassering.
Nog nooit meegemaakt, zeggen de rechters.
De officier van justitie doet niet flauw: twee jaar.
Na het vlees komt het zout.
Dirkje (42), Tiddo (48) en Klaas (30) rijden in Musselkanaal de fietsende Eddie klem, waarna Klaas hem flink toetakelt.
Aftakelt, zegt de rechter.
Vervolgens wordt Eddie in de kofferbak gekieperd.
Het zit zo: Ene Ruud is al jaren heel boos op Klaas en of op Eddie. Een van die twee zou vijf jaar geleden zout in het motorblok van zijn raceauto hebben gestrooid. Klaas dacht, als ik Eddie als dader van die sabotageactie aflever bij de immer boze Ruud en alvast enig voorwerk verricht, dan heb ik niks meer te vrezen.
Het loopt anders.
Ruud levert de gebutste Eddie af bij de dokter, treft met hem een afbetalingsregeling en Klaas heeft vernomen dat hij alsnog te grazen wordt genomen.
Hij wil verhuizen naar elders en ver weg.
Klaas hoort twaalf maanden cel eisen.
Mark is op klompen naar de rechtbank gekomen.
Justitie wil 75.074 euro en 40 eurocent van hem hebben. Dat is de winst die Mark zou hebben geboekt met zijn ontdekte nederwietkwekerij.
Mark zit dat niet zitten. Hij heeft torenhoge schulden bij foute vrienden van wie hij de namen niet wil noemen, want hij kijkt wel uit.
Zijn winstberekening: 6.405 euro en 53 cent.
Dat scheelt nogal, helemaal als je niet draagkrachtig bent, zegt hij.
De officier is niet gevoelig. ’U bent nog maar 35 jaar en dan kan die draagkracht best nog wel komen.’
Arend (38) verschijnt na de lunch.
In juni was hij er ook al en vertelde toen een van de meest bizarre verhalen die ik ooit in zittingszaal 14 optekende.
Arend is in de war en vreest dat de keuringsarts hem genezen zal verklaren.
Hij ziet maar een oplossing: hij steelt in Sappemeer een auto, rijdt naar Sarajevo waar hij in een café een vuurwapen denkt te kopen. Voor als die keuringsarts het in zijn hoofd haalt…
De volgende dag ontdekt Arend dat hij in het vuurwapencafé is belazerd. Hij gaat verhaal halen en wordt op straat neergeschoten.
In juni werd zijn zaak aangehouden.
Arend, nu: ’Het gaat een stuk beter.’ Hij wil wel graag een behandeling, maar niet in een kliniek. Hij wil hoe dan ook thuis slapen, ook al omdat hij onlangs een klein hondje heeft gekocht.
De officier eist een gevangenisstraf van 360 dagen waarvan 105 voorwaardelijk. Wat resteert is de tijd die Arend in voorarrest (waarvan drie maanden in Sarajevo) heeft gezeten.
De reclassering moet hem een beetje in de gaten houden.
Stefan (36) uit Bremen sluit af. Met een vriend is hij naar Groningen gekomen om drie dagen en nachten feest te vieren.
Ze hebben geen geld.
Om toch te kunnen vieren, slenteren ze door de stad, op zoek naar lege flessen die ze willen inleveren.
Op de eerste feestavond lopen ze door de Munnekeholm. Een fietser passeert. Die voelt ineens hevige pijn aan het hoofd. Veel bloed. Het slachtoffer wordt met een ambulance naar het ziekenhuis gebracht waar de hersenvliezen in laagjes worden gehecht.
De fietser is met een lege fles op het hoofd geslagen.
Aan de hand van het signalement worden Stefan en vriend aangehouden.
Een getuige herkent Stefan en zijn legercamouflagepak dat hij die avond droeg. Ook het slachtoffer herkent hem en de vriend biedt excuses aan.
De rechters: 'Excuses voor wat?'
Stefan haalt de schouders op en steekt zijn beide armen een beetje omhoog.
Hij ontkent via zijn tolk. ’Ik was het niet.’
De officier van justitie: ’Hij speelt de vermoorde onschuld.’
Stefan: ’Loopt half Groningen niet in legerkleding?’
Nee, zegt de officier.
Stefan: ’Ich war es nicht.’
Tolk: ’Ik heb het niet gedaan.’
Stefan: ’Ich…’
Tolk: ’Ik heb kinderen en een huis dat ik nu dreig kwijt te raken, ik zit al negentig dagen vast.’
De officier: ’Vijftien maanden gevangenisstraf.’
Stefan: ’Pfff. Scheissedreck!’
Tolk: ’Uuh…, hij gebruikt een krachtterm.’
Rob Zijlstra
UPDATE - uitspraken - 29 novemberr 2007
Albert mag twee jaar naar de ISD-afdeling in de Grittenborgh in Hoogeveen.
Het vonnis van Klaas: 12 maanden waarvan 6 voorwaardelijk en een leerstraf van 55 uur (cognitieve vaardigheidstraining). De mededaders moeten 120 uur werken.
Mark moet betalen, maar mag het bedrag (ruim 30.000 euro) dat hij moet storten op de rekening van Essent van zijn 'winst' afhalen. Resteert: voor de Staat der Nederlanden: 42.587, 15 euro.
Arend: 10 maanden celstraf waarvan 5 voorwaardelijk.
Duitse Stefan: 15 maanden cel. Bij het vernemen van zijn straf, zegt hij niets, maar maakt een wegwerpgebaar.