Friday, August 31, 2007

Twaalf uur had de rechtbank van Groningen donderdag nodig om de waarheid achter de moord op Saïd Ali Awaale te vinden.

Over twee weken presenteren de rechters hun bevindingen.

Hun waarheid.

 

Dat de 17-jarige Ishaak wordt veroordeeld – hij hoorde acht jaar celstraf eisen – lijkt nu al een feit.

De jongen heeft bekend.

De vraag is slechts welk recht op hem moet worden toegepast: het volwassenen- of het jeugdstrafrecht.

In de zwaarte van de straf maakt dat nogal uit.

Advocaat Eckert gaat voor de jeugdafdeling.

De officier van justitie niet.

Zij zegt achter gesloten deuren: Ishaak woonde zelfstandig op kamers en hij is (vanuit Somalië) zelfstandig naar Nederland gekomen.

Dan ben je als 17-jarige mans genoeg voor acht jaar.

 

Mohammed (25) kan wat de aanklager betreft vier jaar de cel in (waarvan een jaar voorwaardelijk).

Hem wordt medeplichtigheid aan moord verweten.

Advocaat Flooren pleit voor vrijspraak, bijvoorbeeld omdat de politie van het onderzoek een potje heeft gemaakt.

Het bewijs dat hem tot verdachte maakt, is onrechtmatig verkregen.

Mohammed ontkent bovendien.

Hij wil naar huis, want zit al een jaar onschuldig in de gevangenis.

En dat zou best wel eens waar kunnen zijn.

 

Het is er allemaal nogal zinloos aan toe gegaan.

 

Op 29 juli is er ruzie om niks in het Somalisch centrum in Groningen.

Die ruzie begint met een lelijk woord, gevolgd door een schouderduw.

Buiten het centrum loopt het dan uit de hand.

Saïd Ali Awaale rijdt met een auto in op Ishaak.

Diens vriend Mohammed probeert daarop Saïd uit de auto te trekken.

Daarbij wordt hij met een mes gestoken en belandt voor vijf dagen in het ziekenhuis.

Er wordt aangifte gedaan bij de politie.

 

Naar goed gebruik organiseren wijze leden van de Somalische gemeenschap een verzoeningsbijeenkomst.

Die heeft plaats op 19 augustus in Ten Boer.

De jonge Ishaak wordt daar niet voor uitgenodigd.

Mohammed wel.

Er worden excuses aangeboden, qat gekauwd en handen geschud.

Zand erover.

 

Maar de jonge Ishaak blijft boos, hij voelt zich gekrenkt en respectloos behandeld.

Hij zweert naar sommig Somalisch gebruik wraak.

'Saïd Ali Awaale gaat leven of ik ga leven.'

Dat zou hij zo hebben gezegd.

 

Mohammed en Ishaak houden contact.

Ishaak bezoekt Mohammed in het ziekenhuis.

Mohammed zegt: 'Als je wat gaat doen, dan ben je mijn vriend niet meer.'

Mohammed maakt zich zorgen over zijn jonge vriend en vraagt zijn oudere broer in Delfzijl om raad.

Er wordt gepraat, bier gedronken en qat gekauwd.

In de vroege ochtend – het is dan 25 augustus – gaan ze zonder slaap en dronken van Delfzijl via Groningen naar Assen, waar Ishaak mans genoeg op kamers woont.

Ishaak moet schulden inlossen bij het qat-huis in Groningen.

Ze pinnen geld bij de ABN Amro.

 

Lopend door de binnenstad zien ze in de Oosterstraat bij Nieboer messen in de etalage liggen.

Ishaak zegt: 'Ik heb een mes nodig voor in de keuken.'

Mohammed: 'Die kun je later in Assen ook wel kopen.'

Ishaak vindt van niet.

In de ijzerwinkel kopen ze uiteindelijk beide een mes.

Ishaak een hele grote voor11 euro 50.

Mohammed een kleine voor 5 euro 10, voor als hij snoekbaars vangt, zijn hobby.

 

Uitgeput bereiken ze uiteindelijk Assen en als ze wakker worden is het 26 augustus en drinken ze met anderen bier uit de supermarkt.

's Avonds ontstaat een spontaan idee: kom, we gaan naar de grote stad, naar Groningen.

Tegen Ishaak zegt Mohammed: 'Al vier weken draait het in je kop. Je moet je wel gedragen.'

Daarna halen ze de laatste trein en rond een uur middernacht staan ze op de Grote Markt.

De beveiligingscamera's registeren dat ze eerst nog even naar de Febo lopen.

Daarna gaan ze naar café De Drie Gezusters.

 

Ineens zegt Ishaak: 'Ik heb die man gezien.'

Hij bedoelt Saïd Ali Awaale.

Mohammed zegt: 'Je moet je rustig houden, ik wil geen problemen.'

Ishaak: 'Ik zal rustig zijn.'

Ze gaan naar binnen.

 

Mohammed: 'Het was heel druk, we konden niet met de trap naar boven, het was vol. We gingen naar een ander deel van het café. Ik ging drankjes bestellen aan de bar en moest wachten. Ineens hoor ik een vrouw roepen, ze vechten. Ik zie Saïd. Hij roept: hij heeft een mes, hou hem tegen. Ik schrok dat Ishaak een mes bij zich had. Ik pakte hem vast. Hij was iemand anders, ik werd zelf bang. Ik moest hem loslaten. Ik zag dat hij Saïd stak in de buik.'

 

Het licht gaat aan.

Een adequate bezoeker, zegt de officier van justitie, weet Ishaak te overmeesteren en hem vast te houden tot de politie komt.

Saïd Ali Awaale sterft ondertussen met het mes voor in de keuken in de buik.

 

Het café wordt ontruimd.

Mohammed gaat ook naar buiten.

Elders in de stad zou hij whisky zijn gaan drinken en in paniek rond hebben gelopen, zoekend naar een verklaring van hoe het kon gebeuren.

Daarna gaat hij in shock naar huis waar hij zich angstig verstopt.

Bang dat hij de schuld krijgt, angstig voor wraak van de familie van het slachtoffer.

Op 4 september wil hij zich bij de politie melden.

Op 3 september wordt hij aangehouden.

 

De verklaringen die de bekennende Ishaak en de ontkennende Mohammed bij de politie afleggen, zijn niet eensluidend.

Zo zou de jonge vriend Ishaak tegen Mohammed hebben gezegd: 'Ik ga iets doen waar Groningen van zal schrikken.'

Mohammed kan zich het niet herinneren.

 

De officier van justitie zegt: ze kochten samen het moordwapen, ze gingen samen naar Groningen en gingen samen naar De Drie Gezusters, wetende dat Saïd Ali Awaale daar ook was. Mohammed wist dat zijn jonge vriend wraaklustig was vanwege het incident op 29 juli en boos omdat hij niet was uitgenodigd voor die verzoeningsbijeenkomst.

 

Dus: medeplichtigheid aan moord, vier jaar waarvan één voorwaardelijk.

 

Advocaat Eckert pleit achter gesloten deuren omdat zijn cliënt Ishaak minderjarig is.

We mogen het niet weten.

 

Advocaat Flooren gaat voor vrijspraak. Samen een mes voor in de keuken kopen waarmee een dag later iemand wordt doodgestoken, daar zit geen opzet in, opzet die vereist is om van medeplichtigheid te kunnen spreken. Mohammed heeft geen deel gehad aan de uitvoering, er waren geen plannen of afspraken vooraf (de voorbedachten rade) gemaakt.

 

Maar bovenal, zegt Flooren, heeft de politie er een potje van gemaakt.

Mohammed is de Nederlandse taal niet machtig – hoewel al 14 jaar in 't land – en is analfabeet. De verhoren hadden plaats zonder tolk.

Hij ondertekende zijn verklaringen op het politiebureau zonder te weten wat.

De verhoren zijn opgenomen op video en met belabberd geluid op dvd gezet.

Wat Mohammed letterlijk op de verhoorvideo zegt, staat anders uitgeschreven in het tekstverslag.

Er is gerotzooid en telefoontaps zijn niet goed vertaald.

Ofwel, zegt Flooren, het potje dat de politie er onder verantwoordelijkheid van het openbaar ministerie van heeft gemaakt, moet leiden tot niet-ontvankelijkheid van de officier van justitie en tot uitsluiting van het bewijs dat onrechtmatig is verkregen.

Consequentie: vrijspraak.

 

Advocaat Flooren wil de rechtbank wel heel de avond bezighouden met de vermeende onrechtmatigheden, maar rond half negen 's avonds – de zaak is om negen uur 's ochtends begonnen – zeggen de rechters dat de advocaat haar argumenten morgen ook wel per fax mag toesturen.

 

Waarheidsvinding kent grenzen.

 

Uitspraak over twee weken.

 

Rob Zijlstra

 

UPDATE5 september 2007 - vrijlating 

Mohammed is woensdagmiddag op vrije voeten gesteld. De rechtbank neemt hiermee een voorschot op de uitspraak van volgende week. Naar het zich laat aanzien wordt dan Mohammed vrijgesproken. Omdat hij al een jaar vastzit, mocht hij kort na de beslissing van de rechtbank naar huis.

 

UPDATE - 13 september 2007 - uitspraak

Mohammed is - zoals al viel te verwachten - vrijgesproken.

De 17-jarige Ishaak is confrom de eis veroordeeld tot 8 jaar. De rechtbank acht moord bewezen. Toepassing van het jeugdstrafrecht noemde de rechtbank gezien de ernst van het feit - niet toereikend.

 

 

posted @ 1:28 AM | Feedback (25)