Afgeronde vormen, platter dan plat, aanraakscherm, draaiwiel. Van vormgeving hebben ze bij Apple absoluut kaas gegeten. Zo’n iMac maakt iedere huiskamer af. Met een Aldi-mp3-speler of een Nokia-telefoon wil je niet gezien worden. Nee, gewapend met iPod, iPhone, iBook en iCalculator ga je hip en trendy de deur uit. Apple is populair, en dat kan niet voor niets zijn. Een vriend heeft zijn oude mp3-speler ingeruild voor een iPod. Sindsdien zijn de vrouwen niet meer bij hem weg te slaan. En sinds ik zelf een iPod heb, praten er mensen tegen me die me vroeger niet zagen staan.
Er is maar één miniscuul nadeeltje aan de iPod, maar dat mag geen naam hebben. Met een iPod word je bijna gedwongen iTunes te gebruiken. Nu is iTunes natuurlijk een prachtig programma, maar het zou, hypothetisch, zomaar kunnen dat je al een ander muziekprogramma hebt. En dat je dat liever gebruikt. En dat je niet zit te wachten op extra software en spam die je er ongevraagd bij krijgt. Overigens doet de meeste muziek van iTunes het nog steeds alleen op de iPod. Van die iPod kom je dus de rest van je leven niet meer af. Dus kun je je iPod net zo goed meteen als agenda gaan gebruiken. Maar dat werkt natuurlijk het beste als je Apple-software gebruikt. En die werkt alleen op MacOS. En je raadt het al: MacOS doet het alleen op een Mac. En voordat je het weet moet je ook iUnderwear aan omdat je anders niet meer op je iBureaustoel kan zitten en daardoor de iThermostaat niet hoger kan draaien.
Oja, er is ook nog een klein technisch nadeeltje. Mijn iPod crasht vaker dan Windows 95. Resetten is gelukkig makkelijk. Daarvoor hoef je alleen een ingewikkelde sequentie van toetscombinaties te onthouden. Meestal heb je na 20 minuten wel de goeie combinatie gegokt . En meestal staat de muziek er dan nog gewoon op. Het apparaat werkt natuurlijk het beste als je het maar gewoon helemaal niet meer aanraakt.
Maar wacht, ik heb een idee. Als Apple zo goed kan vormgeven, waarom staan hun produkten dan niet in een museum? Dat wordt een prachtmuseum. En ook met de techniek kan het niet meer mis gaan. In een museum mag je immers niets aanraken. Een museum is de ideale plek voor al die mooie en tere Apple spulletjes. Daar horen ze thuis en nergens anders.