Bureau Misdaad.

Zojuist Bureau Misdaad, het nieuwe televisieprogramma van RTL-zoveel nog eens herzien.
Stel vast: Nog nooit ging de introductie van een nieuw programma, donderdagavond, gepaard met drie levensechte liquidaties. Zoiets verzint big brother De Mol & Co. niet.
Maker dan wel het gezicht van het programma is John van den Heuvel, misdaadjournalist van de Telegraaf. In die eerste uitzending maakte JVDH de kijker deelgenoot van een telefoongesprek dat hij voerde met John Mieremet, enkele uren voordat Spic of Span zelf te grazen werd genomen. Het gesprek werd in de misdaadshow tot het grote nieuws verheven.
Ik heb goed geluisterd.
Uit het gesprek kan worden opgemaakt dat JVDH en Mieremet elkaar wel vaker belden. Dat hoorde je zo.
De inleiding van het gesprek, televisiestem:
In het hart van deze gebeurtenissen (liquidatie Hingst - rz) sprak John van den Heuvel telefonisch met John Mieremet, de ochtend na de moord op Hingst, de ochtend voor de fatale aanslag op zijn eigen leven. Mieremet reageert in dit gesprek op het gewelddadige einde van zijn voormalige advocaat. Ook gaat hij in op de al zo lang durende onrust in de onderwereld en praat hij over zijn eigen veiligheid. Net als bij Evert Hingst is er ook bij John Mieremet niets dat op angst wijst. Luistert u naar de belangrijkste gedeelten uit dit gesprek dat, nu Mieremet dood is, extra macabere momenten bevat.
Het gesprek:
…
John Mieremet: 'Met mij is 't goed.'
John van den Heuvel: Ja? Heb je het nog niet gehoord?
JM: 'Ja, ik hoorde het gisteravond, of vannacht eigenlijk hiero.'
JVDH: Ja. Wat denk je er van?'
JM: 'Ze ruimen mekaar zelf op. Daar zijn ze mee bezig, nou hè.'
JVDH: Ja.
JM: 'Ze weten allemaal te veel van mekaar en nou gaan ze onder elkaar beginnen.'
JVDH: Ja.
JM: 'Geweldig.'
JVDH: Ja.
JM: 'Ze vertrouwen elkaar niet meer. Leuk is dat hè?'
JVDH: Nou ja, je hebt het een beetje voorspeld, hè.
JM: 'Ik heb het je gezegd. Hi, hi, hi… Ja, in zoveel dingen was 'ie verzeilt geraakt.'
JVDH: O ja?
JM: 'Heb ie toch zelf gedaan? Hij was toch de consigiliere heette dat, geloof ik.
JVDH: Ja.
JM: 'Ja, ja god, dat is nog geen reden om dronken te worden.'
JVDH: Goed, het leek weer even een tijdje rustig te zijn, maar…
….
JM: 'En voor de rest, voor de rest niets nieuws aan 't front?'
JVDH: Nou, vind je het niet genoeg?
JM: 'Nee'.
JVDH: Nee, dat snap ik… Zou jij telefonisch wel, kijk, want iedereen roept nu natuurlijk van nou, het is wel heel toevallig, de mensen waarmee - uh - Mieremet ruzie mee had - uh - en Endstra, Hingst en Holleeder, van die drie zijn er nu twee dood. Maar zou jij daarover iets willen zeggen?
JM: 'Nee, nee, neuh, nee, nee, nee… D 'r is mij advies gegeven door even niets te zeggen, mij
er even niet mee te bemoeien. En dus dan moet ik dat even opvolgen. De mensen vonden dat raadzamer.'
JVDH: Okay.
JM: 'Want anders lig ik direct op de grond en daar heb ik ook geen zin in, dus uh…'
JVDH: Nee… Er wordt nu natuurlijk weer druk gespeculeerd en een van de dingen die wordt gezegd is, ja uh, hij zit daar veilig en droog en – uuh- en ondertussen zijn - uuh - de mensen met wie hij ruzie had…, worden een voor een, worden ze naar de andere wereld geholpen.
JM: 'Ja. Ja maar goed, vraag het maar aan die analisten bij de politie. Die weten ook precies hoe het zit. Er zijn bepaald mensen die hun eigen mensen aan het opruimen zijn omdat het even te link gaat worden, hè.'
JVDH: Ja.
JM: 'Dus zullen er nog wel een paar vallen want ja, ze denken ook, ja ze komme te dicht bij, die weten te veel.'
JVDH: Ja.
JM: 'Daar hebben ze spijt van.'
JVDH: Ja.
JM: 'Daar hebben ze allemaal spijt van.'
JVDH: Ja.
JM: 'Dan ging ie op zijn eigen houtje verder.'
JVDH: Ja.
JM: 'Ik ben geen voorspeller, maar ik hoorde het van het van alle kanten, hoorde ik het,
dat dit er aan zat te komme.'
JVDH: Ja.
JM: 'Ja en dit is, dit is…, mensen wisten het gewoon allemaal. Dus ja dan – uuh - je ziet er wat er dan gebeurt.'
JVDH: Ja.
JM: 'Er staan er nog een paar op de lijst die eigenlijk ook heel vlug moesten, moesten gaan.
Ik heb – uuh - ik vind het allemaal goed, laat mij er maar buiten.'
JVDH: Ja.
JM: 'Ik vind het goed zo, ik heb het wel even gehad met ze. Ik ben een eerzaam burger en ik vermaak me zo wel… Ik vind het wel goed zo.'
JVDH: Maar voorlopig ben je nog niet terug dus.
JM: 'Nee, ik ben nog niet terug, nee.'
JVDH: En verder met jou gaat het allemaal goed daar?
JM: 'Ja, met mijn na dit soort nieuws, vind ik het ja, wat moet ik er nog meer van denken,
het maakt mij er best wel vrolijk van hoor.'
JVDH: Ja.
JM: 'Ik weet zeker dat ik Evert heb overleeft, dus – uuh - dat is een ding wat zeker is… Maar hij hoorde ook bij dat huisvuil, waar hij lag, daar hoorde hij thuis.'
JVDH: Ja. Hé, nou, ik spreek je wel weer.
JM: 'Ja John, je hoort me.'
JVDH: Zal ik jou op – uuh - kan ik jou op dit nummer eventueel nog bereiken?
JM: 'Ja, je kunt me altijd op dit nummer bereiken.'
De afsluiting van het gesprek, televisiestem:
Dat waren Mieremets laatste woorden tegen over John van den Heuvel, maar over zijn dood zijn de laatste woorden nog lang niet gesproken…
Tja.
Liquidaties zijn professioneel uitgevoerde moorden met een zakelijke achtergrond, schrijft cultureel antropoloog Mattijs van der Port in zijn in 2001 verschenen boek Geliquideerd, criminele afrekeningen in Nederland.
Professioneel en zakelijk.
In een zakelijke benadering past het verhaal van een andere misdaadjournalist, van Bart Middelburg. Die beweert in zijn boek Onderwereld-pr, hoe de misdaad de media manipuleert (2002) dat misdaadondernemers aan public relations zijn gaan doen. Mediamanipulatie is daarbij pure noodzaak.
JVDH: Ja. Hé, nou, ik spreek je wel weer.
JM: 'Ja John, je hoort me.'
Misdaad scoort in tijden van dalende krantenoplages en onzekere kijkcijfers.
We kijken graag, maar wantrouwen is vooralsnog geboden.
Want uit het tot nieuws verheven gesprek tussen JVDH en JM toont JVDH - terwijl hij wel heel het vaderland liet meeluisteren - zich nou niet de gretige journalist die het naadje van de kous wil weten.
Oh ja, ik heb gemakkelijk praten vanuit het veilige Groningen waar zelden liquidaties plaatshebben. Maar ik weet ook dat journalisten altijd meer weten dan ze schrijven of vertellen. Dat is inherent aan het vak. Je kijkt wel link uit. Wie alles prijsgeeft uit een wereld waar vooral het zwijgen de code is, komt niet ver. Dat weet zelfs een rechtbankverslaggever in Groningen.
Bureau Misdaad.
Als je het mij vraagt?
Onderwereld-pr.
Rob Zijlstra