Willem Duitemeijer is de president van de rechtbank Groningen.
Hij is er de baas.
Een paar maanden geleden kondigde hij aan iets anders te gaan doen. Hij wil zijn geluk elders beproeven.
Het presidentschap is een functie met een houdbaarheidsdatum, zei hij tegen de krant op de waarom-vraag.
Hij zei ook: ’Ik ben een groot voorstander van mobiliteit.’
Wat de president straks gaat doen, dat wist hij toen nog niet.
Hij zou wel zien.
Ahmed is de helft jonger dan de president. Ook hij lijkt een groot voorstander van mobiliteit te zijn.
Geboren in Basra, Irak.
Toen daar wat problemen ontstonden nam hij met zijn ouders de wijk naar Marokko. Ook daar liep het leven niet op rolletjes waarop hij – groot genoeg in z’n eentje - als landbouwer het geluk ging beproeven in Italië. Na twee jaar verkaste hij naar Frankrijk om anderhalf jaar later neer te strijken bij boeren in België.
Daar zeiden ze na een jaar dat hij naar Nederland moest gaan. Dat het daar goed werken was.
Ergens in juni dit jaar kwam hij en hij hoorde over Groningen spreken.
Hij zou wel zien.
De president, belezen, rechter, benoemd voor het leven.
Ahmed, analfabeet, landbouwer zonder land.
Donderdag zitten ze tegenover elkaar in zittingszaal 14 van de rechtbank van Groningen.
Voor beide is het een beetje de eerste keer.
De rechtbankpresident houdt zich normaliter bezig met integraal management, productiedruk en bezuinigingen. Niet met strafzaken in 14.
Ahmed is nog nooit met justitie in aanraking geweest.
De buurtconciërge had de politie getipt na aanhoudende overlast in een woonpand aan de Laan van de Vrijheid in Groningen. De politie houdt de woning een tijdje in de gaten en ziet op een goed moment een man de woning betreden. Korte tijd later komt hij weer naar buiten en rijdt weg in een auto met Duits kenteken.
De politie weet voldoende.
De Duitser wordt aangehouden en jawel: harddrugs.
De Duitse Manuel verklaart er vaker drugs te hebben gekocht. Keer of drie.
Op 11 juli valt de politie de woning binnen en de zeven aanwezigen worden gearresteerd. Vijf van hen zijn drugsgebruikers.
De zesde verklaart dat hij sinds een paar maanden heroïne en cocaïne verkoopt en dat hij dat doet in opdracht van Saffie. Dat is een hem verder onbekende man uit Utrecht.
En dat hij dat samen doet, dat verkopen, met Ahmed.
Ahmed zegt niks.
Hij spreekt geen Nederlands.
Via de tolk zegt Ahmed - alleen het Arabisch machtig - tegen de president dat hij onschuldig is. De president vraagt waarom anderen dan verklaren dat ook hij drugs verkocht?
Via de tolk zegt Ahmed dat hij dat ook niet weet.
’Ik was nog maar een week in Groningen. Ik kon daar onderdak krijgen. Maar ik ben geen drugshandelaar. Ik ben landbouwer. Ik heb nog nooit problemen gehad.’
Hoe hij aan dat adres kwam?
Van horen zeggen op het treinstation.
Waarom hij naar Groningen was gekomen?
Was hem aangeraden. Landbouwgebied. Veel werk.
De officier van justitie ziet in de verklaring van Saffie’s verkoper voldoende wettig en overtuigend bewijs. Straf moet volgen.
Het overtreden van de opiumwet raakt de volksgezondheid en Ahmed heeft bijgedragen aan de instandhouding van verslaving.
De officier van justitie eist tien maanden gevangenisstraf.
Advocaat Willem de Roos pleit voor vrijspraak.
Wat krijgen we nou? Ahmed had daar slechts onderdak, een plek om te slapen. Hij is een ongelukkige passant die er bij is gelapt.
Op 25 januari is de uitspraak. Ahmed is jarig die dag, maar ook dan nog altijd illegaal.
Wanneer hij conform de eis wordt veroordeeld - hij zit al zes maanden in de gevangenis - kan de landbouwer volgende maand vertrekken. Ook de president vertrekt tegen die tijd.
Beide gaan een nieuwe, nog ongewisse toekomst tegemoet.
Heel misschien komt Ahmed op zijn nieuwe zwerftocht door Europa zijn landgenoot Hassan tegen. Die moest donderdag ook terechtstaan, maar dan op verdenking van een overval op de eigenaresse van restaurant het Sateh-huis.
Hassan was niet komen opdagen.
Hij zat in de vreemdelingenbewaring en werd op 3 januari dit jaar op straat gezet met de mededeling dat hij Nederland binnen 24 uur moest verlaten.
Misschien dat ze dan tegen elkaar zeggen:
’Vreemd land, dat Nederland. Jij Hassan, jij pleegt een overval en moet een week voor de rechtszaak het land uit.’
’Ja en jij, jij arme Ahmed, was onschuldig en moest tien maanden zitten.’
Rob Zijlstra
UPDATE - uitspraak 16 januari 2007
De rechtbank heeft vandaag vervroegd uitspraak gedaan in de zaak van Ahmed. Volgens de rechtbank heeft hij zich schuldig gemaakt aan het medeplegen in het handelen van drugs. Tien maanden hoeft hij niet te zitten. Wel: 189 dagen. Dat komt overeen met de tijd die hij al heeft gezeten. Ofwel: hij heeft vandaag nog de gevangenis mogen verlaten. In die zin dat hij vermoedelijk is overgebracht naar de vreemdelingenbewaring.