Wednesday, July 11, 2007

Er hebben nog nooit zoveel mensen in Nederland in de gevangenis gezeten als vandaag de dag. Verviervoudigd sinds 1985.

Nog even en Nederland is Europees kampioen.

Het stond ook in de krant.

De verviervoudiging betekent niet dat Nederland evenredig crimineler is geworden. De grillige werkelijkheid is complexer en laat zich niet vangen in iets als vier keer zoveel.

 

Niet iedereen die tot een gevangenisstraf wordt veroordeeld, is per definitie ook een crimineel.

Dat is niet alleen een kwestie van definitie.

Er zitten ook niet criminelen in gevangenissen.

 

Neem Vincent.

Vincent is kunstenaar.

Hij zit sinds zijn arrestatie op 5 april dit jaar vast in de gevangenis van Ter Apel.

Hij wordt verdacht van brandstichting, van huisvredebreuk en van diefstal.

Een hele waslijst aan feiten, zegt de officier van justitie.

Ho, ho, zegt Vincent. 'Een feit impliceert dat het zo is. Maar zo is het niet.'

 

Vincent stond in zijn oude bovenwoning met houten vloer in Winschoten pasta te koken toen een passant buiten onraad rook.

Rook.

De passant belde de brandweer die met een hogedrukspuit een einde maakte aan wat de brandweercommandant later omschreef als een 'levensgevaarlijke situatie'.

De plek waar ooit een gaskachel had gestaan, gebruikte Vincent als open haard.

Justitie zegt dat er sprake is geweest van 'gemeen gevaar voor in belendende percelen aanwezige personen'.

 

Vincent had de komst van de brandweer een overbodige luxe genoemd.

Het vuur had met twee kopjes water geblust kunnen worden.

Wat nou?

De officier van justitie geeft toe: 'Er is niks gebeurd, maar er had wel wat kunnen gebeuren. En daar gaat het om.'

 

Vincent zegt dat hij het allemaal nogal overtrokken vindt. Dat hem een oor wordt aangenaaid.

Hij maakt een laat-ook-maar-zitten-gebaar.

'Ik ben het zat en wil mijn vrijheid terug.'

 

De pest voor Vincent is dat de Staat der Nederlanden geen grapjes maakt met brandstichting.

Wie zich inlaat met kinderporno en daarmee bijdraagt aan de seksuele uitbuiting dan wel verkrachting van kleine kinderen mag naar huis met een werkstraf, maar wie met vuur speelt met niet raar opkijken als de Staat met de terbeschikkingstelling op de proppen komt. Met tbs dus.

 

Vincent heeft meer op de kerfstok, een insluiping en de diefstal.

Dat zit zo.

Zijn onderbuurman had een merkwaardige gewoonte.

Die zette als hij wegging de radio of televisie aan opdat het leek alsof hij thuis was.

Dit met het oog op mogelijke inbrekers.

Die keer dat heel de avond David Bowie had geschald, had Vincent het nog kunnen velen. Maar niet die hoempapa-muziek. Uitgerekend daar had hij de pesthekel aan. Dus toen het weer een keertje bal was, besloot Vincent in te grijpen.

Hij toog naar beneden, verwijderde de pinnen uit de scharnieren, trad binnen en zette de herrie zachter. Vier, vijf keer had hij dat zo gedaan.

 

Justitie: Huisvredebreuk.

 

Bij een keer had hij behoorlijk moeten zwoegen om de deur open te krijgen.

Toen het hem uiteindelijk was gelukt en hij de hoempapa de nek had omgedraaid, zag hij twee blikjes bier lonken.

Vincent dacht, na al die inspanningen zijn die twee blikjes nu de mijne. En bovendien kreeg hij nog geld van zijn onderbuur.

Dus.

 

Justitie: wederrechtelijke toe-eigening, dus diefstal.

 

Voor dit feitencomplex zit Vincent nu drie maanden in de gevangenis.

Hij voelt zich er niet op zijn gemak. Vorige week nog had hij verzocht hem in de isoleer te zetten.

Waarom?

'Ik stond op knappen. Ik stond niet in voor mezelf en voor anderen.'

Daarom.

 

Er zit in dit verhaal een lelijke adder onder het gras.

Vincent heeft een GGz-verleden.

Tegen de rechtbank zegt hij: 'Ik ben 36 jaar. Ik heb me altijd de rambam gewerkt. Nu ben ik vel over been, ik zie mijn bloed stromen. Nooit waardering. Ik ben een beetje in de war. En ik ben moe.'

 

De officier van justitie blijft erbij dat de plek van de open haard niet de meest geschikte plek is voor open vuur. Maar hij zegt ook dat Vincent niet iemand is die 'we jaren in de gevangenis moeten hebben'. Zegt het moeilijk te vinden een strafeis te formuleren.

'Ik weet bij Vincent niet wat voor vlees ik in de kuip heb.'

Daarom wil de officier dat een psychiater en een psycholoog een adviserend rapport schrijven over de geestelijke gemoedstoestand van Vincent.

Pas daarna – zoiets duurt maanden - wil hij zijn strafeis formuleren.

 

Wanneer officieren van justitie zoiets willen, trekken rechtbanken zich even terug voor beraad in de geheime raadkamer. Het strafproces wordt dan tijdelijk geschorst. Normaliter moeten verdachten dan uit veiligheidsoverwegingen terug naar de cel in de kelders van de rechtbank.

In dit geval mag Vincent blijven zitten, want lang zou de schorsing niet duren, hadden de rechters aangekondigd.

 

Tijdens de schorsing gebeurt er iets bijzonders, iets dat misschien in heel Nederland nog nooit eerder is gebeurd. De officier vraagt aan Vincent of hij misschien zin heeft in een kopje koffie.

Dat heeft Vincent.

En dus verdwijnt de aanklager om een halve minuut later in zittingszaal 14 terug te keren met een dampend bakkie.

Tot dat moment werd in Nederlandse rechtzalen alleen water geserveerd.

 

De officier van justitie zegt dat Vincent de samenleving even niet zo goed begrijpt en de samenleving hem niet. 'En misschien is dat wel heel mooi voor een kunstenaar. Het kan de mooiste dingen opleveren.'

 

De rechtbank stemt in met het voorstel.

Vincent rekt zich uit.

Zegt, wetende dat hij terug moet naar de gevangenis: 'Dit vind ik eerlijk.'

 

Dus als in de krant staat dat er nog nooit zoveel mensen in Nederland in de gevangenis hebben gezeten als vandaag de dag, dan betekent dat per definitie niet dat u alles wat bijvoorbeeld de Partij voor de Vrijheid roept, ook moet geloven.

 

Rob Zijlstra

 

 

posted @ 6:10 PM | Feedback (24)