Gezellige boel hier in het hotel in Graubunden. Vier Duitsers, drie Oostenrijkers en wat mensen zonder motor in het restaurant. En maar klagen over het weer. De Oostenrijkers zwerven al een kleine week door de Alpen en hebben nog steeds geen droge pas gereden. De Duitsers reden vandaag 300 kilometer en kwamen ijskoud binnen, want de sneeuwgrens lag vandaag op 2400 meter. En dat schept een band. Bovendien was het eten geweldig - overdag lopen ze hier allerlei zwammen te plukken, 's avonds staan ze op het menu. Het bier gaat snel en iedereen doet zijn best er toch nog iets van te maken.
Oke, mijn Rijnreisje. In Nederland en Duitsland is de Rijn een traagstromende rivier die dient voor het vervoer van Rode Kruis-toeristen. Maar hier is het een venijnig wilde bergstroom, die hele canyons heeft uitgesleten. Hier hoog in de bergen ligt een klein meertje dat wordt gezien als de oorsprong. Daar wil ik natuurlijk naartoe, maar met dit hondenweer levert het alleen maar akelige foto's op. Overmorgen schijnt het wat beter te worden. Tot die tijd neem ik samen met de Duitse vrienden het Alpenreportoire door. Herrliche Berge, sonnige Höhen, Bergvagabunden sind wir.