Elke’s ICT-plan
voor de
St Willibrordusschool
Made on a Mac.
0. Wie
ben ik
Ik ben Elke. Ik heb een
Mac. Dat maakt mij een vrouw met een missie.
Ik denk dat kinderen nu
anders zijn dan kinderen vroeger. Kinderen nu liggen in een spervuur van
informatie: reclame speciaal op kinderen gericht, digitaal sociaal netwerk. En
in tegenstelling tot vroeger wordt er van hun verwacht dat ze actief deel gaan
nemen in het delen van informatie.
Ik denk dat computers
anders zijn dan vroeger. Ik hoef maar DOS te zeggen. Computers nu zijn
gemakkelijker te bedienen, er is nadruk op spelletjes, grafische informatie.
Dat maakt ze toegankelijker voor kinderen.
Ik denk dat scholen
anders zijn. Scholen worden meer tot verantwoording geroepen door ouders en
besturen. Het vertrouwen dat vroeger zo gewoon was, tegenover de controle en
inspraak van nu.
Leerkrachten zijn
anders. Leerkrachten vroeger waren full-time, gaven na school blokfluitles en
waren actief in het verenigingsleven. Leerkrachten nu zijn om de oren gewapperd
met professionaliteit. En ze zijn professioneler: taken worden meer afgebakend;
na kwart over 3 ligt het niet meer op ons bordje.
Ik denk dat een school
die geen onderwijstijd voor ICT inruimt, kinderen niet voorbereid op een wereld
waarin informatie vluchtig is, niet altijd betrouwbaar en waarin kinderen op
jonge leeftijd al deelnemer zijn in een informatie-netwerk. Het is hetzelfde
als kinderen het ijs op sturen zonder te vertellen dat er water onder kan
zitten.
Ik hou van snelle
innovatie, bijblijven is blijblijven, cutting edge. If ‘m not bleeding, the
innovation is mature.
Ik denk dat als ik een
plan ICT schrijf, dat er waarschijnlijk moeilijke woorden in staan, een andere
kijk, en weinig aansluiting met waar de rest van mijn team mee bezig is.
So: bleed with me.
1 Wie
is de St Willibrordusschool?
De St Willibrordusschool
is een dorpsschool. De meeste kinderen uit het dorp en ommelanden gaan naar
onze school. Voor het team houdt het-dorpsschool-zijn in, dat we een goed
zorgsysteem hebben, om kinderen zo lang mogelijk op onze school te houden. Maar
ook een open houding naar de gemeenschap en een nadruk op rekening houden met
elkaar en vertrouwen op elkaar, zoals dat in een dorp gewoon is, hoort bij een
dorpsschool zijn.
Onze school is gebaseerd
op het leerstofjaarklassen-systeem.
We denken dat, door de middengroep tegelijkertijd hetzelfde aan te leren, een
leerkracht tijd overhoudt. Die tijd heeft een leerkracht nodig om kinderen, die
het tempo van het gemiddelde kind niet bij kunnen houden, bij te spijkeren. We
zijn aan het denken over een manier waarop we ook de snellere leerling
interessante stof kunnen aanbieden. We weten dat op deze manier niet alle
kinderen evenveel aandacht krijgen van de leerkracht. En als de kinderen die
meer aandacht nodig hebben die ook krijgen, dan doen we het goed, naar onze
mening.
We houden van effectief
onderwijs. Het moet ergens over
gaan, kinderen moeten door onderwijs de wereld om hen heen beter snappen.
Betrokkenheid en goede instructie zijn belangrijke ingrediënten van onze
lessen. Door methode gestuurd onderwijs willen wij een goede aansluiting op de
kerndoelen en het voortgezet onderwijs bereiken.
We denken dat een
leerling op de basisschool te jong is om overzicht te hebben over wat hij/zij
later nodig zal hebben. Wij maken keuzes voor een leerling waar het moet. Maar
we eisen ook van onze leerlingen dat ze zich steeds meer verantwoordelijk
voelen voor het gedeelte dat
door de leerkracht wordt aangegeven: dat gaat van zorg voor je eigen werk bij
de kleuters, tot zorg voor je klasgenoten in de bovenbouw.
Strenge school? Ja, we
hebben regels waar niet mee te schipperen valt. Leuke school? Ook, want we
denken dat wanneer een kind weet dat het goede beloond wordt en het foute
verholpen, dat het zich dan veilig
voelt. En dat is een voorwaarde om tot een nieuwsgierige houding te komen. En dan wordt leren leuk. Voor leerling
en leerkracht.
2 Onze
missie: zakdoekjes op het perron
Wij denken dat we
kinderen in 8 jaar basisschool een mentale reiskoffer mee moeten geven. Als we
met het team groep 8 uitzwaaien, dan zou het volgende in hun koffertje moeten
zitten:
- Kennis en vaardigheden waardoor je makkelijk
start in het vervolgonderwijs
- Een goed gevoel over jezelf en je eigen
kunnen
- Een nieuwsgierige houding naar anderen, je
omgeving en leerstof
- Ervaring in het oplossen van eenvoudige
sociale problemen als ruzie, kennismaking en hulp aanbieden
- Een enorme zin om na 8 jaar de wijde wereld
in te trekken, omdat de basisschool te klein voor je is geworden
Kortom, een koffer vol
belofte en reislust. Die reiskoffer is hetzelfde als 50 jaar geleden, want
basisonderwijs is een aanloopje naar voortgezet onderwijs, geen einddoel. Maar
wat erin zit moet wel in de wereld van vandaag passen.
Door het gebruik van
digitale communicatie is de wereld veranderd en is het belangrijk om onze
leerlingen ook digitale verantwoordelijkheid (digital citizenship) aan te
leren.
Digitale
verantwoordelijkheid, moet dat op een basisschool? Ja! Vanaf groep 6 zitten
kinderen op MSN, in groep 7 hebben ze mobieltjes. In groep 8 is de
verspreidingsdichtheid van computers en mobieltjes dik over de 60% (gokje). Dat
zijn machtige wapens in de handen van kinderen die te jong zijn om te weten
hoeveel pijn je iemand kunt doen met een welgemikte pesterij (anoniem bellen of
sms-en, “grieven”/dreigen over MSN).
Digitale
verantwoordelijkheid houdt in dat je anderen in hun waarde laat, ook al ben je
anoniem. En dat je niet alleen informatie verzamelt, maar ook de bron vermeldt
en de informatie weer moet delen. Dat je weet hoe je om moet gaan met mensen
die persoonlijke dingen van je willen weten terwijl je ze niet ziet, of die
gemene dingen tegen je zeggen waardoor je je eenzaam voelt.
Een ouwe reiskoffer en
een kaartje naar een grotere wereld, krijgt groep 8 van ons mee. De koffer is
misschien dezelfde als 50 jaar geleden, maar de kaarten horen nieuw te zijn, de
reisgids van de laatste druk en het ondergoed fris gewassen.
3
Mindmap ICT / vier in balans

Deze mindmap is
gebaseerd op de verdeling van Vier-in-balans van de stichting ICT op school,
van 2001. Alleen het donkergroene gedeelte bevat de kerndoelen ICT. Over
hardware heb ik weinig te zeggen, behalve: het hadden Apples kunnen zijn.
De leerlijnen lijken
alleen te zitten in het donkergroene gedeelte. Dat komt omdat dat de kerndoelen
zijn. Toch zitten ze ook in geel en paars, kijk maar:
|
|
Geel
|
Groen
|
Paars
|
|
onderbouw
|
Verantwoordelijkheid
voor goed gebruik en netjes opruimen
|
Muisvaardigheid en
nieuwsgierigheid
|
Keuze maken
|
|
middenbouw
|
Verantwoordelijkheid
voor goed gebruik, programma vinden, goed afsluiten, netjes opruimen
|
Gebruiksvaardigheid
muis en toetsenbord, nieuwsgierigheid naar informatie in spellen
|
Beredeneerde keuze
maken (daar ben ik niet zo goed in / wil ik meer van weten)
|
|
bovenbouw
|
Verantwoordelijkheid
voor nettiquette / internet users protocol.
|
Gebruiksvaardigheid,
typevaardigheid, zoekvaardigheid, communicatievaardigheid
|
Beredeneerde keuze
maken en informatie delen
|
4 Plan
hardware
We zitten vast aan
Microsoft Windows. De machines die zijn aangeschaft met het oog op de toekomst,
moeten worden aangestuurd door een server die moeilijk te bedienen is, met
programmatuur waarin we niks meer te kiezen hebben. De ceteris censeo
(computeres debiunt pomes, zou Cato met me eens zijn geweest, als er toen al
Apples waren geweest.) Dat moet beter worden met SKOOL, waarover nog geen
vrolijke gebruikersverhalen gehoord zijn. Daar staat een evangelisch top-down
fanatisme tegenover.
Blijft keuze in andere
invoer over: camera’s, filmcamera, scanner, laptops, wireless LAN, printers,
videorecorder met harde schijf en aansluiting op het netwerk (over 5 jaar,
schat ik). En alles gebruikersvriendelijk, kidsafe en stabiel. Bij uitbreiding
met laptops en een wireless LAN heb ik een duidelijke voorkeur voor Apple.
Onbekenden met het beste besturingssysteem mogen me altijd vragen waarom. Brood
meebrengen.
Verhouding leerlingen :
computers.
We moeten een verhouding
vast gaan stellen. One on One, het doel van de USA gaat te ver. Maar nu zitten
we aan een verhouding van 1 computer :10 leerlingen. Een groot gedeelte van de
computers kan niet in de les gebruikt worden, omdat ze op een zoldertje staan:
te weinig voor een klas, te veel om niet te gebruiken. En verstorend voor
handvaardigheidsles en DC.
Ik meen dat een ratio
van 1 computer : 6 leerlingen, een doelstelling zou moeten zijn voor de komende
5 jaar. Sparen voor een computerlokaal of alle computers inzetten in de klas.
Ik ben voor het laatste, maar ik zie met de groeiende klassen ook wel de
problemen met ruimte. Er gaan geen leerlingen uit de klas omdat er een computer
in moet. Een rijdende kar met laptops kan uitkomst bieden.
Ik denk overigens dat de
desktops heel nuttig werk doen in de klas, wanneer ze ingezet worden voor RT,
D&P, extra taak, opzoeken. Dat kun je nooit vervangen met een laptopcar.
Maar taken waarbij je moet leren met de computer kun je in deze opstelling
nooit doen.
5 Plan
software
Administratie:
1.
Administratie op directieniveau
Hier
doe ik geen uitspraak over. Onderzoek en advies hierover liggen kennelijk niet
meer op schoolniveau.
2.
Administratie op klassenniveau
We
gaan toe naar een digitale overdracht van leerlingen, opslag van gegevens. Het
is onverstandig om dit via het netwerk te doen, da’s vragen om inbraak in je
gegevens. Ik zou op termijn voor laptops pleiten voor leerkrachten. Dan hoef je
ook niet op school te blijven om je administratie bij te werken. Bovendien log
je in en uit, geen gevaar voor je gegevens als de server reset wordt. Het
invoeren van toetsresultaten/observaties moet meer digitaal kunnen, methodes
moeten daarop gescand worden. Uiteindelijk spaart dit kostbare tijd.
3.
Administratie op zorgniveau
Het
LVS is gedigitaliseerd. De signaleringsformulieren zijn dat ook in steeds
grotere mate. Digitale formulieren hebben als voordeel dat ze eenduidig zijn en
tegelijkertijd zo flexibel zijn dat iedere leerkracht haar ei erin kwijt zou
moeten kunnen. Een digitale zorgkalender zou handig zijn.
Afscherming:
Ik
ben trots op het feit dat onze school geen afscherming heeft van foute sites.
Op onze school kunnen leerlingen op geweld/porno-sites terechtkomen. Wij doen
niet alsof zulke dingen niet bestaan, maar bespreken waarom we niet willen dat
kinderen naar zulke informatie zoeken. Het verschil tussen valse en echte
informatie leren herkennen en de schadelijkheid van valse informatie is iets
waar de bovenbouw mee moet leren omgaan. Informatievoorziening hieromtrent naar
leerlingen en ouders moet wel verbeteren. Een Internet Users Protocol (IUP) kan
tot de mogelijkheden behoren.
Drill&Practise:
Dit
zijn ondersteunende programma’s, waarbij je moet denken aan herhaling om iets
te onthouden of het herinneren te versnellen (automatiseren). Rekenen in de
middenbouw (tafels), spellingprogramma’s en het typeprogramma kunnen hiertoe
gerekend worden. Op dit moment hebben we niet veel meer van dit soort programma’s
nodig. Dat kan veranderen met nieuwe methodes.
Remedial teaching:
Weg
met programma’s voor de RT. Ik zou er voor pleiten om RT programma’s zo snel
mogelijk op het net te zetten en leerkrachten cursussen te geven om ze in de
klas in te zetten.
Toetsprogramma’s:
Ik
zie het nut hiervan in (geen nakijkwerk, leerlingen kunnen op eigen tempo de
toetsen doorlopen), maar er is nog te weinig. Het digitale PI-dictee is een
goed voorbeeld. Misschien is het verstandig bij nieuwe methodes ook te kijken
naar wat er aan toetsprogramma is.
Informatie presenteren:
Tekstverwerken,
presentaties maken, schrijven, we doen het nu met Microsoft Office. Ik pleit
voor een open source Office. Microsoft kost bakken geld, en compatibiliteit is
geen vereiste voor oefenwerk van leerlingen. Er is geen enkele geldige reden
waarom kinderen zouden moeten werken op de duurste tekstverwerker die er is.
Van de handigheidjes van MSWord laten we 95% ongebruikt. Weg ermee.
Informatie verwerken:
Het
maken van een presentatie heeft een lage verwerkingsopbrengst (zie mijn blog).
Daarom tel ik powerpoint hier niet mee, hoewel dat in het Nederlandse
taalgebied nog wel gebeurt. Ik hou het op gamebased learning, mindmapping en
CSCL. Ik loop ze hieronder even na:
1. Gamebased learning:
In
het kader van computervaardigheden zijn games heel handig. Doordat kinderen
door beweging en geluid geprikkeld worden, leren ze omgaan met de muis, en
leren ze elementaire computervaardigheden aan (aanzetten, afsluiten, programma
zoeken). Doordat nieuwsgierigheid beloond wordt met een muziekje en bewegend
plaatje, leer je kinderen een manier van omgaan met computerprogramma’s aan die
door developers “intuitive” wordt genoemd. Putt-putt is er een voorbeeld van.
Omdat intuitive de belangrijkste manier van kennismaking met software is op dit
moment, is het belangrijk, deze manier vroeg aan te leren.
Educatieve
games hebben bovendien een heel positieve leeropbrengst en zijn gemakkelijk in
niveau naar boven (meer begaafd) en naar onder uit te breiden. “Ontdek je eigen
lichaam” leert kinderen spelenderwijs een hele woordenschat aan. Maar zo zijn
er veel meer spelletjes die niet te leuk voor school zijn.
“Woordenhaai”
zit tussen D&P en GBL in. Daar moeten we zeker naar kijken. Typevaardigheid
(typen voor kinderen wordt steeds meer arcadestyle) en techniek (bijv. Miel
Monteur-serie) zijn heel goed onder GBL te vangen.
2. Mindmapping:
mindmapping
is een informatieverwerkingsmethode die aansluit bij onze leesmethode Goed
Gelezen en de taalmethode. In groep 7 en 8 krijgen kinderen het opdelen van
informatie in een schema aangeleerd. Een mindmap-programma (desnoods als
freeware) zou deze vaardigheid kunnen ondersteunen.
3.
File-sharing/wiki/computer ondersteund samenwerkend leren (cscl)
Van
elkaar leren is een vrij effectieve manier van informatie verwerken en delen.
Schrijven over te verwerken informatie ook. Elkaar helpen bij het schrijven
over te verwerken informatie maakt het overzicht beter. Deelname aan een
project als kennissennet is hier een mogelijkheid. Op basisschoolniveau zelf
een wiki opzetten kan ook, met software van de EU, dat is zelfs gratis. Je kunt
dan zelf bepalen in hoeverre de wiki over internet gaat, dan wel binnen school
blijft. Hoewel worldwidewiki het laatste stadium van informatie delen is, wil
ik ‘m toch hier noemen. Dit combineert namelijk een belangrijk onderdeel van
digitale verantwoordelijkheid (informatie delen) en de primaire
ontwikkelingstaak van een basisschoolkind (jezelf in relatie tot anderen leren
kennen).
6 Plan
scholing:
Verandering is een deur, die je
van binnen uit opendoet.
Leerkrachten:
· Leerkrachten moeten een overzicht krijgen van wat er kan, en wat nuttig is. Een
opstel typen is NIET handig, ook niet in de bovenbouw. Omdat het gewoon te lang
duurt. Het werken met plaatjes en praatjes sluit juist wel heel goed aan, bij
het nieuwe lezen én het Angelsaksische model van informatie schrijven en
presenteren om het te leren. De bovenbouw een digitaal prentenboek laten maken,
leert de bovenbouw presentatievaardigheden en de onderbouw lezen. Overzicht kun
je aanbieden door mensen aan te moedigen proeftuintjes te beginnen. Na een tijd
kun je anderen laten zien wat ervan geworden is.
· Vanuit een overzicht kun je komen met de vraag
waar mensen zich in willen verdiepen. Het overzicht is afhankelijk van
proeftuintjes. Daarvoor moet er zich een voorhoede vormen. Die vorm je met materiaal:
cameraatje, laptopje, software.
Een voorhoede vorm je ook met faciliteit: directe hulp van ICT-ers, maar ook met de mogelijkheid Cd-rom’s
mee naar huis te kunnen nemen, om ze thuis te spelen. Dit komt de
muisvaardigheid, computervaardigheid en probleemoplossend vermogen van collega’s
ten goede. Bovendien zien ze wanneer een spel of oefening in te zetten is. Als
een collega weet hoe een spel/oefening werkt, is ze voorhoede en kan anderen
informeren. Die bepalen zelf of ze zich daar ook in willen verdiepen.
· Naast gebruik van ICT in de klas is er eigen
vaardigheid van leerkrachten. Er moet in ieder geval een modulaire cursus digitaal rijbewijs op school aanwezig zijn, voor
wie wil. Net als voor de kinderen moet er een bibliotheek worden gemaakt voor
leerkrachten van CD-roms waarmee ze iets kunnen leren op computergebied. En
daar rekenen we vanzelfsprekend ook games onder, al moet je daarbij niet meteen
aan “Rome, total war” denken. (Anderzijds,...;-)
· Wanneer je voor MSOffice blijft kiezen is Slimme
Roms uitdelen (of in ieder geval
aanbieden) verplicht, vind ik. School investeert dan in een stimulans om thuis
en op school van dezelfde office gebruik te maken. Op schoolniveau steeds meer
digitaal aangeleverde informatie vragen, schept een omgeving die mensen
richting digitale informatie stuurt. Ik vind het niet teveel gevraagd van
leerkrachten om in ieder geval de cursus MSWord van de bovenbouw te hebben
doorlopen. Toe kunnen passen is minder noodzakelijk.
· Dit plan is vechten tegen de bierkaai als de
directie er niks in ziet. De directie kan anderzijds het belang van het plan
onderstrepen door er prioriteit
aan te geven. Dat zou kunnen door aan het team vragen om bij de nascholing te
kijken naar ICT, omdat dat een ontwikkelingsspeerpunt is. Dat betekent dat
aanvragen eerder worden gehonoreerd.
· In het meest sombere geval kan ICT een onderdeel
worden in het professioneel ontwikkelingsplan van leerkrachten. Maar het nieuwe leren zou nou juist moeten
uitgaan van nieuwsgierig maken van collega’s, en het aanbieden van leuke dingen
die je zou willen leren en kunnen. Bij een ICT-POP leun je toch al flink tegen
de deur die je van binnen uit open wou doen.
ICT-ers:
· Op de hoogte blijven d.m.v. cursussen en
deelnemen in netwerken om good practises (en zeker ook bad practises,
grassroots, hot potatoes en wat al niet meer) uit te wisselen.
7 Plan
proeftuin
Hoe kun je mensen
stimuleren om een proeftuin te beginnen?
Voorwaarden scheppen waardoor het gemakkelijker wordt: materiaal: camera’s (met dock) van school, gemakkelijke
toegang tot aflevermappen, structuur van het netwerk verhelderen/versimpelen.
Zonder dat laatste loopt alles op weinig uit: de restricties zijn te scherp, de
structuur niet helder en vooral: niemand werkt ermee, dus de onbekendheid
blijft.
Proeftuinen vergen ook
tijdsinvestering van de ICT-Cie kant.
Zodra er dus meer bekend
is over SKOOL en de mogelijkheden, gaan we daarmee oefenen.
Onderwerpen voor
proeftuinen:
- Dit spel wil ik aanbieden in mijn klas omdat
... Ik heb het eerst thuis gespeeld en kan nu aanwijzingen geven aan
kinderen die vastzitten.
- Deze oefening wil ik aanbieden aan dit kind
omdat ... Ik heb het eerst zelf gespeeld en kan nu aanwijzingen geven aan
over de aanpak.
- Ik wil graag deze sofware aanschaffen
want... Ik hou er een presentatie over als het blijkt te werken.
- Ik wil een pagina maken waar kinderen
gemakkelijk links kunnen vinden die passen bij wat we in de klas behandeld
hebben. Ik vraag hulp, we maken samen een pagina en volgende keer kan ik
het zelf.
- Ik wil een powerpoint maken (met de klas)
voor een algemene ouderavond. Ik zoek uit hoe ik dat het beste kan doen,
en laat ‘m draaien.
- Ik wil een collega filmen, en samen naar het
filmpje kijken. Zo kan ze mij vertellen over de keuzes die ze maakt bij de
omgang met een bepaald kind.
- Ik wil een webquest maken maar ik durf niet
alleen...
- Ik wil weten hoe ik computers in kan zetten
voor de snelle leerlingen.
Het leuke van
proeftuintjes is dat je erover vertelt in de veiligheid van je bouwvergadering.
Als het moeilijk is, zijn er altijd bouw-collega’s of een ICT-er die kan
helpen. Als het lukt, zijn er collega’s die het ook aandurven.
8 De
harde cash
Mij is niks van budget
bekend. Dat komt nog.
9 Waar
blijft de tijd: tijdspad
|
|
2004-5
|
2005-6
|
2006-7
|
2007-8
|
|
Netwerk
|
Netwerk werkt
|
SKOOL werkt
|
Iedereen vindt haar
weg in SKOOL
|
Wireless lan
|
|
Invoer
|
3 cameraatjes,
kidproof
|
Scanners aan het
netwerk
|
|
Kidproof videocamera
|
|
Software, methodegebonden
|
|
Taaljournaal op
netwerk
|
Nieuwe rekenmethode op
netwerk
|
?
|
|
Software voor
leerkrachten
|
|
Mindmap-software
|
Modulair cursussysteem
opzetten
|
|
|
Software gamebased
|
Techniek: Miel Monteur
serie
|
RT + taal
|
Typen arcade-style
|
Wereldoriëntatie
|
|
Computer supported
collaborative learning
|
Blog opzetten:
Leerkracht-klas
Leren bloggen, leren
commenten
Omgaan met dissen
|
Presentaties i.v.m. DC
|
Bovenbouw blogt als
informatie voorziening voor ouders
|
Open source software
(FLE3, bijv)
|
|
Digital citizenship
|
|
Cursus zoeken door NIET ICT commissie
|
Jaarlijks uitvoeren in
bovenbouw
|
|
|
Leren met computers
|
Samenvattingen typen
|
Woordenhaai
|
Kurzweil?
|
Mindmap-software
|
|
Hardware
|
sparen
|
voor
|
iBooks
|
car
|
|
Audio
|
|
Koptelefoons
microfoons
|
Muziek /audio software
|
iPods voor RT
|
|
Kosten (gokje):
|
€500
|
€1000
|
€1000
|
€1000
|
10 Waar
blijft de teit: faciliteit & prioriteit
Kunnen we dit doen op 1
dag per week? Waarschijnlijk wel, cursussen niet meegerekend. Bij hardware
problemen en mottige besturingssystemen komt Jan in de knel met 1 dag.
Bij een team dat
eigenlijk niks wil komt de klad in Elke’s proeftuintjes. Of gaat ze in haar
eentje schoffelen. Daar heb je ook niks aan.
Een meedenkende directie
is prettig. Deze kan namelijk tijd en prioriteit voor scholing op de agenda
zetten. Een gerichte vraag vanuit de schoolleiding naar scholingswensen op
ICT-gebied geeft een speerpuntstatus van ICT weer, zeker als aan nascholing een
presentatie-plicht verbonden is (“het belangrijkste wat ik heb geleerd is het
volgende:...”). Met zo’n impuls kunnen we het een jaar doen.
Uitwisseling met andere
scholen is belangrijk, kruisbestuiving en dwarsverbanden. Zo hoef je geen
wielen uit te vinden.
0. Idee
evaluatie
Kern van het idee is: computers inzetten in de les: D&P, GBL,
informatieverwerkend en sociaal
1. Als het mis loopt:
·
De grootste kans op falen van dit plan zit ‘m in “te veel te snel”.
Er is een kans dat niemand iets wil. Dat niemand de kansen van ICT ziet. Dan
kweek je alleen meer weerstand tegen computers.
·
Weerstand tegen educatieve spellen is nog erger. Want dat is tegen
computers en spelend leren.
2. Ik weet dat het geslaagd is als:
·
Computers als link naar een betekenisvolle wereld worden gebruikt.
·
Collega’s de leermogelijkheden zien van spelletjes
·
Collega’s bij ieder vak een uitbreiding op de computer kunnen
noemen
3.De toekomst?
·
Dit plan is oud bij bekendwording van effectiviteitcijfers.
·
One on one is niet tegen te houden, maar dan heb ik het over de
bovenbouw van de basisschool. Kleuters online? Ik dacht het niet.
·
Dit plan is waardeloos als we geen keuzes mogen maken (“wij doen
niet aan Apples”), en als SKOOL net zo wankel is als de geruchten gaan.
·
Dwarsverbanden tussen scholen. Hoe? Bloggin’!
4.Up close and personal:
·
Als het mijn geld zou zijn dan zou ik het besteden aan 10 iBooks
in schoolcar, en een airport. Beter te beveiligen, te halen& weer op te
bergen, te integreren in een les. Doe mij maar een zelf te onderhouden wireless
LAN, en een site met blog-mogelijkheid voor de bovenbouw.
·
Ik kan het mis hebben wat betreft de mogelijkheden van de PC, maar
qua server geeft de geschiedenis mij gelijk. Linux? Laten we het hebben over
een systeem dat teacher-proof is, en niet geek-dependant.
5.Dit past in onze visie:
·
Oefenen op de computer (D&P, GBL) kan horen tot efficiënt
onderwijs.
·
Oefenen op de computer kan horen tot adaptief onderwijs, wanneer
een kind oefent op het eigen niveau.
·
Werken met de computer kan horen tot betekenisvol onderwijs, zoals
dat gevraagd wordt bij ontwikkelingsgericht onderwijs, een weg die de onderbouw
is ingeslagen.
·
Het keuze aanbod van computers kan op een eenvoudige manier worden
uitgebreid, waarbij tegemoet kan worden gekomen aan keuzebehoefte van kinderen.
·
Het speelse, luchtige element van onderwijs, waar in de visie nog
geen sprake van is, maar in gesprekken wel, zit heel duidelijk in game-based
learning.