Stel u wordt met uw eigen keukenmes in de buik gestoken.
Daarbij wordt de 12-vingerige darm – die heeft u – link geperforeerd.
U overleeft dankzij een spoedoperatie in het ziekenhuis.
Welke straf wenst u de dader toe dan wel wat doet recht in zo'n geval?
Achttien jaar?
Twaalf?
Met tbs?
Vijftien maand?
Waarvan vijf voorwaardelijk?
Een werkstraf?
Het hangt er vanaf.
Het hangt af van de dader.
Van de context, van de aard van de gedragingen.
Zoals een kunstenaar de werkelijkheid verbeeldt, moet justitie de gebeurde werkelijkheid vertalen in juridische termen.
Dat levert doorgaans een nogal abstract beeld op.
'…dat hij op of omstreeks 4 juli 2007 in de gemeente Groningen ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om opzettelijk en al dan niet met voorbedachten rade, Rein van het leven te beroven, met dat opzet, een mes heeft gepakt en/of die Rein met dat mes (met kracht) in de buikstreek, althans in het lichaam, heeft gestoken, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.'
Het bijbehorende misdrijf is niet zo'n heel ingewikkelde.
Richard stak op 4 juli zijn vriend Rein met een keukenmes in de buik.
Richard en Rein hadden samengewoond, verliefde en romantische momenten gehad, maar in bar El Rubio ging het mis.
Richard rommelde daar met een ander en toen ze 's nachts samen op de bank tegenover elkaar zaten kregen ze woorden.
Jaloezie.
Rein zei 'ga maar weg' tegen Richard, maar Richard had geen zin zo laat 's nachts nog de straat op te gaan.
Hij liep van de bank naar de keuken, pakte uit het blok een mes, niet de allergrootste, en stak (met kracht) links in de buik.
Vervolgens riep hij: 'Oh mijn god.'
Onmiddellijk belde hij 112 en rende in paniek naar het Groninger hoofdbureau van politie aan de Rademarkt.
Dat is vlakbij, om het hoekje.
Daar vertelde Richard wat hij zojuist had gedaan.
Rechters: Waarom pakte u een mes?
Richard: 'Toen ik naar de keuken liep, wilde ik geen mes pakken.'
Rechters: Maar u pakte wel een mes.
Richard: 'Ik kan niet liegen, ik weet het niet meer. Ik heb nachtmerries en zal de rest van mijn leven hier mee moeten leven. Ik vind het verschrikkelijk. Gelukkig gaat het nu goed met Rein. We hebben ook weer contact.'
Vijf jaar?
Richard kan, zeggen psychiater en psycholoog, moeilijk de weg vinden in het leven. Zijn verleden bestaat uit nare dingen. Omdat hij homo is, werd hij vaak mishandeld door zijn vader. Die kon er niet mee omgaan. De gezinssituatie was niet prettig. Hij werd verwaarloosd. Onder zware emotionele druk, kan Richard plotseling agressief reageren. Een behandeling is noodzakelijk.
De officier van justitie zegt: 'Richard is niet iemand die messentrekkend door de stad loopt. Het is goed dat hij 112 heeft gebeld. Dat duidt op verantwoordelijkheidsbesef. Hij is niet weggelopen voor zijn daad, maar heeft zichzelf bij de politie gemeld. Dat siert hem. Meestal moeten wij de daders naar binnen trekken. Resteert het ernstige feit.'
De officier vervolgt: 'Door te steken met een mes is er een aanmerkelijke kans op een fatale afloop, op de dood. Dat weet ieder mens. Een poging tot moord vind ik in dit geval te zwaar. Er is geen sprake van voorbedachten raad. Ik hou het op een poging tot doodslag.'
De officier eist vijftien maanden celstraf, waarvan vijf voorwaardelijk. En om de ernst van het feit te onderstrepen voegt hij daar nog een werkstraf van 120 uur na detentie aan toe. En een behandeling als de reclassering dat wenselijk acht.
De advocaat heeft een ander juridisch idee: ontslag van alle rechtsvervolging.
Een ovar.
Dat betekent dat je het wel wettig en overtuigend hebt gedaan, maar dat geen straf wordt opgelegd.
Er is, zegt advocaat Lidewij Wachters, namelijk sprake van vrijwillige terugtred.
Richard stak, maar schrok daar zo van dat hij 'oh mijn god' riep en onmiddellijk 112 belde. Daarmee maakte hij het mogelijk dat Rein snel geopereerd kon worden. En daarmee werd de aanmerkelijke kans dat Rein het loodje zou leggen, teniet gedaan.
De officier van justitie schudt het hoofd.
Het verschil is subtiel, maar voor de vrijwillige terugtred is geen ruimte.
Richard had al gestoken.
Er is dus sprake van een voltooide poging.
De advocaat schudt ook.
Zij roept een oude, nare zaak in herinnering.
Man wil zichzelf en baby doden en springt met baby in de arm in het kanaal.
Het koude water brengt hem op andere gedachten en hij klimt met baby weer op de wal.
Poging tot doodslag, zei justitie.
Vrijwillige terugtred, zeiden toen ook de advocaten.
De poging mocht dan voltooid zijn – hij sprong in het water - maar de baby ging niet dood.
Een ovar.
De Hoge Raad der Nederlanden knikte: voltooide poging sluit vrijwillige terugtred niet uit.
Terwijl de aanklager en de verdediger juridisch nog even doorstoeien, denkt Richard misschien wel aan zijn Rein.
In zijn laatste woord zegt hij tegen de rechters dat hij hoopt op een tweede kans.
'Om het weer goed te maken met mijn ex.'
Rob Zijlstra
UPDATE - 23 oktober 2007 - uitspraak
Geen vrijwillige terugtred, niks ovar.
Een poging tot doodslag, goed voor achttien maanden cel, waarvan zes voorwaardelijk.
Geen werkstraf.