
De afgelopen week stond in het teken van de telefoontjes van groep 8.
Een katholiek overgangsritueel maakt van alle groep8-ers trotse liedjesuitwisselaars, hoorspelmakers, fotografen.
Als 's werelds minst enthousiaste beller twijfel ik over hoe ik er gebruik van kan maken.
Toch ben ik overtuigd van het nut van het gebruik van media en handhelds bij het leren.
Studenten leren bijvoorbeeld meer als ze een podcast krijgen over hun colleges.
Het helpt ze betere aantekeningen te maken dan wanneer ze alleen powerpointslides meekrijgen.
Open Education berichtte over dit onderzoek, een tijd terug.
Rond dezelfde tijd zag ik een
artikel over studenten die op een andere manier onderwijs kregen.
Zij kregen de informatie online in kleinere delen en konden hun eigen snelheid bepalen.
Voordat je naar het volgende hoofdstuk kon, moest je eerst door een test heen.
De test kon je zo vaak maken als je wilde, dus je kon leren van de vragen.
Het deed me denken aan de
Engelmann module.
Het nieuwe werkzame bestanddeel van de cursus was volgens de professor de begeleiding bij de cursus.
De begeleiders konden precies nagaan hoe vaak een deelnemer inlogde om te leren of een test te maken.
Wie vast leek te zitten op een onderwerp of anderszins achterliep, kreeg een mailtje dat hulp aanbood.
Een beetje Big Brother, maar het lijkt goed te werken.
Ik vind het logisch dat een juf zorgt voor goede aantekeningen om te leren.
En goede vragen om jezelf te testen.
Maar bijhouden hoe vaak kinderen leren en ze leren hulp te vragen als ze vast zitten,
daar heb ik nog niet zo gauw een idee bij.
En ik moet er niet aan denken dat ze hun telefoontjes gebruiken om mijn lessen op te nemen.
(plaatje van squidoo.com)