Ze zijn zeldzaam, maar ze zijn er.
Verdachten die tegen beter weten in zeggen, jullie kunnen wel meer zeggen, maar ik was het niet. De pot op.
De 42-jarige Abraham lijkt er zo eentje.
De politie had flink in hem geïnvesteerd en dat leverde aanvankelijk een waslijst aan woninginbraken op. Stuk of zestig. Uiteindelijk - donderdag - werden hem er negen ten laste gelegd en één smerige beroving op een 82-jarige vrouw in haar vergrendelde slaapkamer.
Op 12 december vorig jaar denderden politieagenten zijn woning binnen.
Zij troffen onder meer aan:
5 mobiele telefoons,
simkaarten,
bankpasjes en identiteitskaarten,
2 portemonnees,
1 dvd speler
7 dvd’s (onder anderen van Roger Waters en Eros Ramazoti) en 3 dvd-boxen,
stappeltje cd’s,
een pannenset (inmiddels in gebruik),
1 tosti-ijzer (ongebruikt en verstopt achter een computer),
4 horloges,
gouden sieraden,
een digitale fotocamera,
1 fototas,
en 2 usb-sticks (met gewiste foto’s).
Vastgesteld werd dat deze aangetroffen spullen voorkwamen op een lijst van gestolen goederen, buitgemaakt bij een serie woninginbraken in Stadskanaal en omstreken. De verzameling werd in beslag genomen. Gedupeerden herkenden hun eigendommen.
De politie had tijdens het onderzoek waargenomen dat Abraham gebruik maakte van de gestolen telefoons. De politie kan op dit gebied meer waarnemen dat menigeen denkt te weten. Bij één woninginbraak ontwaarden technisch rechercheurs een afdruk van een handpalm. Die werd zoals dat heet veiliggesteld en later vergeleken met de palm van Abraham: geen twijfel mogelijk.
Ook had Abraham geprobeerd geld te pinnen met buitgemaakte pasjes. De beveiligingscamera’s van de ABN Amro deden hun werk en Abraham stond er mooi gekleurd op.
Tot slot de twee usb-sticks. Die bleken tevergeefs gewist. Vernuft toonde aan dat er kiekjes op stonden van een familie die ook het slachtoffer was geworden van woninginbraak.
Dat aan de serie inbraken een einde kwam nadat Abraham was aangehouden, zegt misschien niets, zei officier van justitie Andries Jongsma.
Hij zei het wel eventjes.
Nu was Abraham aan zet.
Hij zei: ‘Ik heb het niet gedaan, mevrouw de rechter.’
Dat zei hij geestdriftig en zwaaiend met zijn lange armen heel boos.
Hij zei dat iedereen wel kan zeggen dat die spullen in zijn huis van hunnie waren.
Maar dat kan toch niet, mevrouw de rechter?
Waar zijn de bewijzen dan?
De aankoopbonnen, de serienummers?
De rechter reageerde: Beschikt u over aankoopbonnen?
Abraham moest toegeven dat dat niet het geval was.
Rechters: Hoe komt u er dan aan, hoe komen die spullen in uw huis?
Abraham: ‘Gekocht van drie zwarte mannen in een coffeeshop.’
Rechters: Die twee usb-sticks ook?
Abraham: ‘Nee, die niet. Die heeft de politie in mijn huis gelegd, om mij te pakken.’
In de nacht van 8 op 9 oktober, rond drie uur, drong een man de woning binnen van een 82-jarige vrouw. Ze lag te slapen, maar werd wakker van lawaai. Ze dacht: daar is’t ie weer. Kort daarvoor was de vrouw al twee keer het slachtoffer geworden van inbraak. Daarom had ze schuifsloten op haar slaapkamerdeur laten aanbrengen. In doodsangst zag ze de deurkruk bewegen. Kort daarop werd de slaapkamerdeur opengetrapt. De inbreker gooide eerst een deken over haar heen en duwde daarna een kussen in haar gezicht. De 82-jarige dacht dat ze zou worden verkracht en vermoord. Maar hij vroeg vervolgens, heel beleefd, waar is uw portemonnee? Daarna sleepte hij de vrouw naar de keuken, pakte de portemonnee met daarin 50 euro uit de keukenla en vertrok. De 82-jarige strompelde gewond en in nachtgewaad naar buiten, naar de buren.
Het petje dat de inbreker droeg kwam overeen met het petje dat Abraham droeg toen hij er mooi gekleurd opstond. De oude vrouw heeft een confrontatie op het politiebureau met hem niet aangedurfd. Ze is verhuisd.
Abraham zei: ‘Ik vind dit het ergste en laagste dat bestaat. En dat dat op mijn conto wordt geschreven, is schandalig. Ik ben een hardwerkende man. Ik heb vier banen. Ik werk in de catering in Emmen, in de opvang in Leek en in Bergum. Ik organiseer bingo’s en klaverjaswedstrijden voor mensen die weinig geld hebben. Daarom koop ik wel eens goedkoop spullen in. Voor de prijzen, mevrouw de rechter.’
Officier van justitie Jongsma deed nog een opmerkelijk verzoek aan Abraham. Bij een van de woninginbraken was een gouden horloge gestolen die toebehoorde aan de overleden echtgenoot. Voor de echtgenote heeft het uurwerk grote emotionele waarde. Jongsma vroeg namens deze echtgenote of Abraham wilde bemiddelen het horloge terug te krijgen.
Maar Abraham zei nee. Hij piekerde er niet over. ‘Jullie verzinnen dit allemaal.’
Daarop zei de officier van justitie: ‘Hij denkt alleen maar aan zichzelf. Ik heb het helemaal gehad met deze meneer. Ik eis vier jaar gevangenisstraf.’
Na afloop van de zitting analyseerden de woninginbraakslachtoffers uit Stadskanaal en omgeving het proces. De een vond vier jaar fors, maar terecht, van een ander hadden het er best acht mogen zijn. Een derde: ‘En eigenlijk vond ik hem nog zielig ook. Wat moet er nou van zo’n vent terechtkomen? Hij heeft zelfs een kindje.’ De vierde: ‘Door zo’n klein raampje, zo klein, is hij bij mij naar binnen gekomen. Onvoorstelbaar. Een vijfde: ‘Bij mij heeft hij ook eten meegenomen. En drank.’ Zes: ‘Dat hij ontkent, dat vind ik nog het ergste. Had hij gewoon toegegeven dat ie het had gedaan, dan konden wij het afsluiten. Nu niet. Mijn man ligt in het ziekenhuis. Ik kom alleen thuis. Dat is iedere keer weer doodeng.’
Rob Zijlstra
update - uitspraak 6 april 2006
Drie jaar cel.