Tuesday, June 05, 2007

De liefde is net als de verslaving aan drugs in menig rechtszaak een grote boosdoener.

De verslaafde heeft altijd te weinig, terwijl de behoefte groot en onverzadigbaar is.

Bij de liefde is dat soms niet anders.

 

Liesje was vorig jaar 19 en verliefd.

Smoorverliefd, kan niet anders.

Maar hij had gezegd dat er geen sprake van een relatie in welke liefdesvorm dan ook kon zijn.

Hij is de leraar, Liesje de scholier bij hem in de klas.

 

En dus begon Liesje te bellen.

Als Henk opnam, zweeg zij en verbrak ze de verbinding.

'Want hij mocht niet weten dat ik het was.'

 

Waarom ze het deed, vragen de rechters.

Omdat ik nieuwsgierig was, zegt Liesje.

Rechters: 'En verliefd?'

'Ja, dat ook.'

 

Liesje belde eerst één keer, toen een paar keer per dag, later een paar honderd keer en er zijn dagen geweest dat er 500 telefoontjes werden geregistreerd.

Op één dag.

Anderhalf jaar lang.

 

De leraar in een brief aan de rechtbank: 'Het was gekmakend.'

 

De KPN plaatste een kastje dat een ongewenste beller kan traceren.

Het kastje registreerde al ras het nummer, maar dat bleek prepaid en dus niet te linken aan een persoon.

De KPN stuurde wel een sms'je naar het prepaid-nummer met het vriendelijke doch dringende verzoek het bellen ff te staken.

Henk nam ondertussen een ander telefoonnummer, maar Liesje liet zich niet zomaar afwijzen.

De telefoontjes bleven komen.

Nu niet alleen bij hem, maar ook zijn ouders, zijn broer in het café en ooms en tantes kregen de volle lading.

 

De moeder van de leraar kreeg te horen dat ze oma zou worden.

En soms dat haar zoon Henk dood was.

Een tante kreeg op een nacht om drie uur de mededeling dat Henk van een flat was gesprongen.

Henk vond 's ochtends af en toe damesondergoed op zijn auto.

 

Soms zweeg Liesje niet, maar probeerde ze een afspraakje te maken.

Niet omdat ze hem echt wilde ontmoeten, zegt ze, maar om te kijken hoe hij zou reageren.

 

Ze liep tegen de lamp toen ze een telefoon gebruikte van het uitzendbureau waar ze regelmatig werkte. Dat nummer bleek wel te achterhalen en vervolgens zij ook.

 

Henk en zijn familie waren toen al ten einde raad.

Er ontstonden familiaire irritaties en spanningen.

Soms verdachten ze een verkeerde.

 

Wat ook niet echt opschoot, was de politie.

Die had het, zo kreeg Henk te horen, te druk voor Liesjes liefdesperikelen. Er moest eerst een dubbele moord in de omgeving worden opgelost.

De officier van justitie liet zich, bewust of niet, ontvallen dat een groot deel van het politiedossier door Henk zelf was samengesteld.

Dat is nogal ongebruikelijk en niet de bedoeling.

 

Liesje is door een groot aantal gedragsdeskundigen bekeken.

Vastgesteld werd dat zij een perfectionistische vrouw is met faalangst, dat ze een aanpassingsstoornis heeft en dat haar sociale functioneren krampachtig is. Het extreme belgedrag was voor haar een machtsspel, misschien wel haar manier om wraak te nemen op haar vader met wie ze een slechte relatie heeft.

 

Kortom: Liesje is licht verminderd toerekeningsvatbaar.

 

In de brief aan de rechtbank schreef Henk dat hij zich lange tijd vogelvrij heeft gevoeld. En machteloos. En dat hij een intense walging voelt voor Liesje.

Ook de moeder van Henk schreef een brief.

Schreef: 'Ik ben woest op dat kind.'

Ter verzachting van het aangedane leed eisen moeder en zoon 500 en 1000 euro schadevergoeding.

 

De officier van justitie spreekt van een gruweldaad, zo ernstig dat ze goed ingeprent moet krijgen dat zoiets niet kan. 'Ze kan het beste een tijdje de bak in', bromde de officier.

Die laatste opmerking was blijkbaar bedoeld om Liesje even schrik aan te jagen, want de eis is uiteindelijk een werkstraf van 180 uur, zes maanden gevangenisstraf maar die geheel voorwaardelijk en reclasseringstoezicht om de noodzakelijk geachte behandeling mogelijk te maken.

 

Liesje zegt in haar door de wet gegunde laatste woord dat ze ontzettend veel spijt heeft en dat ze nooit de bedoeling heeft gehad Henk en de zijnen angst aan te jagen.

 

Einde zitting.

 

Het is goed mogelijk dat dit niet heel het verhaal is van Liesje.

De officier van justitie maakte aan het slot van zijn requisitoir een merkwaardige opmerking.

Hij zei: 'Het is niet volledig uit te sluiten dat het (stalken) nu nog steeds doorgaat, maar dan op een andere wijze.'

De rechters gaan er niet op in, willen het kennelijk niet weten.

Merkwaardig is ook dat de advocaat de toch belastende opmerking laat voor wat die is.

Aan de politie kan het ditmaal niet liggen, want die dubbele moord is al lang opgelost.

 

Rob Zijlstra

 

UPDATE - uitspraak - 19 juni 2007

De rechtbank rept in het vonnis van gekmakende telefoonterreur en is tevens van mening dat de vele telefoontjes door de leraar en diens familie als zeer bereigend zijn ervaren. Een taakstraf van 180 uur, vier maanden voorwaardelijke celstraf en reclasseringstoezicht om een behandeling mogelijk te maken. De leraar moet ze duizend euro betalen, aan de moeder 500.

 

posted @ 11:32 PM | Feedback (121)