Friday, February 09, 2007

Vorige week.

 

In zittingszaal 14 van de rechtbank Groningen staat een man terecht die met anderen iets strafbaars had gepleegd, in de sfeer van diefstal met geweld.

Fred ontkent het niet. Hij was meegegaan om escalatie te voorkomen, maar het liep hem uit de klauwen.

Stom.

 

De officier van justitie snapt het wel.

Hij kent Fred.

Beide lopen al een tijdje mee in het circuit.

De officier van justitie zegt: 'Als je vandaag de dag wat gedaan moet krijgen in het criminele milieu dan bel je de Joego’s. Maar tien, vijftien jaar geleden belde je Freddie. Nietwaar Fred?'

 

Fred knikt.

Zo was het maar net.

Maar nu niet meer.

Hij is nu huisvader en houdt zich aan de wet.

 

De officier: ”Hartstikke knap vind ik dat. Voor iemand die een streep onder zo'n  verleden kan zetten, heb ik respect. Ik zal daar in mijn strafeis rekening mee houden.”

Hij eist drie maanden voorwaardelijk.

Dat is niet veel voor een diefstal met escalatie.

 

Deze week.

 

In dezelfde zaal staat een man terecht die wat heeft uit te leggen.

Hendrik zou de gebroeders K. willen laten vermoorden. Een kennis van Hendrik uit Delfzijl wist wel iemand die zo’n klus kon klaren.

Fred.

Hendrik had er 100.000 euro voor over.

 

Fred handelt in de geest van een goede huisvader.

Hij neemt de opdracht niet aan, maar licht de beoogde slachtoffers in.

Die stappen naar de politie. Hendrik wordt opgepakt.

 

De officier van justitie rept van een buitengewoon ernstige zaak.

'Hendrik heeft mensen uitgelokt liquidaties te plegen. Anders dan in het Westen hebben  dit soort praktijken in het Noorden nog geen voet aan de grond gekregen. En dat moet zo blijven.'

De eis: vijf jaar gevangenisstraf.

 

En omdat Hendrik niet in voorarrest zit – hij is als vrij man naar de rechtbank gekomen – verzoekt de aanklager de rechtbank Hendrik in de zittingszaal te laten arresteren.

Met vijf jaar cel boven het hoofd is er wellicht aandrang tot vluchten. Bovendien, Hendrik is er nu toch.

 

Hendrik briest.

Hij briest dat het een complot is.

De mannen die het loodje hadden moeten leggen, noemt hij het ’grootste geteisem dat er bestaat’. Nee, hij steekt dat niet onder stoelen of banken. 'Ze hebben me he-le-maal ka-pot gemaakt. Geestelijk en financieel.'

 

Je ziet de officier van justitie tevreden denken: hoor nou, hij heeft een motief, hij zegt het zelf.

Maar Hendrik zegt: 'Aan moord kan ik niet beginnen. Een moord komt altijd uit. Ik heb nooit iemand de opdracht gegeven mensen uit de weg te ruimen. Nooit. Ik heb een rustig geweten. Het is een complot.'

 

De rechters vragen wie deel uitmaakt van dat complot.

Hendrik: 'Wim H., dat is die vent uit Delfzijl, Fred en de gebroeders K., de bloedzuigers.'

De rechters willen weten of hij vorig jaar maart, toen hij de opdracht verstrekt zou hebben, beschikte over 100.000 euro.

Hendrik: 'Nee.'

 

In dat nee schuilt ook de tragiek van de 59-jarige Hendrik.

Eens was hij een bemiddeld man. Hij had zijn boerengoed lucratief kunnen verkopen en was de wereld van het onroerend goed ingestapt. In 2004 dacht hij iets moois te kopen in Beerta. Maar wat mooi had moeten worden, draaide uit op een financieel geschil van 662.000 euro. In twee jaar tijd werd hij, een civiele procedure bij de rechtbank ten spijt, volledig uitgekleed.

 

'Met een blaffer op mijn hoofd heb ik contracten moeten ondertekenen. Ik heb al mijn bezit moeten verkopen, maar ik heb nooit een cent gezien. En zij maar de huurpenningen incasseren. Er is zoveel gebeurd, edelachtbare.'

 

Oh zeker, hij had aangifte gedaan bij de politie, maar die deed niks.

'Edelachtbare, het is een complot. Anderhalf uur nadat ik aangifte had gedaan, kreeg ik een telefoontje van die bloedzuigers. Ze wisten het, ze wisten waarvan ik aangifte had gedaan.'

 

(Zou daarom laatst die agente zijn ontslagen?)

 

Bankroete Hendrik leeft nu van geleend geld.

En hij is ondergedoken, samen met zijn moeder van 91 die hij verzorgt.

Hij zegt te worden bedreigd.

Door wie? Laat zich raden.

Begin deze week heeft hij aangifte gedaan, voor alle zekerheid in Delfzijl.

 

Advocaat Niek Heidanus durft er wel wat om te verwedden.

'Mijn cliënt is in een wespennest beland en beduveld. Die opdracht tot moord is een belachelijk idee. Broodje aap. De bron van die verdenking is gebaseerd op verklaringen van Fred en de zijnen, verklaringen die met de grootst mogelijke achterdocht moeten worden bekeken. Fred is een jongen met een strafblad van een dikke novelle. Hij en zijn vrienden staan niet ingeschreven bij de Kamer van Koophandel, ze houden zich bezig met zaken die het daglicht niet kunnen verdragen.'

 

De officier van justitie ziet wederom zijn gelijk, kennelijk niet op de hoogte van de bewondering die zijn collega-officier voor Fred koestert.

Hij zegt: 'Fred heeft een soort incassobureau dat niet fris is. Daarom is Hendrik ook bij hem terechtgekomen.'

 

Hendrik wil vooral rust.

'Ik neem mijn verlies. Ik ben een doorzetter en begin gewoon opnieuw.'

Hij lijkt even vergeten dat ’het complot’ zojuist vijf jaar cel tegen hem heeft geëist.

 

Rob Zijlstra

De rechtbank wijst na beraad het verzoek tot de in hechtenisneming ter zitting af.

 

 

UPDATE - uitspraak 20 februari 2007

De rechtbank stelt dat Hendrik zich weliswaar in negatieve zin heeft uitgelaten over de zakenmannen, maar dat hij niet de bedoeling heeft gehad aan te zetten tot moord. Ofwel: vrijspraak.

 

 

 

 

posted @ 12:36 AM | Feedback (26)