215 ja. Dat was het aantal kilometers dat we gisteren verteerd hebben tijdens de Grenslandklassieker vanuit Geleen. Daar bovenop kwamen ook nog eens zo'n 2700 hoogtemeters. Met andere woorden: de benen zijn goed gaar, maar de voldoening is groot.
Voor de verandering eens een keer wat vroeger dan afgesproken stonden we aan de start. Vanwege het onzekere weer was er volop discussie of er nu wel of geen beenstukken aangetrokken moesten worden. Achteraf had ik gelijk, maar het hield niet over. Vlak na de start moesten we nog even van de fiets om Rini's versnellingsproblemen op te lossen. Nadat we deze eerste hindernis genomen hadden ging het in gestrekte draf richting Eupen, waar bij de stuwdam de eerste pauzeplaats zou zijn. Het bereiken van deze mijlpaal werd bemoeilijkt door een aantal klimmetjes, waarbij met name de Kinkenweg genoemd moet worden. Dit steile kreng werd door mij voor het eerst bedwongen, en met veel machtsvertoon lukte dat zelfs op de 39*23. Aan de voet van deze klim deed Carlo met een hoop herrie iedereen opschrikken. Het overslaan van de ketting bleef echter gelukkig zonder materieele en fysieke gevolgen. Overigens was tijdens de klim een webcam opsteld om de deelnemers aan de SFC te filmen. Eens kijken of we onszelf daar ergens terug kunnen vinden...
Rini had het met name in het begin een paar keer lastig, maar dat kwam met name door de versnellingsproblemen (goed materiaal is je halve fietsen!) en omdat dit de eerste echte klimkilometers voor 'm waren. Naarmate de tocht vorderde ging het steeds beter met 'm. Vlak voor Eupen was het nog even koers en besloot ik het laatste klimmetje maar even rustig aan te doen. We moesten tenslotte nog zo'n 150 kilometer.
In Eupen slechts even kort pauze gehouden. Toen moest er afscheid worden genomen van Ruud en Rini, die de 140 km gingen doen. Met Sjoerd en Carlo dus begonnen aan de lange klim langs de stuwdam. Mooie geleidelijke klim door een prachtig gebied. Door flink op de tanden te bijten kon ik het tempo van de beide andere heren net volgen. Vervolgens ging het via de nodige klimmetjes naar de Rursee (die dus niet hoort bij het gelijknamige Gebiet volgens Sjoerd) waar de tweede pauze was. Na de pauze volgde er direct weer een lange klim, waar ik Carlo lang in de rug keek, maar 'm niet kon terughalen. Sjoerd was toen al uit beeld verdwenen. Boven gekomen maakte ik een foutje door automatisch linksaf te slaan, omdat de vorige keren de route zo liep. Snel kwam ik erachter dat dit niet klopte en kon ik rechtsomkeer maken om de juiste route weer op te pikken. Carlo en Sjoerd namen mijn excuus met de nodige korrels zout (smoesjes!), maar besloten dat ik toch weer mocht aansluiten.
Vanaf dat moment ging het vooral bergafwaarts, en dat was maar goed ook. Zo rond kilometer 140 was ik een manier aan het bedenken om Sjoerd via de blog af te zeiken wegens gebrek aan kopwerk, maar net op dat moment nestelde hij zich op kop, om daar de volgende 75 kilometer niet meer vanaf te komen, op wat hulp van Carlo na. Beide heren heel veel dank voor deze geste, want ik kon het goed gebruiken. Na 165 volgde er weer een pauzeplek (bij de lokale voetbal trots), en daar werden ons vlaaien beloofd op de volgende post, die na 180 kilometer lag. Met gezwinde spoed ging het daar op af, om aangekomen te bemerken dat de vlaaien op waren. Die hadden al die watjes van de korte afstanden al ridder gemaakt! Moreel was dat een opdoffer en toen moesten er nog 35 (en niet 30 zoals het bord van de organisatie vermeldde) kilometers overbrugd worden. Met hangen en wurgen lukte dat, en moe maar zeer voldaan konden we na 8 uur en 15 minuten van de fiets.
Het was een zware tocht, maar een prima voorbereiding op wat komen gaat. Voor mijn gevoel heb ik 'm beter verteerd dan andere jaren.
Voor volgend weekend is nog niets gepland. Tijd voor weer eens een ritje in de buurt. Graag uw suggesties op het forum.