Nova zond zaterdagavond een reportage uit over de slachtoffers van Geert van D. uit Zuidwolde. Dat ligt onder de rook van Groningen. De man heeft gedurende twintig jaar kinderen seksueel misbruikt. In die periode is vaak aangifte gedaan, maar de politie liet die een voor een links liggen.
In de reportage van Nova vertellen drie slachtoffers, inmiddels volwassen mannen, hun verhaal. Verhalen om even stil van te worden.
Drie moedige mannen, die - kwetsbaar en zonder poespas - het slachtofferschap een gezicht geven. Zij deden aangifte, in 1982, in 1992, in 1996, maar kregen niet die bescherming die ze hadden moeten krijgen.
En daarom kon de gestoorde Geert van D. twintig jaar ongestoord zijn gang gaan.
Hij verkrachtte tenminste drie kinderlevens.
Er is nog wel wat meer te vertellen dan in de uitzending van Nova is gemeld.
In november 2001 komt de zaak voor het eerst naar buiten.
Dan wordt bekend dat niet alleen de politie, maar ook de burgemeester van Bedum al langer wist dat er sprake was van een omvangrijke zedenzaak. In alle wijsheid was er voor gekozen de zaak buiten de publiciteit te houden. Politie en justitie wilden voorkomen dat er maatschappelijke onrust zou ontstaan.
Mega struisvogels.
Bij de politie legt Van D. na zijn aanhouding een bekentenis af, maar tijdens de rechtszaak zegt hij: “Ik trek hierbij alle bekentenissen in." Volgens hem wordt alles ‘zwaar overtrokken’. Hij eist dat zijn zaak achter gesloten deuren - zonder publiek - wordt behandeld. Want hij heeft eventjes geen zin in een ‘poppenkast’. Uitdagend en zelfverzekerd arrogant kijkt hij vanuit het verdachtenbankje naar zijn slachtoffers die op de publieke tribune zitten. Walgelijke handkusjes.
In juli 2002 wordt de dan 44-jarige Geert van D. door de rechtbank van Groningen veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf en tbs met dwangverpleging wegens seksueel misbruik van minderjarige jongens. De rechtbank acht bewezen dat hij tussen 1992 en 2001 vijf jongens heeft gedwongen tot seksuele handelingen. In hoger beroep blijft de straf gehandhaafd.
Deskundigen zeggen dat Van D. verminderd toerekeningsvatbaar is. De man lijdt aan een persoonlijkheidsstoornis, is paranoïde, en heeft asociale en narcistische trekken
In maart 2002 begint een bijzonder juridisch proces tegen Van D. Op de linkerborst heeft hij onder meer een portret laten tatoeëren van Patrick, een van zijn slachtoffers. Advocaat Liesbeth Poortman zegt dat er sprake is van aantasting van het portretrecht waardoor inbreuk wordt gemaakt op de persoonlijke integriteit van Patrick. In juli van 2002 bepaalt de Groninger rechtbank dat de tatoeage moet worden verwijderd. Binnen een half jaar, op straffe van 200 euro per dag. Uiteindelijk, maar na meer dan een jaar, doet Van D. dat zelf, met een scheermes.
Twee weken na het opmerkelijke tatoeage-vonnis beslist de rechtbank dat drie slachtoffers van Van D, recht hebben op schadevergoeding,. Van D. moet hen 45.000 euro betalen. Om het geld veilig te stellen, wordt beslag gelegd op zijn woning. Uit de uitspraak van de rechter blijkt dat de slachtoffers hun claim mogen indienen bij de verzekeringsmaatschappij van Van D. die zelf zegt geen geld te hebben.
Niet lang daarna, in april 2002, interview ik de moeder van Patrick. Een gebroken, maar strijdbare vrouw. Zij zegt: “Ik heb geschreeuwd en geschreeuw, maar niemand wilde mijn verhaal horen.” Duidelijk wordt dan ook dat Van D. Patrick op school, het Rölingcollege in Groningen, voortdurend belaagt. Bij de schooldirectie blijft dat niet ongemerkt. Van D. krijgt zelfs een pleinverbod. De politie wordt daarvan in kennis gesteld, maar de man wordt ongemoeid gelaten.
Van een politieagent uit Bedum krijgt de moeder goedbedoeld te horen dat Van D. een pedofiel is. De politieman adviseert haar Patrick bij hem weg te houden. De moeder: "Ik zei dat ik dat wel probeerde, maar dat me dat niet lukte. De agent uit Bedum belde me regelmatig op om te vertellen dat Patrick weer bij hem thuis zat. Op aanraden van de agent ben ik er eenmaal naar binnen gegaan. Ik ben toen geweldig geschrokken. De woonkamer hing vol met foto's van Patrick, sommige zo groot als posters. In het midden van de kamer stond een bed. Ik ben opnieuw naar de politie gegaan en heb verteld wat ik had gezien. De politie wist het kennelijk, want ze zeiden tegen me: het valt wel mee. Dat was het."
De moeder zoekt hulp bij medewerker van het RIAGG. Hulpverleners melden aan de politie dat er iets niet in orde is met Van D. Medewerkers van zwembad De Parrel doen hetzelfde, evenals de schoolinspectie. Maar er gebeurt opnieuw niets.
De moeder: "Op een gegeven moment sloegen de stoppen door. Ik voelde me zo machteloos. Ik heb geschreeuwd en geschreeuwd, maar niemand wilde mijn verhaal horen. Toen zag ik hem lopen in het winkelcentrum Paddepoel. Ik ben op hem afgestormd en heb hem geschopt en geslagen waar ik maar kon. Ik heb gegild dat 'ie met zijn poten van mijn kind af moest blijven."
Van D. doet aangifte van mishandeling. De moeder wordt een dag later ontboden op het politiebureau. "Een agente zei dat het voor mij vast en zeker een hele opluchting moet zijn geweest hem te slaan." De kwestie wordt in handen gegeven van justitie. De moeder van Patrick wordt niet veroordeeld, maar krijgt wel een proeftijd van twee jaar. Van D. lacht het apelazerus.
De meelevende agent uit Bedum zegt niets te kunnen doen: “Hij was van Bedum en dit was een zaak voor de stad, zei hij.”
Terug naar nu, naar vandaag.
Vier slachtoffers eisen in een civiele procedure van de regiopolitie Groningen en de Nederlandse Staat genoegdoening. De politie is nalatig geweest, door aangiftes en signalen stelselmatig te negeren. In het Nederlandse civiele recht kun je alleen je gelijk halen als je financieel ook iets hebt te claimen. Alleen daarom wordt 10.000 euro per slachtoffer gevraagd. De procedure zal zeker een jaar duren.
De verbijtende verhalen van Patrick, Henk en René in de Nova-uitzending laten aan duidelijkheid niets te wensen over.
Het schrille, kille contrast kwam uit de mond van persofficier van justitie Pieter van Rest. Het openbaar ministerie zei niet van: we gaan het uitzoeken, we weten het niet, maar het kan zijn dat er fouten zijn gemaakt. Nee, het openbaar ministerie, reageerde alsof de verantwoordelijken hoofdkantoor houden op de maan:
Het openbaar ministerie, in Nova (letterlijk) :
‘Een van de problemen in deze zaak is dat de feiten zoals die er zijn geweest in de jaren tachtig en de jaren negentig, dat die niet meer zijn te achterhalen omdat de politieregisters zijn geschoond in verband met de termijnen die daar voor gelden is dus niet meer te achterhalen van wat er toen is gebeurd.
Wat ik wel kan zeggen is in z’n algemeenheid het bij zedenzaken zo is dat die zaken heel moeilijk te bewijzen zijn, heel moeilijk te vervolgen zijn, omdat de verdachte meestal ontkent. Slachtoffer doet aangifte, verdachte ontkent en meestal zijn er geen getuigen. In zo’n situatie zit er niks anders op dan, hoe geloofwaardig de verklaring van het slachtoffer ook zou kunnen zijn, om de zaak te seponeren, om niet te vervolgen.
Vraag van Nova: Had er niet op z’n minst intensiever onderzoek moeten worden gepleegd nadat zij met hun verhaal bij de politie kwamen?
‘Dat hangt een beetje af van de inhoud van het verhaal. Daarnaast is het natuurlijk zo dat als aanvankelijk in 82 aangifte is gedaan, melding is gemaakt, en daarna, bijvoorbeeld in 1992, ja dat de eerdere aangifte van tien jaar daarvoor, ja, niet meer van grote waarde is om als het gaat om de vraag heeft ie het in 92 ook gedaan.’
Nova: Toch is er in 2001 door een ander slachtoffer uiteindelijk ook alleen maar een aangifte gedaan, en toen is Geert van D. wel vervolgd, waarom toen wel en al die eerdere jaren niet?
Wat in ieder geval wezenlijk anders was dan in 2001, dan daarvoor, is dat toen de verdachte werd aangesproken op de aangifte die was gedaan, dat hij toen bekend heeft. Hij heeft toen bekend en hij heeft vervolgens ook toestemming gegeven om in zijn woning te gaan kijken.
Nova: Was die toestemming nodig?
‘Die toestemming is formeel niet nodig, maar is natuurlijk wel makkelijk als je zegt van ja, ik wil ook wel eens in die woning kijken, wat is daar precies aan de hand?’
Nova: Makkelijk, maar als u in 1982 al huiszoeking had gedaan dan was deze man sneller vervolgd.
‘Maar de situatie moet er wel naar zijn.’
Clairy Polak sluit de uitzending af met het vermelden van het telefoonnummer van Korrelatie: 0900 1450.
Of anders: www.korrelatie.nl