Hij komt binnen in een grijs colbertjasje, zwarte pantalon.
Zo ga je op sollicitatiegesprek bij de bank.
Ik noteer: hij heeft een beetje een muizengezicht.
In 2005 kwam Sebastian vanuit Polen met zijn moeder naar Nederland.
Volgens haar is hij een lief en zorgzaam kind.
Toen zijn vader onderuit ging door een hartaanval, Sebastian was toen 17, nam hij de zorg voor zijn broertje op zich.
Bovengemiddeld intelligent met een goed besef voor waarden en normen.
Het is moeilijk voor te stellen dat deze jongen verantwoordelijk wordt gehouden voor een van meest gruwelijke misdaden die Groningen de afgelopen tien jaar is overkomen.
Twee weken geleden is hij 25 jaar geworden.
Ik denk dat het ook nog niet heel vaak is gebeurd in Nederland dat tegen iemand van die leeftijd een zo hoge gevangenisstraf is geëist.
Twintig jaar!
Op 3 juli vorig jaar sloeg Sebastian, samen met zijn vriendje David (17), voor een paar rotcenten het Duitse echtpaar Helmut en Rosa dood. Hij 73, zij 71. Het vriendinnetje Patricia van 15 stond op de uitkijk.
De rechters vragen hoe het heeft kunnen gebeuren?
Sebastian zwijgt. Hij weet het niet.
De rechters vragen hoe het zo ver heeft kunnen komen?
'Ik had eerder, sneller moeten reageren. Ik zou willen dat ik er niet was geweest. Ik heb niet nagedacht.'
Hij weet het niet.
Op 4 juli, tien voor tien 's avonds, komt er een melding bij de politie binnen.
Een man die zijn honden uitliet, heeft twee lichamen gevonden langs de oever van het A.G. Wildervanckkanaal bij Musselkanaal. Op 5 juli wordt bij het scoutinggebouw aan de Havenstraat in Ter Apel een auto aangetroffen met Duits kenteken: EL HR 885. De politie legt al snel de link met een melding bij de Duitse collega's dat het echtpaar Posanski niet zoals altijd is thuisgekomen van vissen in Nederland.
Sebastian vertelt aan zijn rechters wat er is gebeurd.
De televisie zou nu een waarschuwing laten horen dat de volgende beelden schokkend kunnen zijn, niet geschikt voor jeugdige kijkers.
Sebastian wilde gaan vissen in het kanaal.
Samen met Patricia.
Ze vroegen of Davids zin had mee te gaan.
Dat had David. Hij kocht het bier.
Tegen half acht die avond zitten ze op hun stekkie.
Mooie zomeravond, ze drinken, ze roken en kletsen.
Aan een visser iets verderop hadden ze gevraagd of het wilde bijten.
De visser zei dat ie er al twee had gevangen.
Rond negen uur zagen ze een Opel Vectra rijden.
Ze zagen hoe de twee inzittenden uitstapten en hun vistuig naar de waterkant brachten.
David had hen nog begroet: goedenavond had hij gezegd.
Dan zegt David, ik heb zin om in die auto te rijden.
Sebastian: 'Ben je helemaal niet normaal of zo?'
David: 'We kunnen die mensen gewoon bewusteloos slaan en dan pakken we de autosleutels.'
Patricia: 'Nee, dat zijn oudere mensen.'
David: 'We maken ze alleen bewusteloos.'
Sebastian: 'Zoals in cowboyfilms. Klap op het hoofd, en dan staan ze later gewoon weer op. We verdoven ze.'
David: 'Kom op dan.'
Sebastian: 'Maar stel dat er iets misgaat, als je een klap geeft, heb je geen controle.'
Rechters: 'Hoeveel had u toen gedronken?'
Sebastian: 'Vier, vijf. Ik was aangeschoten, maar niet dronken. Ik wist wat ik deed.'
Ze trekken twee afrasteringpaaltjes uit de grond.
Van ongeveer een meter lang, kilo of twee, dikker dan een blikje frisdrank.
Er komen twee fietsers langs.
Ze verstoppen de paaltjes.
Fietsers weg.
Ze pakken de paaltjes.
Patricia: 'Niet doen.'
Sebastian: 'Ik zat op mijn hurken, ik keek of ze zaten of stonden. Ik was links, David rechts. Links van mij was die man, rechts de vrouw. We renden in hun richting. Ik sloeg de man achter op het hoofd. Hij viel en probeerde op te staan. Ik sloeg nog een keer, ik raakte zijn hand. Toen nog een keer, op zijn hoofd. Toen viel hij achterover, op zijn rug. Ik stond boven hem en keek of hij niet bloedde. Zijn ogen waren dicht, hij bewoog zijn hoofd en probeerde iets te zeggen, hij maakte geluid. Ik draaide mij om en zag hoe David de vrouw sloeg. Bloed op haar gezicht. Het ging heel snel. Ze viel, op haar knieën . Ik zag dat ze bloedde, ik riep, stop! Maar David luisterde niet en sloeg nog een keer. Toen kwam hij naar mij, hij zag dat de man nog bewoog. Hij sloeg hem. Ik riep, David, vluchten. David schreeuwde, ik zoek de sleutels. Ik draaide hem om, pakte de sleutels. Toen renden we naar de auto.
Rechters: Wat dacht u op dat moment;
Sebastian: 'Het was een grote chaos in mijn hoofd.'
Ze verstopten hun fietsen, om te voorkomen dat die gestolen zouden worden.
In de auto zouden ze nog grapjes hebben gemaakt.
Sebastian vroeg aan David: waarom sloeg je, terwijl hij al op de grond lag?
David: 'Ik was gestrest.'
Patricia opperde of ze niet een ambulance moesten bellen.
'Slecht idee, te grote kans dat we dan gepakt worden.'
Ze rijden, de 17-jarige David achter het stuur. Hij zegt dat ze de auto kunnen verkopen.
Levert een paar duizend euro op.
De opbrengst zouden ze verdelen.
De twee mannen aan wie ze de auto willen slijten, zien van de deal af.
De auto wordt vervolgens ergens in Ter Apel, in de Havenstraat, geparkeerd, ontdaan van het kleingeld.
Helmut en Rosa, levensluchtige zeventigers, sterven aan de oever van het kanaal.
Hersenletsel.
Het tijdstip van het overlijden is niet vastgesteld.
Misschien hebben ze er uren gewond gelegen.
Misschien hebben ze nog met elkaar gepraat, misschien leefde de een nog en was de ander al dood.
De officier van justitie: 'Het echtpaar Posanksi heeft in de laatste momenten van hun leven in doodsangst geleefd en veel pijn gehad. Uit het medisch rapport maak ik op dat Sebastian en David als beesten tekeer zijn gegaan.'
Achter het glas van zittingszaal 14 zitten de nabestaanden van Helmut en Rosa Posanski.
Vijf kinderen, vijftien kleinkinderen.
De echtgenoot van de oudste dochter spreekt de rechters toe.
Hij hoopt, namens de nabestaanden, dat de daders ooit in het reine komen met wat ze hebben gedaan. Wat ze na hun straf nog van hun leven maken, interesseert ons niet.
De bovengemiddelde Sebastian slikt een paar keer.
Zegt dat hij katholiek is.
Dat hij zodra hij weer vrij is, het graf van Helmut en Rosa zal bezoeken om er een kaarsje te branden.
Dat hij bereid is de materiele schade, 11.000 euro begrafeniskosten, te betalen.
En ook dat hij de immateriële schade die de familie claimt, 50.000 euro, vanzelfsprekend voor zijn rekening zal nemen.
'Ik heb nu geen geld, maar als ik straks vrijkom, dan zal ik dat betalen.'
Twintig jaar.
Schuin achter mij zit het broertje van Sebastian.
Ik zie zijn kindergezicht, vol twijfels, loyaal aan de grote broer.
Uitspraak over twee weken.
Rob Zijlstra
Patricia hoort – minderjarig achter gesloten deuren van zittingszaal 14 – een gevangenisstraf van elf maanden eisen en de pij-maatregel (jeugd-tbs). De strafzaak tegen David is aangehouden omdat het openbaar ministerie haar huiswerk slecht heeft gedaan.
UPDATE - uitspraken 1 februari 2007
Sebastian: 20 jaar celstraf wegens medeplegen moord.
Patricia: 204 dagen cel (voorarrest) en de pij-maatregel (jeugd-tbs) wegens medeplichtigheid aan het medeplegen van moord.
Ze moeten de nabestaanden 11.000 schadevergoeidng betalen.
De vordering van 50.000 euro immateriele schade werd afgezezen.
In het vonnis van Sebastian wordt David F. met naam en toenaam genoemd als mededader, terwijl F. nog terecht moet staan.
De rechtbank heeft laten weten dat zijn zaak zal worden behandeld door drie andere rechters.
vonnis Sebastian O.
vonnis Patricia G.
UPDATE - 13 april 2007 - eis David F.
Het openbaar ministerie heeft vrijdagmiddag (13 april) een gevangenisstraf geeist van 18 jaar tegen de 17-jarige David F. Volgens justitie moet het volwassenenstrafrecht worden toegepast vanwege de ernst van het delict. Advocaat Mathieu van Linde verzocht de rechtbank het jeugdstrafrecht toe te passen. 'Mijn client is minderjarig en heeft de problemen van een minderjarige', aldus Van Linde.
De rechtbank doet over twee weken uitspraak. Pas dan ook zal duidelijk worden welk recht wordt toegepast.
r.z.
de zaak van David F.: klik hier