Sunday, September 28, 2008

Wellicht ook gelukkig in een tijd waarin de ene hype op de ander volgt: het onderwijs is wanneer je het naar zijn structuren en werkwijzes beschouwt een van de meest onbeweeglijke sectoren in de maatschappij. Toch is het de vraag of Beter Onderwijs in Nederland ook Tradioneel Onderwijs in Nederland is. De karakteristieke frontale doceerstijl met de de leerlingen in busopstelling is nog altijd de vigerende methode in de meeste scholen. Niets mis mee wanneer er sprake is van buitengewoon inspirerende docent die zijn gehoor aan zijn of haar lippen heeft hangen. Meestal is dat echter niet het geval en is er met deze doceerstijl geen sprake van een effectieve, laat staan efficiënte, wijze van kennisoverdracht.

Hetzelfde geldt voor het al decennialange gehanteerde beloningssysteem in het onderwijs dat een betrekkingsomvang relateert aan de hoeveelheid te geven lesssen. De hoeveelheid taken die onlosmakelijk aan het geven van deze lessen zijn verbonden, zoals voorbereiding, nakijkwerk en vergaderingen, worden op schoolniveau in het zogenaamde taakbeleid in - niet zelden eindeloos - overleg tussen de medezeggenschapsraad en schoolleiding vastgesteld. Eén van de belangrijkste oorzaken van de bijna fundamentele inertie van het onderwijs zit hem dan ook in dit systeem. Het verhindert in ieder geval een andere wijze van organiseren van het onderwijs. Deze hoeft bijvoorbeeld niet noodzakelijkerwijs in leseenheden, niet in alle eenzaamheid tussen vier muren, met een passieve rol van leerlingen plaats te vinden. Dit systeem verhindert dat men docenten inzet op een wijze die het beste past bij hun vaardigheden en kwaliteiten.    

Laat die spreekwoordelijke docent alstublieft zijn  bevlogen lessen geven. Die herken je snel genoeg aan de aan de twinkeling in de ogen en de ademloze aandacht van de leerlingen. Maar zorg voor dat je het overige negentiende deel van het onderwijs zo organiseert dat de leerlingen op meerdere wijzen hun kennis en vaardigheden opdoen. Ook niet onbelangrijk: zorg ervoor dat het werk van docenten buiten het klaslokaal zichtbaar wordt voor collega's. Al het minitieus geformuleerde taakbeleid ten spijt is de ongelijkheid tussen het werk dat docenten, vaak zelfs binnen vaksecties, verzetten in het onderwijs groot. Waar de één de schooldeur achter zich dicht trekt, en dan ook geheel vertrokken is, zit haar of zijn collega vaak nog uren, thuis of op school, te werken. Ook dat voorkom je door in het onderwijs de in gehele maatschappelijke sector gebruikelijke verrekening in uren in te voeren. Een kleine administratieve ingreep met grote mogelijkheden.   

posted @ 10:56 AM | Feedback (3)