Tuesday, February 15, 2005

Kok

Het hebben van een advocaat is geen overbodige luxe. Een 22-jarige Marokkaanse Groninger, verdacht van 'oplichting meermalen gepleegd in vereniging', vond 700 euro echter te veel van het goede. En zijn oplichtingpraktijken wel meevallen. Dus kwam hij dinsdag in z'n eentje naar de rechtbank.

Dat zijn broer met gestolen creditcards ging shoppen, dat mocht dan zo zijn, maar wat kon hij daar aan doen? Hij is zijn broer toch niet? En als je van je eigen broer een nieuwe spijkerbroek krijgt, is dat dan heling?

Dat van dat bankstel gaf hij wel toe. Het meubelhuis stuntte met 'koop nu, betaal later'. Hij bedacht zich niet, dacht aan zijn moeder en schonk haar een nieuw bankstel. Later is later.

De oplichtingpraktijken kwamen in het opsporingsprogramma terecht van RTV Noord. Iemand herkende iemand, belde de politie en zo liep Samir tegen de lamp. Bij zijn aanhouding had hij pech. In zijn broekzak zaten, stom, 900 XTC-pillen.

Het openbaar ministerie eiste een werkstraf van 240 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 4 maanden.

 

Een advocaat had nog wel wat tegengas kunnen geven. Maar Samir dacht, als ik het er niet mee eens ben, dan kan ik toch in hoger beroep? Kan ik in hoger beroep ook veroordeeld worden? Oef, wist ik niet.

 

Wat hij kennelijk ook niet wist, is dat je als verdachte het recht hebt op het laatste woord. De rechter is verplicht een verdachte daar op te wijzen en hem dat woord te geven. Maar rechters worden slordig zonder advocaat. Aan het einde van de zitting vroeg de rechter of Samir het allemaal begrepen had. Jawel, zei hij monter, maar weinig overtuigend. Zitting gesloten.

 

Het de verdachte onthouden van het laatste woord is een ernstig verzuim in de rechtspraak. Het komt ook zelden voor. Hij zou er zijn voordeel mee kunnen doen, maar weet Samir veel. Hij is kok, geen jurist.

 

Rob Zijlstra

 

 

Artikel 311, lid 4 Sv:

Aan de verdachte wordt op straffe van nietigheid het recht gelaten om het laatst te spreken.

 

posted @ 12:59 PM | Feedback (32)