Thursday, July 20, 2006

Jan Berkenbosch, horeca-adviseur te Winschoten, zegt in de hal van het gerechtsgebouw:

 

'Zit je in de bajes met vier mannen te kaarten, dan ben je gemeenschapsgeschikt.

Zit je met vier mannen in een auto, dan ben je een criminele organisatie.'

 

Jan Berkenbosch bedoelt maar.

 

Hij volgt als belangstellende vanaf de publieke tribune van zittingszaal 14 van de rechtbank van Groningen de strafzaak tegen Willem.

Naast hem zijn voormalige en voormalig advocaat Orlando.

Ook belangstellende.

 

In april dit jaar worden Berkenbosch en Orlando gearresteerd op verdenking van deelname aan een criminele organisatie die zich bezighield met de invoer van cocaïne uit Suriname. Dat zou zijn gebleken uit telefoontaps.

Beide zaten een tijdje vast, maar werden zonder proces op vrije voeten gesteld.

Van een misdadige drugsorganisatie bleek uiteindelijk niets.

 

Blijft over: Willem.

Hij werd in een huurauto en op de snelweg tussen Drachten en Groningen betrapt met vijftien bolletjes cocaïne, inclusief verpakkingsmateriaal – plakband en rubber – 113 gram. Er kwam een arrestatieteam aan te pas.

Willem kwam uit Suriname en reisde via Frans Guyana naar Parijs en 'via Breda' was hij op weg naar Winschoten, de eindbestemming. De bolletjes kwamen er onder politietoezicht in Groningen in het ziekenhuis uit, op de afdeling interne intensive care.

 

Willem ontkent.

Bij de politie vertelde hij dat hij vier jaar geleden – toen hij wel drugs gesmokkeld had – bolletjes cocaïne had verstopt boven een systeemplafond van het toilet van een tankstation nabij Breda.

Toen hij daar in april dit jaar weer langsreed, herinnerde hij zich dit weer.

Dacht hé, ging kijken en tot zijn eigen verrassing lag het spul er nog.

Zodoende.

Niks geen invoer van drugs.

Hooguit bezit.

Dat scheelt fors in de misdaad.

 

Maar de politie prikte door het verhaal heen.

Willem werd op die dag in april vanaf de Belgische grens in de gaten gehouden.

Bij het tankstation dat hij aangaf, was hij niet gestopt.

Voor de zekerheid had de politie ook het toilet bezocht.

Geen systeemplafond.

Stucwerk.

 

In de zittingszaal wil Willem ditmaal zwijgen.

Logisch.

Hij vindt het Nederlandse rechtssysteem slecht en onrechtvaardig.

Wel maakt hij gebruik van zijn laatste woord.

Hij zegt: 'Ik heb andere mensen schade berokkend.

Berkenbosch en Orlando V. treffen geen blaam.'

 

Willem is met zijn 140 kilo's een figuur apart.

Hij is geboren in het Friese Lemsterland, getogen op het Groninger land, maar vertoefde vaak en lang in Suriname.

 

Daar was hij bijvoorbeeld directeur van het Polyestercentrum in oprichting.

Kansarme Surinamers konden daar werkervaring opdoen en een heus certificaat halen.

Het centrum kreeg lof en subsidie van de Surinaamse overheid.

De kansarme Surinamers produceerden polyester bootjes.

De eerste bootjes werden feestelijk te water gelaten.

De genodigde minister van volksontwikkeling maakte de proefvaart.

Willem verklaarde bij die gelegenheid tegenover de Surinaamse pers dat na de bootjes ook kozijnen, badkamers en keukens in productie worden genomen.

En allemaal voor de export.

De ontwikkelingsminister juichte het toe.

 

Niet lang daarna arriveerden de eerste bootjes in Nederland.

Er zaten dertig pakketjes in verwerkt met in totaal 20 kilo cocaïne.

De getipte politie schatte de waarde op 600.000 euro.

 

Vorig jaar werd Willem nog veroordeeld wegens de handel in duizenden kilo's aceton, een goedje dat ook gebruikt wordt bij de vervaardiging van synthetische drugs.

Willem ontkende toen ook.

Hij had het spul nodig als schoonmaakmiddel voor de productie van zijn polyester boten in Suriname.

Dat duizenden kilo's wel heel veel is voor de schoonmaak, gaf hij toe.

Maar je hebt veel nodig.

Suriname kent een nogal warm klimaat en aceton is vluchtig spul.

't Is zo weg.

 

Officier van justitie Andries Jongsma eist twaalf maanden gevangenisstraf.

Een heleboel voor relatief weinig drugs, maar Willem is hardleers, zegt Jongsma.

De forse strafeis moet Willem dan ook vooral als een signaal zien.

Hem vastzetten is de enige manier hem te stoppen.

 

Rob Zijlstra

 

update - uitspraak 3 augustus 2006

Een jaar de cel in zou op zich passend zijn, maar omdat Willem anders dan de officier van justitie had beweerd alleen heeft gehandeld, moet tien maanden voldoende zijn. De leugenachtige verklaring van Willem gebruikte de rechtbank als een van de bewijzen. Niet dat het allemaal veel zal helpen, want de rechtbank zei ook: Willem is ongevoelig voor bestraffing.

 

 

 

posted @ 6:54 PM | Feedback (54)

Vier jaar lang zweeg hij.

Toen het hof hem twee weken geleden bij aanvang van de zitting vroeg of hij Geert M. is – de eerste standaardvraag bij een strafproces – beriep hij zich op zijn zwijgrecht.

Tijdens de politieverhoren weigerde hij antwoord te geven op de vraag of hij zin had in koffie.

 

Vier jaar lang weigerde hij ook iedere vorm van onderzoek naar zijn geestesvermogen.

Het Pieter Baan Centrum rapporteerde na zes weken observatie: hij heeft gevoel voor humor, meer kunnen we niet over hem zeggen.

 

In Groningen eiste het openbaar ministerie in het najaar van 2004 levenslang.

De rechtbank legde 20 jaar op.

Het openbaar ministerie ging in hoger beroep en eiste wederom levenslang.

Het gerechtshof in Leeuwarden veroordeelde hem woensdagmiddag conform de eis.

 

Levenslang.

 

De rechtbank in Groningen motiveerde de 20 jaar door te stellen dat een pleger van ook de meest ernstige misdrijven vanuit humanitaire overwegingen in beginsel perspectief moet worden geboden op terugkeer in de samenleving op enig moment.

 

Het gerechthof deelt de opvatting van de Groninger rechters. In beginsel, want vindt dat in dit geval een uitzondering moet worden gemaakt.

 

Het arrest (de uitspraak van het hof) laat aan duidelijkheid niets te wensen over.

Er staat dat Geert M. heeft aangetoond gewetenloos te zijn.

Dat hij haatdragend is en wraakzuchtig.

Zijn misdrijf wordt omschreven als gruwelijk, mensonterend en bizar.

 

Zou Geert 20 jaar krijgen – de langst durende tijdelijke vrijheidsstraf – dan komt hij op enig moment – over een jaar of tien – op vrije voeten. Het hof deelt de angst van het openbaar ministerie dat Geert-op-vrije-voeten betekent dat 'diverse personen voor hun leven hebben te vrezen'.

 

Immers, tijdens het onderzoek vond de politie een briefje waarop Geert de namen had geschreven van personen die hij ook had willen vermoorden.

Op zijn dodenlijst stonden onder anderen de namen van twee politiemensen en van een officier van justitie.


Het hof: terugkeer is onaanvaardbaar.

 

Geert gokte.

 

Door stelselmatig niet mee te werken aan welk gedragskundig onderzoek dan ook, kon hij bewerkstelligen dat de maatregel tbs niet opgelegd kan worden. Enig inzicht in de geestesgesteldheid is voor een veroordeling tot tbs een vereiste.

Gevoel voor humor is onvoldoende.

Omdat het zijn eigen keuze is geweest niet mee te werken, zo staat in het arrest, moet hij volledig verantwoordelijk worden gehouden voor zijn bizarre misdaad.

 

Het hof stelt dat Geert kennelijk welbewust en weloverwogen voor deze houding (weigeren en zwijgen) en de eventuele gevolgen daarvan (levenslang) heeft gekozen.

 

Geert gokte op 20 jaar.

 

Wie met zijn leven gokt, heeft ze misschien toch niet allemaal op een rijtje.

Ook daar heeft het hof bij stilgestaan: 'Niet gebleken is dat de (…) weigering is toe te schrijven aan een gebrekkige ontwikkeling of ziekelijke stoornis van de geestvermogens.'

 

Geert gokte bij volle verstand.

En verloor.

 

 

Het blijft een merkwaardig verhaal, ook kort samengevat:

 

Oktober 1997

Geert beschuldigt zijn partner in crime Math Huren, een drugshandelaar uit Heerlen, veel geld achterover te hebben gedrukt. Zijn drugsgeld. In een schuur van een boerderij in het Oost-Groninger Veelerveen presenteert Geert de rekening aan de Limburger: negen rake kogels.

Daarna dumpt hij het lichaam in een zelfgemaakte oven.

Klaas helpt hem daarbij.

De Limburger gaat in rook op.

In Limburg wordt Huren door zijn familie als vermist opgegeven.

 

Geen haan die kraait.

 

De politie heeft M. op dat moment wel op de korrel.

Er loopt een onderzoek naar M.'s drugsactiviteiten.

Hij wordt geschaduwd en zijn telefoon ligt aan een tap.

 

April 1998

M. en twee handlangers laten een graafmachine naar Engeland transporteren.

In dat ding zit bijna 1000 kilo drugs.

De politie volgt het transport en licht 'Engeland' in.

In Kent – bij London – worden M. en de zijnen gearresteerd.

Een uitgestelde aanhouding, noemde justitie dat.

Geert krijgt acht jaar celstraf.

 

April 2002

Geert – goed gedrag - moet nog twee maanden zitten van zijn acht jaar.

Zijn vrijheid gloort.

Hij vreest echter dat de Engelsen hem niet zullen laten gaan, maar hem geboeid willen uitleveren aan 'Groningen' in verband met de moord op die Limburger.

Een fatale gedachte, want anders dan M. veronderstelt, is de politie in het geheel niet op de hoogte van die moord.

Huren staat nog steeds te boek als vermist.

 

Maar Geert schrijft een brief aan een van zijn kompanen die de Engelse cel al eerder mocht verlaten om redenen van gezondheid. Deze kompaan krijgt van M. de opdracht om Klaas uit de weg te ruimen. Klaas immers is getuige geweest van de 'crematie' van Huren. Klaas – in de brief omschreven als 'hopeloos' vormt een gevaar en moet opgeruimd.

 

De kompaan doet echter iets waar Geert niet op heeft gerekend.

Kompaan stapt naar de politie.

Met de fatale brief.

Daarop worden de telefoongesprekken die Geert vanuit de Engelse gevangenis voert, afgeluisterd.

De politie weet al snel meer dan genoeg.

Pas dan dus ook dat er in oktober 1997 op de boerderij in Veelerveen kennelijk een moord is gepleegd.

 

Had Geert twee maanden voor zijn vrijlating niet dat ene briefje geschreven, dan had niet hij, maar de haan nog steeds gezwegen.

 

Woensdag

Geert kan zich de rest van zijn leven in een cel wel voor de kop blijven slaan.

En dat is niet humoristisch…

 

Rob Zijlstra

 

 

het arrest

posted @ 12:19 AM | Feedback (45)