Wednesday, March 02, 2005

'Toen zij hem vertelde dat ze wilde scheiden, had hij een gietijzeren koekenpan in de hand.' Zo luidde eens de eerste zin van een bericht in Dagblad van het Noorden. Zij overleefde het niet.

 

Dinsdag stond een andere hij terecht voor de rechtbank in Groningen. Een hij van een zij die het geweld van haar partner wel overleefde. Sinds enige tijd wordt geweld achter de voordeur, de meest voorkomende vorm van geweld in Nederland, hard aangepakt.

 

Ja, dat hij haar flink had geschopt, de laatste jaren, gaf hij wel toe.

Maar vuistslagen in het gezicht, nee. Dat nooit. Dat had hij niet gedaan.

Zijn echtgenote had dat wel verklaard tegenover de politie.

En zijn dochter ook.

Met kracht en gebalde vuisten.

Vaak, heel vaak.

Hij hield vol. Nooit.

Rechter: Dus uw vrouw en uw dochter liegen?

Hij, zacht: Nou nee, dat ook weer niet.

Rechter, zuchtend: Dus u heeft wel geslagen.

Hij: Nee.

Rechter, fel: Wat moet ik hier nou mee? Het is het een of het ander.

Schoorvoetend gaf hij uiteindelijk toe.

 

Hij, 43 jaar, twintig jaar getrouwd, werd dinsdag een vol uur lang door de rechters zonder mededogen doorgezaagd. Zijn vrouw en dochter hoorden het aan, in de beveiligde ruimte, achter glas.

 

Hij stond niet alleen terecht voor poging tot doodslag en zware mishandeling, maar ook voor verkrachting. Op 23 november had zij, in de zaak die ze samen in Groningen hebben, hem laten weten dat het over was en uit. Hij had haar vervolgens vastgepakt, om zo zei hij, haar te troosten. Want ze moest huilen. Daarbij had hij haar een tongzoen gegeven. De wet zegt dat het gedwongen ondergaan van handelingen die bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam verkrachting is.

 

Zij had bij de ongewenste zoen, flink van zich afgebeten. Letterlijk en tot bloedens toe. Daarop mepte hij haar maar weer bont en blauw. In een reflex, zei hij, maar erg geloofwaardig klonk dat niet.  

 

Aan veel was te merken dat de rechters maar weinig sympathie konden opbrengen voor deze verdachte. Jarenlang had hij, zei de officier van justitie, zijn gezin geterroriseerd en vernederd. En nu, nu hij zich voor zijn daden moest verantwoorden, voelde hij zich vooral zelf slachtoffer. Hij was psychisch gemarteld door haar, zei hij. Als man mocht hij niets. Niet eens naar andere vrouwen kijken, bijvoorbeeld.

 

Veel verdachten doen dat in de rechtszaal. Een klein beetje toegeven, de ernst van hun daden enigszins bagatelliseren en zichzelf vervolgens neerzetten als slachtoffer. Hij had verklaard het maar overdreven te vinden dat 'ie nu al tien weken in de gevangenis zat.

 

Hij had nu wel spijt – vrijwel alle verdachten zeggen spijt te hebben – maar de officier van justitie geloofde er geen sikkepit van. Hij hoorde een forse straf eisen: 24 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk. Elektronisch toezicht bij vrijlating. En een verplichte behandeling door een ambulant forensisch psychiater.

 

Rob Zijlstra

 

 

posted @ 10:56 AM | Feedback (79)