Monday, November 16, 2009
Ter ere van Duane Allman
63ste verjaardag op 20 November
kocht ik voor een schamele negen euro bij Concerto
Eat A Peach van de Allman Brothers Band, de Deluxe Edition (2-CD's).

Niet thuis en tussen allerlei gezeik en leuke dingen door cd-1 opgezet. Niet luid - dat moet eigenlijk wel om de muziek van de Allman Brothers Band tot zijn recht te laten komen. Maar ja, dat kan nou eenmaal niet altijd. Die momenten komen vanzelf.
Muziek is belangrijk in mijn leven – klassiek of modern, het geeft ultiem genot, rust en plezier, afleiding en concentratie:
Gregg Allman: “Music soothes the savage beast. It could take you back to a time or place in your life that you would like to remember. I played for peace of mind.”
Duane Allman: “There’s a lot of different forms of communication, but music is absolutely the purest one, man. You can’t hurt anybody with music. (…) It’s all just good. There’s nothing at all that could ever be bad about music, about playing it. It’s a wonderful thing, a grace.”
Eat A Peach ken ik sinds de zomer van 1972. De muziek van de Allman Brothers Band een jaartje langer. De eerste plaat van de band was de dubbelaar Beginnings, met de eerste twee studioplaten. Wat een kennismaking!
Het geluid van Duane Allman kende ik van Wilson Pickett’s Hey Jude, Aretha Franklin’s The Weight en Layla van Derek & The Dominoes.
Onvergetelijke momenten beleefde ik met Dreams van Beginnings op de platenspeler van mijn vader, met zijn koptelefoon op mijn kop, op de grond, achter de eettafel verborgen, zat ik met mijn rug tegen de centrale verwarming te luisteren naar die prachtige gitaarsoli die zich in mijn brein en lichaam nestelden – forever young. Ongelofelijk wat een heerlijke muziek. Met dank aan Radio Veronica, vooral Tineke ’s avonds laat.
Ook al ken ik Eat A Peach allang, er is vandaag toch verrassing. Ik hoor een bas brommen, ik hoor de aanslag vingers op gitaren, ik hoor scherpte van de slide op Ain't wastin' no more time. Ik hoor swingende country-rock op Melissa en Blue Sky. Mijn lichaam danst op de gitaren. Ik hoor heldere warme riffs en akkoorden wisselingen die perfect zijn - hoe verzin je ze. Ik hoor jams (Mountain Jam en Les Brers in A Minor) zoals ze maar zelden op een plaat gezet zijn.
Eat A Peach was oorspronkelijk een dubbelalbum met een prachtige binnenhoes. Die binnenhoes is in de Deluxe Editie cd-versie verkleind afgedrukt op twee naar binnen klappende delen van de vierdelige CD-hoes. Geen 100% van de afbeelding. Schande! Daarom hieronder 100% van de afbeelding.

De originele uitgave in 1972 was een dubbelalbum. In de klaphoes zaten twee zwarte vinylschijven met negen tracks bevatte. Het album bevatte twee grote verrassingen. De eerste was dat er nummers waren waarop Duane Allman (Nov. 20, 1946 – Oct. 29, 1971) nog op meespeelde en nummers zonder hem.
Eat A Peach kwam uit nadat ‘Skydog’ brother Duane Allman, de oprichter, één van naamgevers van de band en briljant gitarist, was omgekomen bij een motor-ongeval. Na twee studioalbums (Allman Brothers Band en Idlewild South) had de band in 1971 een live-album Live at the Fillmore East uitgebracht dat én goed verkocht en muzikaal zeer gewaardeerd werd door critici en collega-musici. Eat A Peach bevatte een stijl die we al kende van de Allman Brothers. Het album had niet het doel te vernieuwen, niet in de wereld van populaire (rock) muziek en ook niet voor de Allman Brothers Band.
Het album bevatte een tweede verrassing: Mountain Jam, een 33 minuten durende live opgenomen losse jazzy blues jam op Donovan's ‘There Is a Mountain’ dat door de lengte noodzakelijkerwijs over twee plaatkanten (twee en vier) was verdeeld.
Het is briljante en ontroerende muziek. Niet elke criticus houdt van deze losse ongerichte jazzy jams. Robert Christgau, beroemd rock-criticus schreef in Christgau’s Record Guide 1981: “thirty-four minutes with an all-too-relaxing theme by Donovan Leitch. I know the pace of living is slow down there, but this verges on comatose.”
Jammer voor Robert Christgau, gewoon niet afspelen die muziek. Van deze muziek kon en kan ik nog steeds blij worden maar ook zo verdrietig dat tranen opwellen. Het fascineert en ontroerd. In het middenstuk van de jam, levert de band met Duane Allman in de lead het emotioneelste werk dat ze kunnen - vergelijkbaar met Dreams op hun eerste studioplaat. Dit zijn de Allman Brothers Band live op zijn best. Het stond niet op het live-dubbelalbum van een half jaar of zo eerder (Live at the Fillmore East), dat uit dezelfde optredens putte. Voor de vele fans die de band nog nooit de drie of vier uur durende live optredens hadden gezien of gehoord was Mountain Jam een geweldige verrassing.
* * *
De eerste elpee bevatte drie nummers, waar de cd ook mee begint. Deze nummers werden ingespeeld door de Allman Brothers Band zonder Duane. Ain't wastin' no more time begint met een rustige piano intro, gevolgd door een felle slide gitaar waarachter de ritmesectie direct invalt - een stevig basis voor Gregg Allman om in te komen met zijn stem.
In één van zijn betere composities is de stem van Greg Allman dominant aanwezig, en wordt goed ondersteund door fel slide werk van Dickey Betts en het ritme werk van Berry Oakley, Butch Trucks en Jai Johanny Johanson. De slide gitaar van Dickey Betts is soms met de Gregg’s stem in dialoog, soms volgt Betts de ritme sectie, en op een ander moment neemt Betts met zijn gitaar de leiding en geeft hij aan waar de Gregg heen moet met zijn zang. De gitaarsolo is passend en doet pijn.
De tekst toont vastberadenheid om door te gaan na tegenslag, maar tegelijkertijd overheersen pijn, verwarring en radeloosheid om verlies. Een verlies soms te groot voor de toekomst, dan maar geestelijk vluchtten.
Lord, Lord, sweet Sally, why are you cryin’?
Been around here three long days,
lookin’ like you’re dyin’.
Meanwhile, I’ve been wastin’ time, no more
Time goes by like pouring rain,
and so much faster things.
You don’t need no gypsy to tell you why
Can’t just let one precious day to slip by
Look inside yourself
And if you don’t see what you want
Maybe sometime then you don’t
Leave your mind alone and just get high.
De bandleden en hun personeel wisten verrekte goed hoe zij met drank en drugs hun ‘mind’ alleen konden laten. Ze overleefden op die manier de eerste arme jaren dat ze volgens Butch Trucks op pillen en drank in een bus leefden:
“For a long time our only mode of travel was an Econoline van. Eleven of us, with nine sleeping in the back on two mattresses. The only way we made it was with a great big old bag of Mexican reds and two gallons of Robitussin HC. Five reds and slug of HC and you can sleep through anything.”
Maar de drank en vooral de drugs zijn er de oorzaak van dat twee keer gedurende een periode van meerdere jaren de band letterlijk niet bestond en vrijwel alle bandleden en personeel persoonlijke drama’s meemaakten.
De song benoemt hoe burgers, in handen van politici die handelen als warlords, verwaarloosd en kansloos achterblijven. In het geval van de Allman Brothers Band werd dit realiteit toen Lamar Williams, als bassist in 1972 opvolger van Berry Oakley, stierf aan longkanker, dat volgens zijn doktoren een gevolg was van Agent Orange, dat het Amerikaanse leger had gebruikt in de Vietnam-oorlog.
Tom Dowd (producer) en de band kozen met Ain't wastin' no more time een fantastisch stuk om het album mee te beginnen. De band was de initiatiefnemer en oprichter kwijt geraakt.
Gregg: “Duane started everything man.”
Roadie Red Dogs: “he was the father of the family.”
Met dit nummer maakten Gregg Allman en de band direct duidelijk ze zonder Skydog muzikaal verder wilden en konden. Het zet een muzikale toon, die de fans kenden van de eerste twee studio albums.
Dat was nodig ook, want iedere liefhebber luisterde in het volle besef dat Duane Allman tijdens een motor ongeluk was omgekomen en dat Eat A Peach nummers bevat met Duane Allman maar ook songs zonder Skydog. Inhoudelijk en qua gevoel tonen de musici in het eerste nummer verdriet over Duane’s dood en tegelijkertijd vastberadenheid om als band muzikaal door te gaan op de oorspronkelijk ingeslagen weg. Wat ook het leed is dat komt, we gaan door!
Van Ain't wastin' no more time bestaat een indrukwekkende live uitvoering van oudejaarsavond 1972, in The Warehouse, een nachtclub(?) in New Orleans (te horen op Wipe the Windows, Check the Oil, Dollar Gas – 1976).
Die avond speelde de band nadat in één jaar (en twee weken) zowel Duane Allman als Berry Oakley door verkeersongelukken letterlijk uit de groep weg vielen. Het was te merken. Het verdriet en de tegenslag zaten de mannen in het lijf en de kop en ze speelden die avond één van de best geslaagde blues-rock requiems die ik ken. Een requiem waarin geweeklaag niet overheerst, maar wel de vastberadenheid om door te gaan. ‘Let’s waste no more time’ met rouw, die de toekomst naar de knoppen kan helpen.
Uiteindelijk ging de band in de jaren daarna, toch twee keer ten onder aan drank, drugs en onvolwassen slecht management. Meer dan dertig jaar later treden de band echter nog steeds op met geslaagde muzikaliteit. Zoek je bewijs of wil je genieten, check de DVD Live at the Beacon Theatre en je raakt overtuigd dat de Allman Brothers Band nog steeds vitale en originele muziek maken en niet een geslaagde ‘seventies’ retro of cover bandje zijn.
Ain't wastin' no more time overtuigde en gaf hoop voor de toekomst. Er is echter een maar. Dertig jaar later terugluisterend is er in de versie op Eat A Peach sprake van een ondermijnende twijfel en zoeken. De mix is hopeloos slecht. De gitaar in de ene speaker, het slagwerk in de andere... allemachtig wat knullig. De compositie is sterk en de zang past. Maar was er iets mis met het zelfvertrouwen van de band? Of was het Tom Dowd die in de mix de muziek verklootte? Het is onwaarschijnlijk dat Gregg Allman de mix verpestte. In 2003 zei hij in een interview: “I don’t usually stick around for the mix.”
Het tweede nummer op de plaat is Les Brers in A Minor, de broertjes in A-mineur, een door Dickey Betts geleidde jam. Niet live, maar een in de studio opgenomen variatie op het thema Frère Jacques, dat eerder opdook halverwege de Mountain Jam. Les Brers in A Minor is de jammende Allman Brothers Band die de fans graag willen horen. De muziek vloeit niet, het samenspel bevat teveel twijfel, het is zeker geen superjam, de ritmes en melodielijnen vloeien niet. Het lijkt soms een montage van de beste stukken uit een jam, en dat is niet bedoeld als compliment want Les Brers in A Minor haalt op geen enkele manier het niveau dat producent/arrangeur Teo Macero bijvoorbeeld haalde met In A Silent Way van Miles Davis. Hoe dank ook de mix lijkt bij elkaar gesprokkeld. Het inspireert niet, en raakt niet, het is zoeken, proberen, los gaan, inhouden, het rockt en swingt wel – het is niet fluttig. Neem maar aan dat de titel Les Brers in A Minor een ambigue verwijzing bevat naar zowel het kinderliedje als de broers Gregg en Duane Allman. Voodoo om de muzikale inspiratie van Duane Allman op te roepen? Robert Christgau heeft een punt toen hij schreef over Les Brers in A Minor: “instrumental excursion that sounds like Dickey OD-ing on Live/Dead.”
Duane’s echo is in de eerste twee nummers duidelijk aanwezig. Ain't wastin' no more time ging over het de dood en het verlies van hem. In Les Brers in A Minor toonde de band ongetwijfeld ongewild hoe zijn schitterend talent afwezig is lijkt na het fantastische Live at the Filmore East.
Met het derde nummer Melissa mogen en kunnen we Duane Allman echter vergeten. De band speelt hier een prachtige Gregg Allman standaard, met lyrisch akoestisch gitaarwerk. Bij de eerste maten komt er twijfel op of dit de Allman Brothers Band is of dat je naar Gates, Griffin and Knechtel van zwijmel rockband Bread luistert. Als ik de stem van Gregg Allman hoor, verdwijnt alle twijfel als sneeuw voor een voorjaarszonnetje.
Het is de typische Allman Brothers Band sound die we kennen van Midnight Rider en Revival (staan op Idlewild South). Duane is dood, maar de Allman Brothers Band leeft. Weg met de Eagles, niks geen Bread, gewoon Allman Brothers Band op hun commercieelst melodieuze best. De band speelt hier goede country-rock pop, de zang is melancholisch en met een akoestische gitaar die bepalend is voor de sfeertekening van het verhaal van hoofdrol speler in de song. Gregg Allman:
“It just wouldn’t sound right with an electric!”
De sfeer in Melissa is bitterzoet en eenzaam. Er is weinig hoop, wel verlangen. Ik ben benieuwd of Gregg Allman hier speelt op de prachtig gemaakte antieke gitaar, die eerder van zijn overleden broer Duane was. Op de herdenkingsplechtigheid tijdens de begrafenis van Duane Allman zei Gregg, volgens John Landau in Rolling Stone, met zijn hoofd voor overgebogen naar de gitaar kijkend, die hij stevig maar zacht in zijn handen had:
“This is a very old guitar, a very beautiful piece. It was made in 1920 and I’m very proud to have it.”
Er is zelfs een akoestische gitaar naar de song Melissa genaamd: het ‘Gregg Allman Washburn Signature Melissa’ model. Hierdoor heeft de naam ‘Melissa’ in de song een ambigue en daarmee een spannendere betekenis dan oorspronkelijk.
De elektrische gitaar klinkt melodieus en mooi. Maar toch, met de accenten die Dickey Betts plaatst is zijn gitaar net iets teveel partner van de zanger en zijn akoestische gitaar, waarmee hij zich net iets teveel opdringt aan de melodieuze liefdes relatie van zanger en zijn twee instrumenten. Als je naar Gregg Allman tijdens optredens kijkt, begin zeventiger jaren en in de 21ste eeuw, zie je dat hij bescheiden is, a la George Harrison. Hij dringt zichzelf niet op – misschien komt hij zelfs te weinig op voor wat hij waard is – te bieden heeft, vooral op zijn akoestische gitaar.
“I've always been a pacifist. I sing a lot of songs. It's a good job I do.”
Butch Trucks suggereerde in een interview afgenomen door Gary James dat deze bescheidenheid het karakter van de band was en is:
“One reason why we were victimized is we really never expected any success. We really didn't. We were told by Atlantic (Records) from the very beginning that a white band from the South, just standing there playing; you gotta be kidding. They told us to get Gregg out from behind the organ and let him jump around and then we'd have a chance. We really didn't care. We were playing music and that's all we wanted to do. We didn't expect a lot of success.”
Er is een anekdote waarover Gregg Allman tijdens een interview in 1974 met Melody Maker’s Chris Charlesworth sprak. Een vriend wedde met Greg dat die na de set van de band niet alleen op het podium terug zou durven keren om zelf te spelen:
“I forgot about the bet during the set and when it was over the roadies, started setting up mike stands around a stool for me. I remembered soon enough. "I wanna tell ya, I got the same response as the Brothers. I couldn't believe it. I never collected the $ 31,000…”
Het lijkt alsof hij zich liever verschuilt achter zijn Hammond orgel. Dickey Betts heeft en andere houding die wat mij betreft op Melissa te horen is. Op Melissa geeft Dickey Betts zichzelf een te prominente rol. Dat is jammer, want het verstoort de balans tussen muziek en stem, soms lijkt de muziek de stem te overheersen en in Melissa past dat nou net niet.
Misschien was Betts op Eat A Peach, na het wegvallen van Duane, al de muzikale leider. In Elmore Magazine van Mei 2009 vertelde Gregg Allman onlangs dat hij de laatste muzikant was die door zijn broer voor de Allman Brothers Band benaderd werd:
My brother called me on March 26, 1969, and he said, “I’m gonna send you a ticket,” and I said “I know you don’t got the money, I’ll just hang out my thumb.” As I was hanging up, I heard him say “Wait a minute! I need you to play a B3 Hammond!” I said, “What?”
Dickey Betts zat er al in – een haantje is hij altijd gebleven.
Gregg’s akoestische gitaar vervult in Melissa ook de rol van ritme gitaar, en bepaald het stuwend swingende gevoel dat de song ook geeft. Melissa klonk indertijd, en nu nog, als prototype Allman Brothers Band muziek. Het is één van die songs waarbij zowel tekst, als melodie en akkoorden, ruimschoots de tand des tijd doorstaan hebben. Gregg Allman is er verbaasd over, en er klinkt verholen trots in zijn woorden:
“I wasn’t paying attention to how musically correct all the chords were or how sympathetic they were to each other. At that particular time in my life, I started that chord pattern….and was very lonely.
Er was in die tijd geen Melissa in Gregg Allman’s leven, maar als je song zingt hoor en voel je hoe heerlijk de naam zingt in deze melodie.
There’s many ways to write songs. (…) The only way I can tell you is from my end of it. I get inspired by a musical phrase or a lyrical phrase to explain a situation, only in a different way. Not necessarily a clich?, not necessarily something real prophetic, but (something with a meaning).
There are words like blunderbust, I guess, that just aren’t the kind of words you put in songs. You find out what flows off your own tongue from experience of singing other people's songs. You don't really know, but you get a ballpark idea of what to attempt and what not to.”
Het is één van Gregg Allman’s vroegste composities:
“It was one of the first songs that I ever wrote, kept, and didn’t wind up throwing in the garbage. 1967 I was trying to get to the end of the damn thing! As a matter of fact, I didn’t show it to anybody for a couple of years after I wrote it. It wasn’t recorded until after my brother passed away.”
Nu decennia later is Melissa één van de succesvolste nummers tijdens optredens. Het publiek heeft meestal een emotionele en overweldigende reactie op deze song. Helemaal als Gregg Allman achter zijn orgel vandaan komt en midden op het podium met akoestische gitaar de band door het nummer leidt.
“I think the response is incredible, especially when I hear people singing along with it.”
(later meer)
PS voor de liefhebber hieronder een YouTube van de Bonnie en Delaney Bramlett samen met Duane Allman
Oh ja, en luister hier naar Only You KNow and I Know van Bonnie en Delaney Bramlett, weer samen met Duane Allman, tijdens het laatste live optreden van King Curtis, samen met o.a. de Little Feat band leden Gradney en Clayton.
A brief article on all of Duane Allman guitars is here.
Tuesday, November 10, 2009
Via de prachtige nieuwe nieuws-opinie site van de VARA JOOP.nl heb ik De Pers ontdekt. Een prima krant, waarvan het de marketing moet zijn geweest dat het een relatief kleine oplage heeft. Want de artikelen zijn goed geschreven, prima actuele commentaren en een website met inhoud en look and feel dat echt De Pers is. Schreef ik al niet eerder De Pers de hemel in?

Vandaag staat er in De Pers een prima verhaal over de communicatie stijl van Jan Peter Balkenende.
De titel en foto's zijn prachtige journalistiek: Jan Peter De Zwijger.
Het feest in Berlijn, twintig jaar na de val van de muur tussen Oost en West Duitsland, houdt mij al weken bezig. Er is iets dat mij diep raakt. Sinds vanmiddag is dat veranderd, er is iets dat mij irriteert, ondanks alle tranen van de afgelopen weken, ook tijdens de nachtelijke uitzendingen op de Duitse TV-zenders. Nu zit ik me ineens verschrikkelijk afstandelijk te voelen t.a.v. de feestelijkheden zoals ik ze in de media zie.
Dit is wat ik hierover vanavond op Joop.nl publiceerde (slightly edited) :
Oorlogen, onderdrukking van vrijheid, armoe, werkeloosheid en dakloos – ze zijn op hun eigen manier vernietigend voor de fysieke en geestelijke gezondheid van de individuele mens. Zelfmoorden, wat wij tegenwoordig depressies noemen, en ander diep en beschadigend leed is het gevolg. De woorden en de metaforen die gebruikt worden in de strijd tegen dergelijke 'misstanden' roepen 'echte' emoties op bij mensen. Emoties, gedachten, overtuigingen en gevoelens die niet altijd zo authentiek waren als door ons zelf verondersteld.
Ik ben opgegroeid als kind van ouders die de oorlog als tieners hebben meegemaakt. Doden, de gevangenis, doodsangst, van Utrecht naar Rotterdam zoeken naar de familie na de bombardementen. Soms onbesproken, soms met verhalen of als uithalen in boosheid of ruzie dominant aanwezig. Joodse vrienden van de familie, een onvoorwaardelijke sympathie voor Israël en omstreden bezoeken aan Oost-Duitse families. De tweede wereld oorlog en de tegenstelling Westen - Rusland was dominant aanwezig in mijn jeug en vroege volwassen jaren.
Herman van Veen zong ooit in Oost-Duitsland:
Familien in Ost und West,
die man nicht zueinander läßt,
nur Wolken ungehindert ziehen
von Ost- nach Westberlin.
Ist uns das heute schon egal,
gebt jetzt ein Zeichen, ein Signal
daß Beharrlichkeit zum Ziele führt,
und daß ihr Schicksal uns berührt.
Koot en Bie waren niet de eerste die de ogen openden dat er teveel mensen suggereerden dat ze in het verzet zaten. Boeken van filosofen, en waarschuwingen, van mensen actief in Amnesty International, over potentieel gewelddadig en dictatoriaal gedrag van leiders in het ANC en Robert Mugabe, in het mooiste land van de wereld Rhodesië. Zo ben ik politiek volwassen geworden. Gemanipuleer met emoties, percepties en macht werden zichtbaar en niet meer te ontkennen. Studie, TV, vrienden, sociale contacten en internationale reizen maken wijs. Er is meer dan wat in je opvoeding binnengepompt is.
Zo ben ik politiek volwassen geworden. Gemanipuleer met emoties, percepties en macht werden zichtbaar en niet meer te ontkennen.
De gebeurtenissen in 1989, niet alleen op 9 November raakten mij. Op 9 November direct bij de eerste tv-beelden, sprong ik op de fiets. Samen met mijn vader keek ik naar TV. Een gedenkwaardige belevenis.
Ja, het was ontroerend. Ik zag de tranen in mijn vaders ogen. Ik kon begrijpen wat het betekende voor de generatie van mijn vader. Er was bij hem ook voorzichtigheid over Duitsland, zoals Thatcher en Mitterand lieten blijken. De pijn van de gevangenschap zat nog in zijn lijf. De emotionele en politieke betekenis waren onontkoombaar en niet te ontkennen. Tegelijkertijd was ook duidelijk dat de blijheid in de gezichten en de stemmen van de duitsers die over de brug kwamen - relevant was. Te herkennen. Vrij na onderdrukking. Dat deze humanistisch getinte gebeurtenis politiek en economische gevolgen zou hebben die niet iedereen blij kon maken.
Tien jaar later leefde ik in een nieuwe realiteit. Ik kwam in landen waar Reagan en Thatcher werden vereerd. Kapitalisme was 'heilig'. Er was ook ‘revolutie’ in eigen land. Eindelijk was het CDA van het regeringspluche gejaagd. Met dank aan Van Mierlo, Bolkestein en Kok. Er was wel een prijs: het verloochenen van sociaal democratische principes door Kok. De voorbeelden van privatisering in eigen land, waren behulpzaam in het onderwijs aan jonge Europese politici - ze schrokken niet terug voor de gedachtespelletjes over privatisering van het leger en politie - filosofische verkrachting van het grondwettelijk verankerde principes, als het monopolie op geweld.
Twintig jaar nadat ik met samen met mijn vader de angst van oorlog en de macht van bevrijding proefde is er veel aandacht voor de val van muur. De bevrijding...
Vanavond was het feest in Berlijn ontnuchterend. Vele vrineden in de stad, gingen sporten, naar de sauna, zoals Merkel twintig jaar eerder, ze merkten er in de stad niet veel van. Het was en gewone dag en een gewone avond. Ze zagen geen drukte en beleefden geen drukte. Het was een poppenkast van politici die aan de meeste inwoners van Berlijn voorbij gingen. Het gevoel in de stad was enerzijds één van blijheid maar evenzeer onverschilligheid t.o.v. dit feest. De jaarlijkse marathon roept meer feestelijk publiek op de been, dan het politieke machtsvertoon van vandaag.
Veel, weliswaar oprechte, gevoelens van blijheid en de tranen zijn een beetje zoals het geblaas over de belofte van de verkiezing van Obama. Op Joop.nl lees ik een tweet van de politiek gemotiveerde PvdA-ster Kirsten Verdel:
“Vandaag precies 20 jaar na de val van de muur. Ik weet nog heel goed hoe graag ik erbij wilde zijn om dat ding te slopen. Maar ja, ik was 11.”
Wat een naïviteit. Kunnen kritische media en opkomende politici als Kirsten Verdel a.u.b. ophouden met emotioneel opleuken van voor machtspolitiek relevante media gebeurtenissen. Populisme is het als via de media gegenereerde emoties tot criteria voor politiek of bestuurlijke relevantie worden opgewaardeerd. De 'val van de muur' was feitelijk al het geval met het verdrag tussen Gorbi en Kohl, waarin gesuggereerd werd dat de Sovjet-Unie/Rusland niet meer met militaire middelen zou ingrijpen bij interne politieke keuzes van Europese landen, lees Oost-Europese landen.
Verdel’s opmerking lijkt mij vooral een blijk van machtsgeilheid of gevoeligheid voor gezag die een grondige kritische en niets ontziende discussie van politiek leiderschap en keuzes in de weg staat. Voor sommigen misschien effectief voor een politieke of bestuurlijke carrière.
Kunnen we ons a.u.b. richten op: steun aan de Europese Unie, openheid, diversiteit en acceptatie van andersdenkenden en voor al zorg voor zwakkeren rondom ons??? Please, Mr. Bos!
Verhalen over de andere kant:
- Voor sommigen blijft de pijn totdat ze sterven
Monday, November 09, 2009
Friday, November 06, 2009
Lang geleden reed ik een paar keer per jaar op donderdagavond en in het weekeinde naar Amsterdam en zat ik samen met een redacteur van Het Parool, Henry van Meeuwen, de Berggids, het bergsporttijdschrift van de KNAV, nu Hoogtelijn van de NKBV, samen te stellen.
Eindredactie doen - koppen verzinnen, vormgeving bepalen, plakken, drukklaar maken. Op de achtergrond speelde niet gemakkelijke popliedjes, maar de 'betere' muziek. Onvergetelijk waren de momenten dat ik op spring en naar de platenspeler liep en keek welke plaat er op stond. Frank Zappa, Stones, maar de meest verrassende waren toch Shot of Love en Infidels van Bob Dylan. Ik herkende ze ergens van... maar wist niet wat het was. Ze raakten en bleven hangen. Het eerste nummer van Shot of Love, het titelnummer van de plaat is onvergetelijk. Ik heb het wel tien keer opgezet terwijl we aan het plakken waren. Tom Dylan beschrijft het als volgt:
Het album begint met de titeltrack. Als de naald op het vinyl is gezakt, is het eerste geluid een aanslag op de gitaar. Daarna zingt Dylan, muzikaal op de hielen gezeten door de achtergrondzangeressen, twee maal de regel I need a shot of love a capella. Pas dan barst Shot of love echt los. Het geluid dat Dylan en consorten produceren heeft nog het meest weg van de ongepolijste geldingsdrang die men zou verwachten te horen in de oefenruimte van een jong bandje. Het geluid van Shot of love is losjes, zo losjes dat het klinkt alsof het album live is opgenomen.
Ik heb Shot of Love nooit gekocht, dat komt nog wel eens. Het waren momenten die mijn belangstelling voor minder populaire kunst aanwakkerde, zoals ik later de IKEA zooi uit mijn huis gooide en genoot van Zanotta en Capellini. Bedankt Henry!
Met toenemend plezier heb ik vanavond een verhaal over Shot of Love gelezen dat een mooie persoonlijke recensie is. Het stond op het altijd weer leuke blog Bob-Dylan-in-Nederland.
Fantastisch, Tom, bedankt.
Maar pas op beste Dylan fans...
De verborgen giftige slang onder het tapijt in zowel de recensie van Tom, als mijn stuk hierboven en mijn recente Dylan in the Heart, geschreven op verzoek van Tom Dylan, is dat Dylan's muziek een wezenlijk onderdeel van de soundtrack van ons leven is. Het maakt ons oordeel over het werk van Dylan volstrekt irrelevant gekwebbel van fans. Wat wij schrijven kan slechts bij uitzondering muzikale of literaire relevantie hebben. De distantie ontbreekt, wat we ervaren en vaak opschrijven is emotioneel subjectief. Er is weinig kans om vanuit die betrokkenheid het werk van Dylan muzikaal en literair enig recht te doen.
In elke generatie zijn er opnieuw mensen die denken dat wat zij meemaken uniek en groots, en heel belangrijk is. Het veranderde de wereld! 'Zum Kotzen.' De val van de Berlijnse Muur was mijn gebeurtenis. Met de tranen in de ogen - nu nog. Maandag weer. IK weet het zeker het veranderde de wereld. ja een paar jaar later hadden we een vernietigende oorlog in Joegoslavie, en nu zitten we met een supergrote Europese Unie - ben ik trouwens helemaal voor.
De val van de Berlijnse Muur was op zich wel bijzonder maar in het wijdere perspectief van de hele wereld en enkele decennia daarvoor en daarna is de 'val' helemaal niet zo bijzonder. Op heel veel plekken op de wereld zijn er nog steeds ondoordringbare muren. Die het doel hebben mensen buiten en binnen te houden. In heel wat culturele gebeurtenissen die we meemaken, artiesten, die we hebben gehoord en gezien, de plaat die ons raakte en nummer één werd op de hitparade - we denken steeds weer dit is of was het grootste het beste, het meest bijzondere van onze tijd, en eigenlijk van vele decennia daarvoor en daarna.
Ons ontbreekt elk zinnig perspectief - wij zijn gevangen in onze eigen pathetische bepertke gevoelens en non-kennis van de wereld om ons heen. Het is als die duizenden dwazen die in de Arena zaten bij de begrafenis van André Hazes. Al die fans zijn een ander maatschappelijk fenomeen dan het werk van de artiest. Ze hebben nauwelijks iets met elkaar te maken. Dylan de hemel in prijzen of voordragen voor de Nobel Prijs in Literatuur lijkt wereldwijs en weloverwogen maar het is zoals Maxima ooit over Willem-Alexander zei: 'Een beetje dom' en vooral een bewijs voor een geweldig groot gebrek aan interesse.
Het is als die duizenden dwazen die in de Arena zaten bij de begrafenis van André Hazes. Al die fans zijn een ander maatschappelijk fenomeen dan het werk van de artiest. Ze hebben nauwelijks iets met elkaar te maken.
Dit is ook de kern van kritiek van ene Andrew Ferguson op veel fans van Bob Dylan, en vice versa, in een briljant historisch relevant epistel in de Standard Weekly naar aanleiding van Christmas in the Heart.
Wednesday, November 04, 2009
'95 procent van griepgevallen is Mexicaans'
Overige berichten over Nieuwe Influenza A/H1N1 staan hier.
Vlak voor het slapen, na het dramatische verlies van Bayern (met Van Gaal, Robben en Van Bommel), toch nog even commentaar op een bericht over de Nieuwe Influenza A/H1N1. Het is tenslotte een ernstige zaak. De vraag is voor wie? Vergeef me, alleen voor de ernstige zieke zelf, en familie als de patient overlijdt.
In het kabaal over de Mexicaanse griep meent de woordvoerder van het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG) ook een duitje in het zakje te moeten doen. Ja, je zal als vertegenwoordiger van de eerste lijnszorg in Nederland niet in het koor voorkomen.
Een belangrijke geruststellende mededeling van de NHG krijgt weinig aandacht:
„Er vallen elk jaar doden door griep. Tot nu toe is het een gewone griepgolf.”
Maar jammer is dat C. In 't Veld, de woordvoerder van NHG, in de Telegraaf geciteerd wordt met de mededeling dat 95 procent van de griepgevallen het Nieuwe Influenza A/H1N1 betreffen. Interessant. Volgens de Telegraaf baseert de NHG zich op cijfers van het RIVM. (Check hier de presentatie. In de RIVM presentatie komen vrijwel geen cijfers voor die hiernaar verwijzen. In een eerder bericht maakte ik melding van relevante gegevens en 95% van de griepgevallen betreft Mexicaanse griep is te onzinnig voor woorden.
De NHG kan niet bedoeld hebben dat 95% van de mensen die met influenzaachtige klachten in de huisartsen praktijk komen daadwerkelijk met het Nieuwe Influenza A/H1N1 virus besmet zijn. Want dat is niet zo, blijkt uit de onderstaande statistiek van het NIVEl op basis van cijfers van het NIVEL, NIC en RIVM.

Als we de geregistreerde nieuwe influenza-achtige ziektebeelden (IAZ) per 100.000 inwoners per week vergelijken met het aantal influenza positieve monsters dan toont de grafiek verhoudingen als: 43 klachtgevallen per 100.000 tot 14 positieve laboratorium testen, of 73 klachtgevallen per 100.000 tot 23 positieve laboratorium testen. Da's geen 95%, zo goed heb ik op de Marnixschool ook wel hoofdrekenen geleerd.
Het is boeiend om te weten dat de vertegenwoordiging gegevens van huisartsenpraktijken uit Nederland negeert. De bovenstaande grafiek van NIVEL is gebaseerd op data afkomstig van huisartsen praktijken, die in het NIVEL onderzoek zijn opgenomen. Hier staat de onderzoeksmethodiek van het NIVEL beschreven.
De enige grafiek dat bij de woordvoerder van de NHG voor verwarring kan hebben gezorgd is die waaruit blijkt dat van alle laboratoriumtesten van potentiele griepgevallen die positief op een griepvirus scoorden bijna 100% (is bijna 100% soms 95%) het Nieuwe Influenza A/H1N1 betreffen.

De grafiek hierboven vermeldt slechts de cijfers van positief geteste monsters. De 14 uit de eerder genoemde '43 klachtgevallen per 100.000 tot 14 positieve laboratorium testen'. Van alle geteste monsters scoren er nog steeds heel wat negatief. Die laten dus geen besmetting met een griepvirus zien. Niet iedereen die met klachten bij de huisarts komt heeft griep volgens die huisarts. En niet elke verdachte patient blijkt ook daadwerkelijk met griep besmet te zijn. Net als rechtspraak niet iedereen is schuldig als hij voor de rechter wordt gebracht. Daar is nou juist rechtspraak voor. De politie en het OM (Openbaar Ministerie) zijn akls de huisartsen en de rechters het laboratorium waarin de harde gegevens worden gewogen, gemeten en beoordeeld. De grafiek hieronder is afkomstig van RIVM, en gebaseerd op basis van cijfers van NIVEL en CIb, laat zien hoeveel geteste monsters wel en niet positief scoren voor Influenza. De meeste rijd ver onder de 50%, pas in week 43 was het 50%

De kop in de Telegraaf namens de NHG bevat rare, voor het lezerspubliek en potentiele patienten, nauwelijks relevante en ook nog eens onjuiste informatie.
Jammer, Telegraaf en Nederlands Huisartsen Genootschap kleunden in hun jacht op publiciteit flink mis.
Nawoord: en na een dag blijkt dat ook andere kranten het bericht zonder verificatie hebben overgenomen, o.a. HetParool.
Tuesday, November 03, 2009
Overige berichten over Nieuwe Influenza A/H1N1 staan hier.
Om me heen hoor ik dat mensen thuis zijn - mexicaanse griep. Maar ze komen vrolijk aan de deur. 'Onze hele afdeling moet de roosters aanpassen'. IK geloof er niets van. Het is een beetje meelullen met de publicitei. Als ik navraag blijkt het nauwelijks voor te komen.
En ja zo nu en dan ligt er iemand kreunend van de hoofdpijn, misselijkheid en dat soort klachten ellendig op de bank of op bed. Boeiend om te zien hoe de één zich verzet en bij het minste weer gaat lopen, flink zijn en die ligt een half uur later huilend te roepen om de dokter. Een ander kruipt weg, blijft stil, heeft pijn, kotst - laat zich ver nauwelijks horen - en komt na vier dagen weer boven water. Van griep wordt je flink ziek - niet een beetje. De ene dokter geeft Tamiflu, als dat bij zulke lichte verschijnselen nut heeft, ben ik een appelflap. Daar geloof ik dus helemaal niets van. Wel staat de Nederlandse vlag op het pakje gedrukt. En een mededeling dat het eigendom is van de Nederlandse staat. Je kunt ook rectale paracetemol krijgen, via de mond innemen als je misselijk bent is niet slim. En middelen tegen de misselijkheid. Bij sommige artsen één of twee doosjes, bij de ander wel zes of zeven. Stapels medicijnen.
Aan de aantal bezoeken op mijn site kan ik zien dat de belangstelling voor de griep begint toe te nemen. Tja, publiciteit vanwege he feit dat gezonde kinderen aan de griep zijn of lijken te zijn overleden. Interessant fenomeen. Zorgwekkend vind ik dat verpleegkundigen die eerst geen zin hadden in vaccinatie nu wel interesse tonen. Ze vinden hun eigen mening en vrijheid blijkbaar belangrijker dan de effecten van hun besmettelijke ziekte op anderen. In mijn omgeving trouwens ook. De dokter zegt vier tot vijf dagen thuis blijven en wat doet de patient? Op bezoek bij flink bejaarde mensen, van boven de tachtig.
Om de kranten te vullen worden de prachtigste systeem-redenaties gepresenteerd.
Door de hoge werkdruk neemt de kans op ziekte (echte ziekte wordt bedoeld en niet ziekteverzuim) toe. Doordat dat mensen ook proventief naar huis gestuurd worden, neemt de werkdruk nog meer toe, en dus nog meer zieken. Uitzendkrachten zijn de oplossing, wordt beweerd. De economisch relevante gedachte is ook dat de consumentenuitgaven door de griepepidemie zouden terug lopen. Nou kan dat nauwlijks het geval zijn, de getallen van het aantal zieken zijn simpelweg nog te klein om significante invloed te hebben op de bestedingen. Maar stel dat het wel het geval zou zijn, dan lijkt me dat een prima uitkomst. Terughoudendheid met de uitgaven is een prima keuze in deze tijd. En dat moet nog maar en flink aantal jaren worden volgehouden. Dat er het komend jaar minder mensen een week op wintersport gaan, is dus ook niet zo gek. Prima!!!
Het is te hopen dat er niet teveel publiciteit gegeven wordt aan zogenaamde fouten bij de behandeling van grieppatienten, of dat er juist geen fouten gemaakt worden. En alle kinderen en pubers moeten maar gewoon gevaccineerd worden. Dat lijkt me een goede investering in de toekomst. Die mensen hebben toch gemiddeld nog zo'n zestig tot zeventig jaar te leven. Het geld voor de vaccins is al gereserveerd of zelfs al betaald. Waarom is er geen eenduidige informatie over de griep. Zo ingewikkeld zit onze gezondheidszorg toch niet in elkaar. En de de overheid kan hierin toch prima het initiatie nemen. Roll over de griep epidemie. Postbus 51 is niet genoeg... maar kan heel effectief zijn.
Toch blijft de vraag of het allemaal wel zo ernstig is op dit moment. Op basis van een grafiek van ziekenhuisopnames naar aanleiding van Nieuwe Influenza A/H1N1 (Bron RIVM) lijkt er sprake van en explosie van het aantal griepgevallen.

Op zich zeggen deze getallen niet zo veel meer, anders dan dat er zoveel ziekenhuisopnames zijn. Is dat meer dan voorgaande jaren? Hoe was dat bij vorige griepepidemieen? Ik heb hierover geen cijfers gevonden.
Ook op basis van de grafiek (Bron: NIVEL) met het aantal influenza-achtige klachten bij de huisarts is er dit seizoen (de rode lijn) sprake van een flinke stijging ten opzichte van andere jaren. Dus er is sprake van een bijzondere situatie.

Als we de bovenstaande grafiek van NIVEL cijfers van 2008/2009 zien, dan blijkt de piek op een ander moment te zijn opgetreden, namelijk vroeg in 2009. Wel met veel hogere getallen dan waar op dit moment nog sprake van lijkt te zijn. Dus het lijkt redelijk te voorspellen dat het aantal klachten per 100.000 inwonders nog wel flink zal toenemen. Zeker met zoveel publiciteit. Waarbij het nog maar de vraag is of de ziekenhuisopnames die nu vooral bij de jongeren voorkomen, niet ook veel frequenter bij ouderen zullen gaan optreden. (Grafiek hieronder afkomstig van RIVM)

Het NIVEL heeft ook cijfers over de leeftijdsverdeling. Namelijk de leeftijdsverdeling bij de Influenza achtige klachten bij de huisartsen:

Het bijzondere van de situatie op dit moment is dat er sprake is van 1) een wereldwijde pandemie en 2) een vroege uitbraak van 3)een milde griepepidemie. Want ook al zijn de klachten en het aantal gevallen hoger dan voorgaande jaren in dezelfde maanden (Zie hiervoor), in de grafiek hieronder (Bron: RIVM) is te zien dat er slechts sprake van de lichtste vorm “MILDE” van een epidemie, zowel in aantallen als in de heftigheid van de individuele klachten van mensen.

Monday, November 02, 2009
het is tijd voor afleiding.
Vanavond wenste ik dat ik mijn boeken bij me had. De Duin-saga of Asimov's Foundation-serie. Waarom worden daar trouwens geen tv-series of films van gemaakt?
Via een e-mail vernam ik dat Clinton toen hij in Noord-Korea was, misschien dacht dat hij met het staatshoofd sprak, maar dat hij eigenlijk met een acteur praatte en handje schudde en op de foto ging.

Eigenlijk vind ik het best spannend als het een regeringsleider lukt om zelfs in officiele contacten met je collega Presidenten, Koningen of Keizers een stand-in te sturen en niemand merkt het. Heerlijk. Playing around with perceptions. Zo blijft het ook nog spannend en menselijk dommig. Echte politiek wordt dan natuurlijk niet bedreven. Die illusie maak ik mij niet. vanavond kreeg ik het volgende artikel onder ogen:
A number of analysts here are convinced that not all the photos being released of North Korea's leader, Kim Jong-il, are really photos of Kim Jong-il.
Instead, they say, a look-alike has been standing in for him on some of the 122 trips he's reportedly made this year to the countryside, factories, cultural events, military units, and all sorts of other venues.
Some observers say the North Korean leader is too ill to make all these appearances. One Japanese analyst claims President Clinton didn't meet with Kim Jong-il in August – he met with a Mr. Kim double.
Lees hier verder.
En intussen is het nieuws over de manier waarop Goldman Sachs criminele oplossingen zoeken in het financiele verkeer, niet op de voorpagina's maar ergens onderaan achteraf.
Waar ik hier ook een punthoofd van krijg is dat mensen echt geloven dat ze hun K401 pensioenpotje in aandelen moeten beleggen en dus rijker worden over de ruig van loonslaven en gewoon werkende mensen. Een ethisch dilemma waar de doorsnee Amerikaanse burger met zo'n pensioenpotje geen flauw benul van heeft. Koersen gaan omhoog en ze zijn blij, koersen dalen en de wereld lijdt onder hun chagrijnigheid. Ontslagen vallen en de koers gaat omhoog, er wordt geconsumeerd en de koers gaat omhoog, en intussen... over de keerzijde van die medaille geen woord.
Groeten uit fantasy-land.
Saturday, October 31, 2009
Art has no meaning… oh do you really think so, Mr. Jones?
De afgelopen weken hebben een paar nieuwe zaken mijn belangstelling getrokken. Om te genieten en ook nog leerzaam.
Sinds een paar maanden kijk ik uit naar het moment dat de Groene Amsterdammer in de brievenbus ligt. In de winkel heb ik het nieuwe exemplaar dan al zien liggen. Ik beheers me om er in te bladeren, laat staan dat ik de nieuwe Groene al ga kopen. Deed ik vroeger wel, als het blad in de winkel al verkrijgbaar was maar het abbonnement een par dagen later leverde. Zo nieuwsgierig ben ik nu wel naar wat Rudi Fuchs elke week schrijft. Een paginalang stuk over hoe hij kijkt naar kunst, wat hij ziet, hoe je er naar kan kijken en wat er met je als kijker gebeurt. Hij houdt van kunst-kijken. Ik heb dat nooit geleerd - ik kan er wel van genieten. Samen en toch alleen door een museum lopen.
Mateloos genieten kan ik van de schrijfsels van iemand die goed over kunst schrijft. Ik lees de stukjes van Rudi Fuchs gemakkelijk drie of vier keer. Zodra de Groene uit het plastic is gehaald, en dan nog een keer. Op zaterdag of zondag zeker nog één keer, en dan ergens in de dagen erna, als ik het blad kan vinden of toevallig tegenkom. In het weekeinde ben ik dan al op bezoek geweest bij een galerie of museum. Met een beetje geluk zag ik wat Fuchs bedoelde, en was het een boeiende ervaring.
Heel wat mooie kunst heeft Rudi Fuchs mij onder de aandacht gebracht. De late zwarte van Appel, Judd, Viola, Ger van Elk, Sol LeWitt, maar ook Rainer, Baselitz, Kiefer en Schwitters – kunstenaars waarvan ik later ook in Muenchen, Wenen of Zwitserland weer werk zag. Een langere lijst van kunstenaars maken is opscheppen.
Dat waren prachtige tentoonstellingen in het Stedelijk – urenlang kijken en nadenken. Een paar dagen later terugkomen en er weer gaan kijken en beleven. Lang niet altijd leuk, altijd fascinerend, en altijd meer dan een lekker broodje kroket. Van dat rondkijken ben ik stiller en introverter geworden. Er was niemand om zinnig te kletsen over wat ik zag en ervoer. Of ik was een leek, te dom om aan te horen, of het gesprek liep dood bij mensen die van klassieke muziek hielden en daarbij alleen naar het Concertgebouw gingen - of Ikea al mooi vonden.
* * *
Matthijs is wat mij betreft voorbij. Er is wel iets anders dat ik de afgelopen weken in de media ben gaan waarderen. Pauw en Witteman zijn onverwacht, maar tot mijn grote plezier uitgegroeid tot bijna het beste wat ik ooit gezien heb op het gebied van een goede tv-praatshows. Vergelijkbaar met wat Das Aktuelle Sportstudio van het ZDF in de tijd van Werner Schneyder voor mij betekende – ultieme informatieve, leerzame en vermakelijke tv.
Pauw en Witteman zijn actueel, amusant. De twee ‘mannetjes’ zijn kritisch, maar bijna altijd innemend en vriendelijk, en soms kunnen ze ook uit de bocht vliegen.
De vrouwonvriendelijkheid (van Pauw?) was dit seizoen in het begin een probleem. Dat is helemaal recht gezet. Het leukst was dat van de week drie parmantige dames aan tafel zaten – helaas zo neoliberaal als het maar kan.
Het allerbeste vond ik dat zowel Jeroen Pauw als Paul Witteman vrijwel nooit een moeilijk woord of onduidelijk begrip voorbij lieten gaan zonder het te verduidelijken. Commentariëren en uitleggen. Niet dat ik de uitleg altijd nodig had, maar het effect is dat de kijker zicht krijgt op een wereld verborgen achter ‘gezichten’, ‘namen’ en jargon. Het effect is wel dat de mensen aan tafel de richting van ‘niet lullen, doe maar gewoon’ opgeduwd worden. Pauw en Witteman maken zo duidelijk dat ze aan de kant van de kijkers staan. Heerlijk.
Het is prima dat deze mannen de boeken van de schrijvers die ze uitnodigen ook echt lijken gelezen te hebben. Dat ze de rapporten hebben doorgeworsteld en het nieuws van de dag hebben gevolgd, in de kranten, op de radio en op TV.
De laatste dagen moesten zij zich flink verdedigen. O.a. toen het van de week over ‘God is gek’ ging was de aanval van Kluun, Frits Wester en die Europa motorrijdende CDA-er helemaal onterecht. En beetje zielig doen. Pauw werd persoonlijk aangevallen, vanwege het doorvragen, verdedigen en uitleggen. Hij deed het hartstikke goed. De zweverige apen, hadden niets te melden, alleen dat ze aangesproken werden op het feit dat ze niets te melden hebben. Goed gedaan Pauw. Witteman was to the point met zijn argument over de grote hoeveelheid zendtijd van omroepen die pro-geloof en god zijn.
Het is prima dat Pauw en Witteman de boeken, van schrijvers die ze uitnodigen, ook echt lijken gelezen te hebben. Dat ze de rapporten hebben doorgeworsteld en het nieuws van de dag hebben gevolgd, in de kranten, op de radio en op TV.
Ze lijken kinderachtig in hoe zij zich dit hele seizoen al afzetten tegen Knevel en zijn EO-maatje, die al twee zomers op het zelfde tijdstip een vergeefse poging doen P&W na te doen. Laat ze maar kraaien die mannetjes. Het typisch gedrag van Hilversumse haantjes – dat hoort bij het spel. Trouwens in De Wereld Draait Door op vrijdagavond 30-10-2009 ging dat nog even door toen knevel en Pauw tegenover elkaar zaten. Het spetterde. Ik vond dat Knevel inhoudelijk gelijk had, maar zijn punt kon hij in deze context niet maken.
* * *
Dagelijks kijk ik één of twee keer naar ‘ExpectingRain.com’ waar elke dag een lijst met nieuwsberichten, opnames en YouTube filmpjes wordt gepresenteerd. Gemeenschappelijk uitgangspunt is Bob Dylan. Dat ook andere muzikanten en onderwerpen aan de orde komen is onvermijdelijk bij de brede invloed van Bob Dylan en de wijde context waarin hij aangehaald kan worden.
‘The best art is meaningless’, was een verwijzing naar een artikel van Jonathan Jones in The Guardian. Het leidde tot menig e-mail vandaag. Het is een prikkelende stelling die ook t.o.v. Dylan mis zit, maar daar over later meer.
De site heeft een krachtig bereik. Dat over de hele wereld gaat, maar zeker ook in Nederland aardig wat lezers/kijkers heeft. Wil je veel verkeer naar je site, schrijf dan een stukkie over Bob Dylan, en als het een beetje substantie heeft, meldt het dan aan bij de webmaster van Expecting Rain. Even later staat een link naar jouw bericht op de site en je ziet binnen een uur aan de teller dat gedurende een paar dagen een flink aantal kijkers via Expecting Rain erbij zijn gekomen
Het leuke van een dergelijk lijst met links naar publicaties is dat je via, via op sites komt die meer goed geschreven een interessante artikelen presenteren.
Via, via verscheen op mijn scherm werk van de kunstenaar David Hockney, die sinds een paar weken mijn aandacht heeft. Hij maakt prachtige plaatjes met ‘Brushes’, een iPhone applicatie, heeft fantastische schilderijen gemaakt van evident East Yorkshire landschappen. De filmpjes op YouTube en afbeeldingen van zijn bossen, weilanden etc. zijn fascinerend. Check een video van de tentoonstelling in LaLouver near Los Angeles, hier.
Ik fantaseer erover om naar London te gaan en drie dagen lang naar zijn schilderijen in de Tate te gaan kijken.

Bigger Trees near Warter - David Hockney (Tate)

David Hockney painting on the scene in Woldsgate

Woldsgate 7-8 November

Woldsgate 7-8 November

Woldsgate eind juli

Woldsgate 21 mei

Woldsgate maart-april
‘De beste kunst heeft geen betekenis’ is de stelling van Jonathan Jones. Moet kunst volgens Jonathan onbegrijpelijk zijn? Maar wat dan met de Guernica van Picasso? T’is maar een gedachte, maar maakt de stelling ‘De beste kunst heeft geen betekenis’ onwaar.
En mijn momenteel favoriete dichter Nachoem M. Wijnberg suggereert niet alleen in zijn laatste gedichtenbundel (Divan van Ghalib) zelfs dat
“poëzie is het maken betekenis, niet van iets anders.”
Hij zegt ook poëzie dat:
“Over hoe meer dingen een gedicht kan gaan, hoe meer zeggingskracht het heeft.”
Tegelijkertijd zegt Nachoem Wijnberg dat zijn woorden wel heel erg precies gekozen worden. De bedoeling, hij rekent op stevige invloed op de betekenisgeving en emoties van ons. (Lees hier)
Ik kan me voorstellen dat een kunstwerk van een artiest minder verrassend wordt op het moment dat we vantevoren weten wat hij of zij bedoeld. Dat wordt nog erger als het hele oeuvre dezelfde boodschap uitdraagt. Ultiem is de afwijzing van het werk als je niets met die opgelegde ‘bedoeling’ hebt, of als de ergernis of allergie met de bedoeling van de kunstenaar groter is dan de appreciatie van de specifieke kunst. Kunst, die een boodschap krijgt toegedicht geeft het publiek nog minder vrijheid in het ‘kijken’ en ‘beleven’.
‘Betekenis’ van een kunstwerk is misschien nog abstract en biedt enige vrijheid om door de kijker zelf in te kleuren, eigen gevoelens komen er in voor. ‘Boodschap’ is beperkender. De boodschap van een kunstwerk of en oeuvre is te vaak een simplistisch label of een one-liner zonder veel ruimte voor de kijker. Een gevoelsmatige dichotomie ontstaat. Toch zijn er artiesten die er in slagen ruimte in hun boodschap te creëren voor een eigen invulling.
‘Make Love not War’ is een sterker want vrijer dan ‘protestlied’. De Lennon-Ono boodschap geeft ruimte aan levenslust, creativiteit en aan ambitie op macro en op individueel niveau. De kracht blijft onmiskenbaar ook al klinkt ‘Make Love not War’ soms maatschappelijk gezien naïef in de oren, persoonlijk is de waarheid als een koe onontkoombaar, want
... in the end
The love you take
Is equal to the love you make.
Jonathan Jones haalt het werk van Bob Dylan aan om zijn gelijk te halen. Hij vergeet echter dat Dylan in zijn songs soms een duidelijke boodschap heeft, soms een verhaal dat niet veel gefantaseerde variaties toelaat, soms zijn tekst en muziek tegenstrijdig, soms versterken ze elkaar.
Soms is het bij Dylan wat Jones over Dylan roept:
“Real art doesn't have a message, doesn't necessarily say anything. It is an arrangement of shapes, a pattern of words. If you want an antidote to this idea of art, watch Bob Dylan manically arranging and rearranging words on a shop sign he and the band spotted one day. That is art.”
Eigenlijk beweert Jones dat kunst de kijker verdwaasd moet achter laten. Als publiek moeten we fout zitten met onze verwachtingen en percepties. Verrassing, het publiek op het verkeerde been zetten is voor hem belangrijk.
“Art is beautiful because it makes fools of us. You can set up any ideology you like, define taste by any criteria you choose, and a work of art will come along to stand your prejudice on its head.”
Jones wil verrast worden. Misschien is ‘Jones stuck inside of his not so mobile feelings’. Over Blood on the Tracks kun je zeggen en denken wat je wilt. Het is een duidelijke emotie, het zijn verhalen die geen misverstanden overlaten. Geen 'shaping of patterns', 'shifting of dimensions', om te verrassen, om te ontregelen of om met iets nieuws op te komen.
Christmas in the Heart is in zijn muzikaliteit kunst. Niet vernieuwend, noch artistiek verrassend, wel een geslaagde poging om met een artistiek middel de Amerikaanse kerst emotie van de veertiger en vijftiger jaren op te roepen.
Dat het voor mij een pastische is, komt omdat ik niets met kerst heb. Of als het dan toch moet, ik liever op kerstavond na het geven van pakjes naar de kapel ga, en dat we na afloop van een korte dienst met een groepje mensen in de sneeuw voor de kapel luisteren naar een trompet of viool en prachtige zang die Europese kerstliedjes spelen. Kitsch - een prachtige pastisch?
De boodschap staat vast, de emoties waaraan Christmas in the Heart refereert is helder en laat weinig ruimte aan de luisteraar. Ik ben liever hoog in de besneeuwde bergen op de Tauplitzalm, want bij Dylan's kerstfeestje wil ik niet uitgenodigd worden. Dylan's stem roept naast een kerstgevoel toch ook het idee van de enge oom op. Die man bij wie je je kinderen niet alleen wilt laten - die creepy Ebenezer.
Jonathan Jones heeft het niet alleen hartstike mis in mijn ogen, hij heeft lijkt het, helemaal niets begrepen van de geschiedenis van de kunst. Fotografie zou volgens sommigen schilderkunst vervangen. Nu staan ze naast elkaar en bieden gelijkwaardig verrassende vormen en inhouden.
In Europe, the idea grew that painting was finished, not needed. This is because it had been replaced by something - the photograph - the pencil of nature, the truth itself. This assumes photography is modern; at least it’s only 180 years old. If one rejects the “immaculate conception” theory of photography - it came from nowhere, about 1839 - one begins to see another history.
David Hockney
Het leuke van internet is dat het blog dat dit bericht overnam, zelf verwijst naar andere prachtige bronnen. Leve Maarten Luther.
Friday, October 30, 2009
Overige berichten over Nieuwe Influenza A/H1N1 staan hier.
Bijna een week geleden schreef ik een bericht met als titel 'Griepdoden - het voorspel.' Je kon het zien aankomen het geblaat in de media - eerst van deskundigen nu van de media zelf. Elke dode met griepverschijnselen is een bewijs dat we in gevaar zijn! Een burgermeester Karel van Soest van Boxmeer, die het niet kan laten om geruchten in de wereld te brengen als er een kleine peuter van 3 is gestorven in zijn 'dorp'. De media, de Telegraaf, krant van het conservatieve midden, voorop, die het bericht oppakken en groots melden.
Een onschuldig griepvirus waarvoor de meeste jongeren nog geen immuniteit hebben ontwikkeld is uiteraard de oorzaak van doden, maar zoals eerder geschreven het is een relatief onschuldig virus en doden horen bij griep. That's part of life. Don't suffer in your head. Stay sane.
Waar je als ouder op moet letten bij de kinderen onder, zeg maar, zes jaar, is “ veel en heftig hoesten', dit kan namelijk overgaan in ernstige ademhalingsmoeilijkheden die dan opgelost moeten worden met ademhalingsapparatuur en goede verpleging.
Het RIVM heeft vanochtend haar wekelijkse rapportage op haar website beschikbaar gesteld in de vorm van een pdf-document en een powerpoint presentatie, er zijn deze week VIER doden gevallen door het Nieuwe Influenza A/H1N1 virus. Hoppelakee, binnen een paar minuten hadden alle media het bericht op hun website. Ach ja, ook hier. Meer getallen over de griep-epidemie staan op de website van het NIVEL.
Het is jammer dat het verdriet van de betrokkenen zo overschaduwd wordt door onvermijdelijk en helaas onontkoombaar media-rumoer. Dat lijkt me heel lastig voor de ouders, de kinderen, de partners, en andere familieleden, vrienden en kennissen. Je gunt die mensen dat ze in rust rouw kunnen verwerken. En dat je daarbij een virus de schuld kan geven, kan soms helpen, soms helemaal niet. Wat een leegte en een hulpeloosheid. Dit is het kleine individuele hele grote alles overheersende verdriet, dat vanavond in bed ook nog voelbaar is.
Slaap lekker - blijf gezond. Zorg goed voor elkaar.
Saturday, October 24, 2009
De griepepidemie is hier
en de roep om maatregelen!
Overige berichten op dit blog over Nieuwe Influenza A/H1N1 staan hier.
Onvermijdelijk blijkt de mediageilheid van deskundigen. Wat moet je er mee. We leven in een open maatschappij - en nu maar hopen dat de feitelijke redelijkheid bewaard blijft.
Onze virus-vriend Osterhaus zei vanochtend, in reactie op het sterven van het meisje van 14 in (omgeving van) Haarlem door het griepvirus, dat het nuttig kan zijn om te overwegen kinderen en jongeren te vaccineren. Zij was overigens pas de zesde patiënt die in Nederland aan deze ziekte overleed, wel de eerste die vóór de besmetting gezond was. Pubers zijn ook een belangrijke doelgroep. Hun informele niet altijd op hygiene gerichte gedrag vergroot het risico op besmetting. Natuurlijk is het argument dat dit in het buitenland al gebeurt. Dat is een opportunistisch werkzaam argument
De gedachte om kinderen 0-4 jaar in te enten, komt van deskundigen, nadat een 'gezonde' patient overleed door infectie met het Nieuwe Influenza A/H1N1. Ach ja, het bekt lekker in de kranten en Nederland heeft toch genoeg vaccins. We kunnen de groep kandidaten om te vaccineren gemakkelijk afhankeleijk van de heersende emoties uitbreiden.
't is me wat. Wat we niet nodig hebben van de bestelde vaccins kunnen we verkopen aan armlastige landen. Ja, dhr. Klink, minister van het CDA, heeft dat zelf gezegd.
AU!
Sterfgevallen door
Nieuwe Influenza A (H1N1)
Overige berichten op dit blog over Nieuwe Influenza A/H1N1 staan hier.
Tja en dan zijn er nu de berichten over de eerste doden in Nederland door Nieuwe Influenza A (H1N1) (Mexicaanse griep) in de media. Dat er in amerika al meer dan 1000 doden direct en indirect door het griepvirus zijn gevallen doet er niet toe. De twee doden en vooral het veertien jaar jonge meisje is een nieuwe realiteit voor de meeste Nederlanders. Jaarlijks gaan er honderden mensen dood aan infectie-ziekten met viurussen zoals griep. Het hoort bij het leven. Maar de berichten gisteren in de pers, worden ongetwijfeld gevolgd door emotionelere oproepen en bestuurlijke acties.
Het gaat niet meer om wie gelijk heeft. Relevant is dat persoonlijke beleving en politiek-bestuurlijk handelen elkaar niet gaan bijten. Mooie taak voor RIVM en Coutinho, maar ook voor individuele burgers die de keus hebben te roepen om hulp van de overheid of zelf handelen.
Deskundigen moeten alleen nu even niet in de media spreken, het is nu niet de tijd voor grote woorden in de media. Maar ja, als het media-circus losbarst en dan is er geen houden meer aan.
Gisteren uitgebreide berichten in Het Trouw, in het journaal en verschillende zenders in hun actualiteiten programma's en vandaag alweer de Telegraaf. Het lijkt erop dat de hausse opgang komt. Het Trouw heeft een uitgebreid bericht waarin deskundigen geciteerd worden. En de NRC komt met een bellenblaas verhaal over het vergrote risico van Nieuwe Influenza A (H1N1) voor indianen stammen en eskimo's in Canada.
Ik ben benieuwd.
Friday, October 23, 2009
De griepepidemie is hier!
Overige berichten op dit blog over Nieuwe Influenza A/H1N1 staan hier.
Een meisje van veertien gestorven, die ook aan Nieuwe Influenza A (H1N1) [in de media nu onvermijdelijk Mexicaanse griep genaamd] leed. Zij was verder helemaal gezond en bezocht de dagen voorafgaand aan haar overlijden nog haar school en het jongerencentrum in Haarlem waar zij regelmatig kwam.
Al twee weken worden er door huisartsen ongeveer 69 potentiele griepmeldingen per 100.000 inwoners gemeld. Dit betekent statistisch en beleidsmatig een griepepidemie.
In week 41 (van 5 tot en met 11 oktober) zaten we met 69 per 100.000 mensen al boven de drempel. In week 42 gebeurde dat opnieuw. Daarmee is de epidemie een feit, aldus huisarts-epidemioloog Gé Donker, die de jaarlijkse Nivel-griepmetingen coördineert.
Woordvoerder H. Wychgel bevestigde: "Afgelopen week ging het om 6,9 griepzieken per 10.000 inwoners. Twee weken achtereen een ziektecijfer van omgerekend meer dan 50 zieken per 100.000 inwoners, en daar ziet het nu naar uit, betekent een lichte epidemie."

De sterfte op het zuidelijk halfrond varieerde volgens Jos van der Meer, van het Raboud in Nijmegen, van 0,5 tot 1 procent. Daarmee is het virus relatief mild. Een gewone wintergriep is vijf keer zo dodelijk. Tijdens een gemiddelde winter vallen in Nederland 800 griepdoden.
De Mexicaanse griepepidemie dient zich maanden vroeger aan dan gewone griepepidemieën. Daarom is het aantal ziektegevallen in Oktober vroeg en opvallend. Het milde karakter van de griepverschijnselen kan er ook toe leiden dat weliswaar veel mensen over een veel langere periode dan normaal griep krijgen, maar dat het niet opvallend en dramatisch wordt. Tijdens een gewone griepepidemie heeft 30 tot 40 procent van de mensen die zich met griepklachten bij de huisarts melden echt griep. In week 41 waren we daar nog lang niet: 15 procent van de mensen met griepachtige verschijnselen bij de huisarts bleek besmet met H1N1.
In twee ziekenhuizen in Amsterdam is de bemensing van de eerste hulp al een probleem en moet er flink geschoven worden met de roosters. Formeel is dit nog niet gemeld, maar de geluiden zijn te horen in de stad.
Het is vanaf nu onvermijdelijk dat de griepepidemie zich verspreidt en dat we er allemaal op de één of andere manier mee te maken krijgen. Zoals in juni voorspeld. Met enige regelmaat zullen er verder gezonde mensen aan de griep overlijden. Geen reden tot bijzondere paniek. het zal meer zijn dan in andere jaren omdat meer mensen ziek zijn. Maar het gebeurt elk jaar dat er mensen door de griep overlijden. Tot nu toe zijn in Nederland meestal mensen overleden aan de Nieuwe Influenza A (H1N1), maar in het buitenland komt dit al meerdere weken voor bij gezonde mensen.
Overigens is de verspreiding van de Nieuwe Influenza A (H1N1) in nederland sterker dan in de meeste andere Europese landen. We zijn momenteel vergelijkbaar met Amerika, Groot-Brittanie en Ierland. Het laatste wereldnieuws over de grieppandemie is te vinden op de website van de WHO - hier dus. Een indicatie voor de ernst van het griepvirus is dat er volgens de WHO wereldwijd al 5.000 doden zijn gevallen.
Overigens zijn er nog nauwelijks andere griepvirussen waargenomen in de laboratoria in Nederland. En dat is nou net weer wel verontustend. Heb je 1957 niet levend meegemaakt dan is de kans op besmetting groter dan bij die mensen die de griepepdemieen gedurende de late vijftiger jaren hebben meegemaakt.
Handjes en gezicht regelmatig wassen en afdrogen met papieren handdoeken, etc. Niezen en hoesten in zakdoekjes. Dus naar de winkel of markt en kopen die papieren zakdoekjes.
Een oude gewoonte weer normaal maken. Het verfrommelde pakje papieren zakdoekjes in de jaszak, of vor de dames in de hand- en schoudertas. Wel weggooien na gebruik. En geen zaakdoekjes van een ander aannemen, die kkunnen dan al weer besmet zijn.
Overigens zijn voor de meeste patienten de symptomen van de Nieuwe Influenza A (H1N1) licht tot niet noemenswaardig te noemen.
- HANDEN WASSEN -
ja ook jullie: mannen
Wednesday, October 21, 2009
Saturday, October 17, 2009
not for long - wait until the sun shines Nellie

Fuscherlacke am Grossglocknerstrasse heute Mittag!
klik op foto voor vergroting

Windverweht - Glockner, Sonnwelleck, Fuscherkarkopf und Breitkopf

Windverweht - Hohe Dock, Klockerin, Grosses Wiesbachhorn
I finally realize there's no room for regret,
True love, true love, true love tends to forget.
Every day of the year's like playin' Russian roulette,
True love, true love, true love tends to forget.
This weekend in hell is making me sweat,
True love, true love, true love tends to forget.
You belong to me, baby, without any doubt,
Don't forsake me, baby, don't sell me out.
Don't keep me knockin' about from Mexico to Tibet,
True love, true love, true love tends to forget.
Bob Dylan
Friday, October 16, 2009
In September vorig jaar, kreeg ik naar aanleiding van een vermeende tekenbeet een antibiotica kuur, (zie hier). In verloop van de antibioticakuur en daarna voelde ik me steeds lekkerder en kon ik ook betere trainingsprestaties leveren.
Nu is het al bijna twee weken geleden dat ik vanwege een kaakontsteking op de wortel van (#45) een andere kuur van antibiotica kreeg. Ook nu voelde ik me dun en kiplekker door de kuur. Alhoewel ik wat rust hield, kon ik stevig trainen en presteren. Deze keer was het niet doxycycline 2xdaags 100mg maar Amoxicillin 500mg, dat ik van de tandarts kreeg.
De huisarts reageerde verrast en medisch nieuwsgierig? Je voelt je er echt beter door? Misschien door je longen? Dat je meer zuurstof krijgt? Als dat zo is, dan zijn mijn longklachten erger dan ik vermoed en wil. Want ik was gelukkig, niet somber en actief met de antibiotica in mijn lijf.
Wel heb ik deze keer last van een opkomend exceem in de knieholtes en enkele kleine plekjes op onderbeen en onderarm. Of dit vorig jaar met doxycycline ook het geval was, weet ik niet.
Van Doxycycline is bekend dat het ook werkt tegen infecties van de luchtwegen (Hemophilus influenzae, Streptococcus pneumoniae, or Mycoplasma pneumoniae.) dat nauwelijks de verlichting van de ademhaling in relatie tot mijn chronische longklachten verklaren. Of toch wel? dat is de vraag voor de longarts! De werking van Doxycycline is dat het de productie van proteine in de cellen van de bacterie verstoord.
Informatie over Amoxicillin verwijst ook naar de luchtwegen en longen [throat, larynx (laryngitis), bronchi (bronchitis), lungs (pneumonia)] en de huid. Het antibioticum verstoort de aanmaak van celwanden bij celdeling, waardoor de bacterie zich niet verder kan verspreiden. Het immuumsysteem van het lichaam zal zelfs verder de oude zooi moeten opruimen, voor zover de oorspronkelijke bacterie-cellen niet zelf na verloop van tijd afsterven.
Ook dit jaar gold dus weer. Van anibiotica bij hardlopen heb ik niks gemerkt in negatieve zin. De bijeffecten zijn zelfs positief.
Thursday, October 15, 2009
Loneliness is real, the pain of loss is real, the fulfilment of love is real, the thrill of adventure is real, and to put it in the words or pictures or both - after all, is what a writer and a blugging blogger is supposed to do? Write and visualize reality - real and the one in your head?
It is and it’s not as easy as it looks.
Even more difficult to live it.
Wednesday, October 14, 2009
Alweer ruim een week geleden leek ik herfst-moe. Weg van de wereld, donker, nattig en koud. Intussen ligt er sneeuw in de bergen, de winter is in de bergen begonnen. Of komen in October toch nog een flink aantal warme middagen met veel zon en zuidelijke wind in de bergen?
Zelfs in Nederland is het koud met de noordelijke stromingen tussen het lage druk gebied boven Rusland en de rand van het hoge druk gebied boven Engeland. Vandaag blauwe hemel en schone droge koude lucht, met weinig bewolking heerlijk dus. In de Alpen blijft het vandaag dus ok nog koud - dan koelt de bodem ook flink af, en dat is goed als er straks in November de eerste sneeuw valt die dan lekker zou moeten blijven liggen tot aan het ski-seizoen.
Mijn herfst-moe was duidelijk en flink aanwezig. Dezelfde dag bleek ik een flinke kaakontstekeing te hebben. Nu pas weer ben ik het mannetje en heb ik gisteren getraind. Om alle ontstekingshaarden in de kaak maar eens flink aan te pakken, de komende dagen afspraken maken met kaakkchirurg en tandhygieniste. De tandarts bij ATLAS die mij geholpen heeft, was aardig en professioneel terughoudend. Is de kaakchirurg dan de enige die mij goed kan helpen?
De training van gisteren was flink misschien iets teveel. TV-opnamen waren verleidelijk om mooier en sneller te gaan lopen. IJdeltuit.
Maximum hartslag deze keer 178hpm. De training was twee keer vijftig minuten. Eén keer fietsen, 24K; en één stuk hardlopen ruim 8K, opbouwend van 9kmh tot 12 kmh. Lekker klooien. Gewicht ondanks ziekte van de afgelopen week niet onder de 80kg gekomen.
Tuesday, October 13, 2009

Fuscherlacke am Grossglocknerstrasse
(klik op foto voor vergroting)
Monday, October 12, 2009

Lienzerhuette 12-10-2009

Werk aan de winkel bij de Hochsteinhuette, ondanks de eerste sneeuw
Sunday, October 11, 2009
Other recent Dylan postings here!
Tijdens het schrijven van het korte stuk dat ooit 'Dylan in my Life' heette, dat ergens anders als 'Watching The River Flow' gepubliceerd is en nu 'Dylan - in the heart?' heet, begon de herfst tournee van Bob Dylan in het noordwesten van Amerika. De eerste recensies vanuit Seattle, Portland en Eugene zijn enthousiast. Positief zijn de berichten over het repertoir, de band, over Dylan's presentatie - de zalen waren afgeladen en kil.
Via e-mail kreeg ik een you-tube filmpje van een uitvoering in Portland van de song Sugar Baby, oorspronkelijk van Love and Theft
Een beetje meejuichen met fans op internet over het enthousiasme en de expressiviteit die Dylan in deze uitvoering toont, is mij te goedkoop. Hij weet dat zijn optreden entertainment voor het publiek zijn en geen heilige gebeurtenissen. So Dylan should show himself to be a happy fellar. A song and dance man. Maar het mag gezegd worden deze uitvoering van Sugar Baby is fantastisch.
Hij zit in het liedje en volgt de muziek. Je ziet hem een enkele keer zoeken of hij nu moet gaan zingen of een zucht van zijn harmonica laten horen. Zijn armen reiken uit naar en geven aan het publiek. Het is helemaal in de stijl van Love and Theft - heerlijk. In Sugar Baby is Dylan stijlvast en verstaanbaar. Zo'n filmpje maakt me weer nieuwsgierig. Ik zou hem toch willen zien en horen. De Kerstplaat Christmas in the Heart dan toch maar kopen?
Wat echter het meeste opvalt is dat hij een womanizer lijkt, een man van stijl - deze performer heeft iets magisch. He's in charge, he is almost loveable. Dylan?
In My Wife's Home Town van Together Through Life heeft hetzelfde effect. De goede kwaliteit blijkt dus geen uitzondering.
Het derde filmpje laat een uitvoering van Ballad Of A Thin Man van Highway 61 Revisited zien en horen. Het wordt gebracht in het een arrangement van nu. Weg is de tekstuele scherpte en de bijtende spot, die bedoeld was om te kwetsen - om af te reageren. Nu biedt Dylan zijn tekst, zijn waarnemingen en zijn vragen vrijblijvend aan. Okay, met lichte spot.
Take the bite, do you know who you are, Mr. Jones?
Het is aan de aangesprokene om te luisteren en met de boodschap iets te doen, Dylan doesn't care. Maar als je naar me luistert, dan ben je in de problemen. Do what you like, but we see it happening you can't hide anymore - after almost fifty years.
De performance is levendig en Dylan is in command gebaart naar de bandleden en het publiek als een dominee tijdens een begrafenis. Soms danst hij kleine passen in de buurt van de microfoon, helemaal opgaand in de muziek en het verhaal. Het is duidelijk dat hij geniet - hij is helemaal in zijn element als performer hier. En ik geniet als ik er naar luister en kijk.
Dylan zingt alsof de Thin Man aan zijn einde is gekomen, of hij op zijn sterfbed ligt te verrotten, van 'stof tot stof', een oude zichzelf ontmantelende man of was het cultuur? Dylan's stem en het muziek-arrangement roepen dat op. De entertainer Dylan lijkt daarmee echter niet meer dan inderdaad slechts een entertainer. Hij biedt trance induction, ontsnapping aan de dagelijkse werkelijkheid. Een werkelijkheid die voor velen gepaard gaat met ziek zijn, armoe, honger, geweld, werkeloosheid, pijn en met angst. Dylan en drank maken blind voor de werkelijkheid. Net als TV en films.
Dylan zingt alsof het systeem waartegen hij in de zestiger jaren protesteerde én the thin man, die daarvoor staat, verrot zijn, de mentaliteit irrelevant want slecht en zinloos. Ik vrees dat de entertainer Dylan niet meer dan een hofnar is geworden. Vijftig jaar geleden zong hij die liederen en raakte hij de harten van veel mensen die zich in hun vrijheidsdrang van die verachtelijke mentaliteit van de Thin Man dachten te moeten ontdoen. Nu in 2009 geeft de entertainer Dylan The Ballad Of A Thin Man muzikaal en qua presentatie op het podium een tijdloosheid mee, die mij verontrust. Het zit niet gemakkelijk - is het protest dan zinloos geweest? Is het verschijnsel Thin man tijdloos, en dus het protest ook? Is onze hoop op bewustzijn en menselijkheid dan net zo tijdloos als het never nooit niet realiteit worden van dergelijke bewustzijn en mede-menselijkheid?
Was het dan allemaal een lachertje wat hij schreef en zong? Inderdaad, entertainment - niets meer en niets minder. Was de betekenis die de songs hadden voor miljoenen dan tevergeefs? Trance-inducing drug. Het lied dat het bedrog aan de kaak stelde had hetzelfde effect - ontsnappen van de werkelijkheid zodat de machtigen de machtigen blijven?
You have many contacts
Among the lumberjacks
To get you facts
When someone attacks your imagination
But nobody has any respect
Anyway they already expect you
To just give a check
To tax-deductible charity organizations
You've been with the professors
And they've all liked your looks
With great lawyers you have
Discussed lepers and crooks
You've been through all of
F. Scott Fitzgerald's books
You're very well read
It's well known
Because something is happening here
But you don't know what it is
Do you, Mister Jones?
Tja het lijkt erop dat we nog steeds zitten opgescheept met die dunne bleke mannen. Ze zijn nu dikker dan doorsnee. Ze hebben dezelfde domme zelfingenomenheid.
Of erger. Misschien zijn het vandaag wel de mensen die vroeger energie, motivatie en inspiratie putten uit The Ballad of A Thin Man. Of zijn wij het nu zelf?
Als Dylan dat bedoeld, dan is de zachtheid en de lichte spot van Dylan passend en artistiek knapper dan ik via de drie YouTube filmpjes kan ontwaren.
* * *
Op het podium in Portland lijkt Dylan hip baasje op een groot stierengevechten festival in Mexico.
Glimmende zwarte schoenen. Zwarte broek met rode strepen langs de buitenste zijnaden. Een zwarte jas met rijk versierde knopen op zijn borst met daaronder vrijwel helemaal verborgen een rood, opengeknoopt overhemd. Een hoofddeksel doet denken aan de zanger van een mariachi band of een Spaanstalige boef in een spaghetti western. De dunne, zwarte platte hoed met brede rand maat het Dylan beeld op het podium als een icoon. Hopelijk ziet zijn manager dat ook, en wordt een geode fotograaf op hem afgestuurd.
Dylan heeft iets met hoofddeksels. Op het eerste album droeg Dylan een krantenjongens pet. Latere foto’s van Dylan met hoge hoeden maakten hem tot een wijze buitenstaander. Nu straalt de Spaanse bijna sombrero-achtige hoed iets elegants, iets zacht glads uit, prima passend bij alle zwarte kleding op het podium.
De hoed zat hoog genoeg zodat het publiek zijn gezicht kon zien. En de lach die regelmatig op zijn gezicht verschijnt is als die van een jonge gast, die zich op zijn gemak voelt. Hij is geen imposter. Alhoewel, soms vermoed ik de grijns van een kaartspeler die zoekt naar de kans om met een bedriegers-truc te winnen. Dansend, lachend, zingend, gebaren makend staat Dylan ons te vermaken. Ach, misschien heeft hij gekeken naar de Leonard Cohen van de afgelopen tijd. Die is op zijn oude dag ook boeiend om te zien optreden.
De presentatie echter is anders dan anders. De muziek en de zang horen wel bij elkaar. Maar Dylan lijkt tegenwoordig kortademig, de zinnen worden snel afgemaakt, terwijl Dylan wacht speelt de band nog de bij de tekst horende muziek. Vreemd, je moet beter opletten… er is geen cadans die band en muziek en zang en tekst hadden zoals ooit met The Band op Before The Flood en soms tijdens de Rolling Thunder Review. Maar misschien waren dat wel de uitzondering is die cadans ook niet de kracht van Dylan’s live muziek. Toch valt het me op.
De muziek van de band klinkt fantastisch. Wat een klasse!
Ik durf weer naar een concert te gaan - de kans dat meer dan een mythe wordt geboden en geslaagd muzikaal entertainment op het podium plaats vindt is groter dan sinds vele jaren.
* * *
Wie is de gitarist links in het beeld? Hij speelt met zijn gezicht meestal richting Dylan. Stimuleert Dylan hier een daar tot een actie, en accent op zijn gitaar of het eind-riff. Is het Sexton? Wil die man a.u.b. het lef hebben om slapheid en desinteresse van Dylan niet te accepteren en dat duidleijke te maken aan de troubadour.
Als het Sexton is:
Dring je op, Sexton. Sex 'm up. Make him howl and grawl. Druk die heupen van je tegen zijn bovenbeen, dwing hem te bewegen, maak hem aan het dansen, laat hem zingen, laat hem lachen, laat hem voelen dat de muziek hem kan dragen... hij mag spelen met de woorden, die onmogelijke stem en het publiek. Use your guitar catch his eyes, be his musical shaman, the doctor who make he patient vibrate alive and kickin'.
Yuo can make the Highlands swirl, en maak de geesten van Desolation Row wakker in de rasta kale koppen van het publiek. Maak ze geil. Give them their money worth of joy.
Met deze band kan Dylan ook weer de langere nummers aan. De muzikale breaks zijn briljant en gedreven. Niet de herinnering maakt dat we minutenlang naar Desolation Row willen luisteren, maar de stem van Dylan die met plezier en uitdaging naar ons zingt. De muzikale breaks zijn briljant en gedreven.
Als Dylan dit volhoudt zijn het niet U2 of Madonna die de mooiste tournee van het jaar gaan scoren. maar Dylan. Opnemen die concerten, op Blu-ray en een prachtig live dubbelaar van deze tournee in het voorjaar uitbrengen, zodat de vogende tournee ook qua marketin efectief kan zijn.
Met deze band en energie durf ik weer naar een Dylan concert te gaan. De kans op geslaagd muzikaal entertainment is groter dan dat de mythe mij toch niet kan betoveren.
Wednesday, October 07, 2009
Other recent Dylan postings here!
Wat hebben kinderen aan hun ouders te danken?
Ze zorgen voor geld voor een huis en bed, eten, de dokter en school. Toch? In ons kikkerlandje is dat misschien ‘gewoon’ – daar werkt toch iedereen? Het leven is toch een kwestie van wil en ambitie? Volgens deze opvatting is geld hebben voor de opvoeding van je kinderen dus ook een kwestie van wil en ambitie. En trouwens kinderen hebben recht op onderdak, eten en school. Niet zeuren, dus. Voor miljarden mensen is gezondheid, eten, een huis, hygiëne en school iets bijzonders – als het er al zou zijn. Koop ‘Christmas at the Heart’. Of nog beter, steun de voedselbanken in Nederland, of steun met tijd en talent vrijwilligersorganisaties die mensen helpen die onvoldoende in staat zijn zich zelf te helpen. Give some with a heart.
Wat hebben ouders in het ideale geval te bieden? Liefde, genegenheid en appreciatie in een emotioneel mentale omgeving waarin de potentie van een ‘mens’ in het kind, dat we ooit waren, tot ontwikkeling kan komen?
Hoeveel ouders leren hun kinderen hoe iemand lief te hebben? Hoe beroemd te zijn en toch geestelijk gezond. Ze hebben mij niet geleed hoe arm of rijk te zijn. Ze leren je niet hoe je afscheid kunt nemen van iemand die je niet meer lief hebt. Ze leren je niet hoe je te weten kan komen wat er in iemands hoofd omgaat. Ze zouden je moeten leren wat je kunt zeggen tegen een stervend mens.
De belangrijkste gift van mijn vader die ik heb meegekregen is de liefde voor muziek en de kunstenaars, die muziek componeren en maken. Als jongetje van acht zat ik onder de tafel te spelen terwijl mijn vader op de piano toverde. Iets ouder ging ik mee platen luisteren in een geluidsdichte cabine in de platenzaak Caminada, midden in de stad. Utrecht was dat.
In het concertgebouw in Amsterdam zat ik op het balkon recht tegenover het podium, daar zag en hoorde ik dat Roberto Benzi, als dirigent een 'Vara's matinee voor de vrije zaterdag' opende met stilte. Hij kreeg van iedereen de volle nieuwsgierige aandacht. Er zitten natuurlijk mensen die weten wat er gaat komen. Prachtig die stilte. Toch ben ik nieuwsgierig of mijn vader weet wat er komt. Stiekem, uit mijn ooghoeken, keek ik naar mijn vader. Hij kijkt rustig en ontspannen naar het orkest. Opeens kwam er een ongelofelijk harde en toch onverwachte paukenroffel waar een oude mevrouw naast me zo van schrok dat haar bril met touwtje van haar neus af viel. Prachtig vond ik het. De muziek leek uit het lijf van de dirigent te komen. Magisch. Later vertelde mijn vader dat hij wel wist dat die stilte gevolgd zou worden door een paukenslag, maar dat hij toch ook wel een beetje schrik in zijn lijf voelde. Ik hield van hem.
Thuis werd nauwelijks populaire muziek gedraaid. In de zestiger jaren was Vera Lynn er vaak te horen, Dionne Warwick was wel mooi, maar niet opwindend. Money, wel. Het stond op het All My Loving EP-tje van mijn vader, ik heb het nog. Van Blowin’ in the Wind had ik wel al gehoord, maar ik zou niet weten hoe en waar, waarschijnlijk niet eens een versie van Bob Dylan.
In 1968 verhuizen we naar, of-all-places Zoetermeer. Ik word puber. Ging naar school. Speel voetbal bij D.S.O. Speel in de buurt met vriendjes. Met het zusje van een beetje stom vriendje leer ik dingen die ik thuis niet hoorde. Zijn moeder vroeg of ik het leuk had gevonden. Ik zit ook veel op mijn zolderkamer. Met mijn vader ga ik een paar keer per jaar mee naar De Doelen. Daar hoor ik modern-klassiek werk. Een concert op een geprepareerde piano – John Cage. Een paar weken later Stockhausen en daarna een prachtig concert met Messiaen, etc. etc. Veel later zou ik vijf dagen achter elkaar de opera Rosa: A Horse Drama van Louis Andriessen horen, zien en voelen. Prachtig die alles samenvattende rap als afsluiter - terwijl de mensen al de zaal uitliepen. Niks geen romantiek - joy!
Net weg uit Utrecht, zat ik in 1968 vooral op mijn zolderkamer. Vanaf de eerste dag, in dat mistroostige conservatief bekrompen Zoetermeer vanaf Augustus 1968, was mijn hemel Radio Veronica – lekkere muziek. Radio Veronica was mijn raam op een andere wereld, die er moest zijn – She’s Leaving Home. Maar waar? En kan ik daar ook leven?
Op de radio hoorde ik in 1969 Dylan voor het eerst. Een niemendalletje Lay Lady Lay tussen het betere rock werk, en Give Peace A Chance. De maanden daarvoor waren The Beatles veel meer aanwezig. Hey Jude klonk in januari ook nog lekker vaak op de radio, in het voorjaar was er Get Back en The Ballad of John and Yoko. Singles die vlak achter elkaar werden uitgebracht – kijk dat was nog eens wat.
Ik ontdekte dat sommige liedjes prachtig waren maar dat de tekst onbekend en nietszeggend bleef, of er zelfs niet toe deed. Honky Tonk Women is één voorbeeld, Lay Lady Lay was een ander voorbeeld. Andere liedjes wilde ik horen vanwege de teksten. Ik schreef de woorden over van de radio. De muziek en de stem waren er voor de woorden. Op de woorden werd ik meegezogen. Dit waren de liedjes die wáár waren. Zo leerde ik snel Engels. Don’t Let me Down op de b-kant van Get Back. Dàt kon ik me ook voorstellen. Daar had ik iets mee. Een thema dat me trouwens nooit meer zou verlaten. Niet zo handig en helemaal niet leuk.
* * *
Zo leerde ik de muziek van Bob Dylan kennen. Singeltjes in 1969 en de jaren daarna op Radio Veronica: Lay Lady Lay, I Threw it All Away, Wigwam en later Watching the River Flow en George Jackson die zelfs alarmschijf was bij Radio Veronica.
Lay Lady Lay was prachtig onbenullig. Dylan zingt met een heldere stem, geen Fins-Hebreeuws Minnesota accent. Ook was de ironie ver weg, het was een recht voor zijn raap country geluid. Later bleek de tekst mooi en passend te zijn. Vanaf het moment dat sex in mijn dromen kwam en er een meisje kwam dat ook veertig jaar later nog in mijn hoofd zit. Jeetje, je al maar het lef hebben om je lief te vragen bij jou te komen liggen op het grote bed. Da's wel heel mooi. Geen sprake van verlegenheid.
Als je zoiets van wederzijdse overgave hebt dan moet je daar voorzichtig mee zijn - da's heel wat waard. I Threw it All Away, was een liedje dat onverbloemd duidelijk maakte dat je alles wat mooi is en wat je hebt kan verpesten. Nou daar waren mijn ouders aardig mee bezig. Ik zou zo stom niet worden in mijn leven.
George Jackson was verontrustend maar Watching the River Flow was een lekker Leon Russell soundje en vertelde dat wat er ook gebeurt de natuur gaat zijn gangetje. Metaforisch? Niet voor mij. Ik wilde naar de bergen. Daar gaat alles in een van mensen onafhankelijk gangetje. En op die oude bouwvallige boerderij hoog in de bergen, stond ook een ander levenstempo – Watching the River Flow dacht ik toen als kind.
Wigwam was een maf en toch een heel erg lekker stukkie muziek. Ja, banaler kan ik het niet zeggen. En dat past, want banaal is Wigwam. Banaal aantrekkelijke muziek. Als je het hoort klinkt het gewoon lekker, of je wilt of niet. In mijn dagboek schreef ik: ‘Wigwam is gewaagd of dom. Die man raakt zijn goede serieuze imago kwijt. Maar is dat erg. Iets onverwachts doen kan ook goed zijn. Misschien gaat hij nu lekker veel hits scoren’. Wist ik veel, het is pas als je gitaar leert spelen dat het helemaal niet zo gemakkelijk is om swingend en soepeltjes van een G-akkoord, te veranderen naar A en dan E.
Het is een liedje dat pakt. Je kunt het alleen achteraf haten met een door patserigheid vermolmde vermeende Dylan-intellectualiteit. Diegenen die van al dat jat en kopieerwerk van de laatste jaren houden, en straks ook Dylan’s kerstalbum appreciëren, kunnen toch niet het kampvuurachtige van Wigwam ontkennen?
Wigwam is een muzikale recht voor z’n raap benadering, een warme hug met een grote lach op de bek. Een warmte die we van Dylan niet kennen, maar die ik in muziek altijd lekker heb gevonden. Een warm bad van sympathie en vriendschap en gezelligheid. Gelukkig heb ik door mijn vader ook van ingewikkeldere muziek zoals King Crimson en Boulez leren houden. Ik snap het bombastische van U2, het is voor mij altijd verdacht gebleven. En de teruggetrokken eenzaamheid van Dylan heb ik altijd als zodanig gezien. Niet om te bewonderen – it just is.
Wigwam klonk voor mij het lekkerst als ik ernaar luisterde van de cassettebandjes naast de stallen op de alpenwei in de Oostenrijkse Alpen. Tegenwoordig hoort bij Wigwam nog een koud biertje, toen een naar koe, hooi en stal stinkend vriendinnetje met wie ik heerlijk meer kon dan zoenen.
In 1971 had ik in Oostenrijk trouwens een paar cassettebandjes bij me. Van de buurjongen gekregen. Hij had twee oudere broers. Één woonde in London, de ander werkte als journalist bij een bekend pop-blad. Op de tape stonden allerlei nummers van Bob Dylan, die matig maar wel spannend klonken. Ik had geen flauw idee wat het was. Hij had het wel verteld. Nu weet ik dat het de bootleg The Great White Wonder was.
Door mijn buren las ik Engelse muziek tijdschriften. Na verloop van tijd begon ik citaten uit te knippen en maakte er eigen verhalen van voor mijn plakboeken over the Beatles en Dylan.
Al in 1970 liet Greil Marcus, in Rolling Stone, blijken dat hij dacht dat Dylan toen al iets had met de kracht van Amerika’s cultuur. Hij suggereerde (ingefluisterd door Dylan?) toen al dat Dylan waarschijnlijk op zoek leek naar zijn eigen soort Americana. Daarom vond ik het toen stom om de songs van Dylan standaard labels als folk, protestzanger en country te geven. Tegenwoordig maakt het me niet uit. Het is gemanipuleerde marketing. Wie daarvoor valt, ach. Dat zijn platen geen hoge plaatsen haalden in de hitparade vond ik helemaal niet erg. Zo bleef hij uniek.. Dat Cold Turkey, van John Lennon, eind 1969 geen nummer één plaat werd, kon ik begrijpen, maar dat was wel weer jammer. De eerste plaatsen van Dylan op de album hitparades sinds enige jaren zijn volgens mij economische en artistiek net zo irrelevant als de non-scores in de zeventiger jaren.
Ik vond het ook onzin om Dylan een held te noemen, of een protestzanger, de voorganger. Zijn muziek maakte Bob Dylan tot een heilige koe – een profeet met halootje. Terwijl hij eigenlijk een in zichzelf gekeerde teruggetrokken man leek, die, als hij op speed of andere drugs was, zich gedroeg als een niet te pruimen hufter. Of zoals Jaqi, een leetijd genoot van Dylan, achter bar, in Hibbing hem noemde “an ungrateful, arrogant bastard - a creep”. Natuurlijk was ik nieuwsgierig hoe hij zijn kunst - woorden en melodien maakte.
Als puber had ik toch last van die heldenverering. Toegang tot zijn muziek verliep toch via de media en daarin werd hij vereerd en geprezen. Pure marketing en volstrekte onzin – maar ja, als het je vaak genoeg gezegd wordt en iedereen doet alsof de mens achter de prachtige kunst ook ‘een te bewonderen prachtig mens’ moet zijn – dan is het heel lastig daaraan te ontsnappen. Nu lach ik erom, en het ergert me qals ik er toch in dreigt te trappen.
Hoewel, ik vond zijn singles van (1969-1972) en gevarieerde muziek leuker en belangrijker dan de protestliedjes uit de geschiedenis. Het was uniek en zoekende.
Tegenwoordig heb ik net zo’n hekel aan de fans en critici die voortdurend verwijzen naar de blues als ze het over Dylan’s 21ste eeuwse muziek hebben. Of neem nou die zogenaamde bewondering voor Dylan’s onuitputtelijke kennis van de roots van Amerikaanse muziek.. Theme Time Radio Hour is toch echt een programma van producer Eddie Gorodetsky en Dylan de presentator, die vooral van te voren uitgeschreven teksten voorleest.
Bob Dylan leek en blijkt nu een artiest met een idee over de muziek en het geluid dat hij wil ontdekken, creëren en dan op plaat en live aanbieden. Als het publiek het accepteert. Het akoestische geluid en de vreemde teksten van de eerste jaren, gevolgd door het kwikzilveren geluid (thin wild mercury sound) van Blonde on Blonde en de twee voorgangers, het countryachtige maar koele naakt van John Wesley Harding, en de pure allesomvattende lol van wat later de Basement Tapes heette. Marcus schreef in die tijd al “hardly a prophet, merely a man with good vision”.
Eerst waren er van Dylan de singles op Radio Veronica, toen de artikelen in de muziektijdschriften, daarna kwamen de cassettebandjes. Dylan was in mijn leven. Weliswaar niet dominant, maar toch maakte de muziek een onvergetelijke indruk op de puber die ik was. Pubers van 13 tot 17 zijn het meest gevoelig voor externe indrukken.
Mijn ouders hadden mij god-betere-het naar een Middelbare School met de Bijbel gestuurd. Wat een ramp. Thuis was er wel interesse voor muziek, maar toevallig niet van intelligente pop en wat op dat moment rockmuziek heette. De vragen van Blowin' in the wind hoorde ik via Jules de Corte's Ik Zou wel eens willen weten. Verschrikkelijk maar onvermijdelijk. Mijn leven was thuis op mijn grote zolderkamer met de platenspeler en Radio Veronica en een paar vriendjes. Ik wist dat er meer was… maar waar? Ergens voorbij de heuvels ver weg achter de blauwe horizon.
Een Amerika dat een rijke bron van prachtige muziek was – zoveel begreep ik trouwens ook wel uit de platenverzameling van mijn vader.
Toen kwam begin 1971 All Things Must Pass. Drie fantastische elpees in een machtig mooie box. En dat terwijl Let It Be, met dat fotoboek ook al zo mooi was, wie deed hun dat na? De opener op All Things Must Pass was een song van Dylan en Harrison samen. Verdomd als het niet waar is, ik vond het een mooie niet Beatles-achtige opening – niks ingewikkelde teksten, simpel melodieus I’d Have You Anytime. Dylan speelde niet mee. Het deed er niet toe. Hij was toch ook aanwezig. Wat de bijdrage van Dylan was? Ik heb er nooit over gespeculeerd of gefantaseerd.
Helemaal mooi was natuurlijk If Not For You. De subtiele warme klankkleuren pasten prachtig op het album. Steel gitaarspeler Peter Drake speelde mee op Dylan’s Nashville Skyline, deed dat ook tijdens de All Things Must Pass sessies. Ik vind de Ballad of Sir Frankie Crisp (Let it Roll) nog steeds de winnende song in deze stijl-categorie. Terecht dat Let it Roll de titel van de verzamelaar van George Harrison is geworden.
Met kerst 1971 pakte ik drie zwarte vinyl schijven uit de oranje-bruine doos die één van de buurjongens uit Amerika had meegenomen. De één na laatste kant begon met:
“I Like to bring you on, a friend of us all: Mr. Bob Dylan!”
Kippenvel. Een massaal gejuich volgde, net zo luid als het gejuich voor Ringo Starr en George Harrison zelf. The Beatles en Dylan. Het waren onvergelijkbare grootheden in de popmuziek… hier aan elkaar verbonden op de manier waarom ze bestaan. Samen muziek maken voor het publiek om van te genieten.
Dylan begon met een lied dat mij voor zover ik al niet langzaam aan Dylan verknocht was, voorgoed inpakte:
‘A hard rain’s gonna fall’, zoals hij het tijdens het Concert for Bangla Desh zong en speelde. Dat had betekenis. Er zat power in hoe hij de titelzin zong, het was subtiel, het was energiek, het was open, niks geen depressief gedoe, veel belovend. Het was Bob Dylan, hoorbaar en voelbaar en voor altijd in mijn geheugen gegrift.
Blowin’ in the wind…
Was niet sullig akoestisch, maar had een voortstuwende dansende bas van Leon Russell en een jingle jangle elektrische gitaar van George Harrison, en de voorzichtige tamboerijn van Ringo Starr.
Er zat meer kracht in dan wat ik tot dan toe van Dylan had gehoord. Ja ja, cassette bandjes klonken nou eenmaal niet erg goed. De tekst was legendarisch, maar drong niet echt tot mij door. Dat soort vragen… ze waren soms zo concreet, dan weer vaag, zo beeldend, zo zinloos, ze klonken me als ‘Sag mir wo die Blumen sind, Wo sind die geblieben?’ van Marléne Dietrich.
Maar nu van iemand die op moest groeien, of ging het niet over één persoon, maar over iedere mens? De mensheid? Misschien. Ik vond het nogal vaag. Zoals menigeen in die tijd praatte en nu nog. Wat iemand vindt, lijkt de waarheid voor hele wereld. Hoeveel waarheid kunnen mensen verdragen? De waarheid dat je eigen waarheid slechts alleen jouw waarheid is, en geen geldigheid heeft buiten jezelf. Nu schrijf ik het zo op, maar thuis had ik aan tafel met mijn zussen menig ruzie over zo iets. Niet leuk. Maar wat een onzin, denken dat je eigen waarneming relevant is in een discussie – let alone geldigheid heeft voor het leven van anderen. Wat een onzin. Muziek hielp mij mijn denken aan te scherpen. Een bijdrage van Dylan kon ik me niet voorstellen.
Mr. Tambourine Man volgde geloof ik. Die snapte ik wel, lekker liedje, maar de uitvoering was niet strak. Dit arrangement werkte niet als support voor Dylan. Hij bleef toch goed zingen. De intonatie, het spel met de woorden en de stem, was wel overtuigend. De tekst veel spannender dan wat ik kende van The Byrds.
Tekstueel wint Dylan, muzikaal wonnen The Byrds. Dylan's tekst staat in de Norton Introduction to Literature, de Byrds hadden hun super hit. Als ik de verschillende versies vandaag vergelijk staat dit oordeel nog steeds, ook al klinkt de Byrds versie nu alsof de song gecomponeerd is door en voor de Monkees.
Just Like A Woman, wow, wat een tekst. Ik wist dat ik puber was – ik wist dat ik van mijn ouders over meisjes niets zou leren. Er was nog zoveel te beleven en te ontdekken. In Oostenrijk wilde ik zijn. Dat waren lieve ouders. En dat meisje. Veel te jong, maar daar zou ik gelukkig willen zijn. Dan maar niet modern.
Sommige zinnen van Just Like A Woman pasten in mijn fantasieën, dagdromen, klaarkomen en vriendinnetjes. Drugs? Nooit van gehoord. Amfetaminen, wááát?
Hoe verschillend al die liedjes tot dan toe. De singles, de Great White Wonder, All Things Must Pass en Bangla Desh ook waren qua muzikale stijl en tekstuele inhoud. Er was iets heel spannends. Iets groots, iets dat niet zomaar een teenybopper band was. Zoiets als Slade of een geflipte dichter die ook nog zong. Dylan was niet slechts ‘Blowin in the Wind’ of ‘A Hard rain’s gonna fall’. Dat was duidelijk.
De puber van 13 tot 17 is het meest gevoelig voor externe indrukken – ik was toen zo oud. Mijn ouders hadden mij god-betere-het naar een Middelbare School met de Bijbel gestuurd. Wat een ramp. Thuis was er wel interesse voor muziek, maar toevallig niet van intelligente pop en wat op dat moment rockmuziek heette. Mijn leven was thuis op mijn grote zolderkamer met de platenspeler en Radio Veronica en een paar vriendjes. Ik wist dat er meer was… maar waar? Ergens voorbij de heuvels ver weg achter de blauwe horizon.
Dat Amerika een rijke bron van prachtige muziek was – zoveel begreep ik trouwens ook wel uit de platenverzameling van mijn vader.
Jaren later lag ik tijdens Blood On The Tracks en Desire met mijn vriendinnetje op de zolder kamer te seksen op bed. Desire vond we samen mooi. De schoonheid van Sara was onmiskenbaar, het verhaal van Joey heerlijk. De schrijnende bijtende pijn van Isis valt niet op bed in elkaar verliefd in elkaar gestrengeld te delen. Zoals Dylan later zich afvroeg hoe mensen toch kunnen genieten van Blood On The Tracks – het is simpelweg niet mooi – wel indrukwekkend. Van Blood On The Tracks kan ik me alleen herinneren dat we Lily, Rosemarie and the Jack of Hearts samen op bed luisterden. Blood On The Tracks is een pracht kunstwerk over scheiding – het doet pijn. Een ‘hors de category’ album, wat mij betreft, samen met Time Out Of Mind en Blonde on Blonde. Ook nu ruim dertig jaar later is Blood On The Tracks nog steeds kunst met een krachtig effect op de aandachtig luisteraar. Fantastisch. Nu is de plaat van mij alleen, net als Before The Flood toen die uitkwam. Luchtgitaar spelend, de muziek hard en ik nog harder meezingend. Arme moeder, beneden in de keuken. Zou ik dan nooit mijn huiswerk maken? En kon die herrie dan nooit stoppen?
En dan al die muziek tijdschriften: Melody Maker, NME, Rolling Stone en weet ik veel wat nog meer. Muzikanten en sterren en Dylan waren aanwezig.
Zijn muziek bleef, maar hij verdween weer. Ik kocht de meeste platen nog wel. Ik luisterde naar Shot of Love en Infidels vaak op de zondagen en zaterdagen dat ik samen met een oudere hippie de ‘Berggids’ ‘plakte’, het verenigingsblad van wat toen KNAV heette en nu de NKBV is. Maar de Dylan albums uit die tijd waren toch platen zoals er ook anderen waren, en er waren heel veel goede platen.
Biograph was de uitzondering. Die kreeg ik met een prachtige brief van mijn ouders als verjaardagskadoo. Een dierbaar bezit. Ik hoop de box-set mijn hele leven in de buurt te kunnen houden, niet alleen vanwege de prachtige liefdevolle brief van mijn vader, geschreven op de lege pagina’s van het gele tekstboek dat in de doos zat. Na de Great White Wonder was dit de eerste blik op het oeuvre van Dylan.
Sinds hij met George Harrison, Tom Petty, Jeff Lynn, Jim Keltner en Roy Orbinson als de Traveling Wilburys een weldadig goede plaat maakte was ik weer helemaal Dylan fan. Leuk waren de teksten, en de muziek briljant lekkere geile rock. Toen hij ook nog het lef had om een plaat te maken met Daniel Lanois - ‘Oh Mercy’ - werd Dylan modern en onafscheidelijk. Ik ben altijd nieuwsgierig gebleven.
De rest is geschiedenis.
Nu ben ik vaak alleen met Bob Dylan, en dat is verdomde jammer.
Dit stuk is in een eerdere versie gepubliceerd als Watching the River Flow op www.bobdylaninnederland.blogspot.com
Economische en mannen crises
Twee interessante ontwikkelingen in de NRC en andere kranten van de afgelopen dagen. De tent-'steden' bij de Amerikaanse steden, van Detroit tot St. Barbara/California en tegelijkertijd is er nieuws over sex-gedrag van publicitaire alpha mannen - Polanski en David Letterman.
Tuurlijk zijn er vrouwen die down-daten.
De Polanski's en de David Letterman's van de wereld lopen nauwelijks het risico in de publicitaire goot van afwijzing en vergetelheid te belanden. mannen lachen besmuikt of vinden het stom dat hij gechanteerd wordt. En zijn blij dat er steeds mer regels zijn om affaires op het werk te voorkomen. Tegelijkertijd ontstaan meer langdurige relaties tussen vrouwen en mannen op het werk dan ooit te voren. 42% van de mensen die een affaire hadden of hebben me iemand op het werk komen terecht in een langdurige openlijke relatie met die persoon van het werk. Dat ook vrouwen de Polanski's, Spitzer's en David Lettermannen tot het publiek en stemmers blijven behoren is omdat er heel wat vrouwen nog in de macht en kracht van het Cindarella sprookje geloven.
Ruzie maken in armoe en lief zijn in rijkdom.
Het heerlijke verlangen om te worden uitgekozen en verleid door een rijkere en machtigere man dan jijzelf. Hij die in staat is je weg te dragen van al je zorgen en pijn. De prins op het witte paard, het leeft bij heel wat vrouwen en lijkt niet binnenkort te gaan verdwijnen. Welk tiener meisje of vrouw in haar vroege twintiger jaren groeit niet op met de hoop te worden ontdekt en verleidt, door een aardige, lieve, manlijke rijke goser of prins?
Toon me de psycholoog, die kan aantonen dat vrouwen niet meer omhoog willen trouwen. Films en boeken gaan over die emotionele existentiele schema. De Konsalik boeken in de zeventiger jaren, 'Beauty and the Beast', 'Pretty Woman' of de filmklassieker met Cary Grant en Rosalind Russell's 'His Girl Friday' - ze voeden allemaal het Cindarella sprookje aan vrouwen.
* * *
Gisteren las ik trieste verhalen over de armoe in Amerika - waar werkende mannen in twee of drie jaar tijd door liefde, banen en economische crises hun spaarcenten, werk en huizen kwijt waren en in een tent leefde. Aardige doorsnee mooie en aantrekkelijke mannen. Die nog steeds voor en date gevraagd werden. Als aan het eind van de avond zij met hem mee wil naar huis, zei hij: “Ik ben dakloos.” En zag haar nooit meer terug.
In Amerika en niet hier?
Monday, October 05, 2009
Al in het weekeinde dacht ik - ik wil niets doen. Donker, kouder, regenachtiger, de bergen oneindig ver weg - vriendelijkheid en liefde een mistige gedachte, om van de realiteit maar niet te spreken. De hele dag in bed. Helemaal alleen, muziek, boeken, PC, en telefoon voor het nodige contact met de buitenwereld. Ik deed het niet.
Ga ik vandaag lopen? Ik wil uitrusten, niet zoals een ander na de coïtus een sigaret opsteekt en in slaap valt, maar meer een vreselijke herfstdip.
Hello, is there anybody out there?
Ik ken dit gevoel. Rusten en lui zijn mag best van tijd tot tijd. Da's niet slecht voor het lichaam. Maar dit gevoel? Hardlopen en dus actie volhouden. Explodeert er iets?
Trainen dus, en rauwe worteltjes eten, om de boterham met oude kaas te compenseren.