1001 Arabische radionachten

Sesam, open u! (Iftah ya simsim)

My Links

Blog Stats

Archives

Image Galleries

Lees ook:

Wednesday, May 04, 2011 #

Caiïro 6: Zuidwaarts - langs de Nijl

Weer liep ik langs de Nijl, naar het zuidwesten dit keer. Het verkeer raasde langs, maar de oever zelf was groen, dankzij de vele, zorgvuldig onderhouden tuinen en kwekerijen met kleurige bloemen en zingende vogeltjes. Hoge, grillig gevormde bomen wierpen hun schaduw over de boulevard. In de verte lagen de Nijleilanden, soms met de oevers verbonden door gigantische bruggen, dan weer door een pontje dat alleen leek te vertrekken als het helemaal vol was.
Aan de overkant van de weg langs de rivier, strekte Caïro zich oneindig ver uit. De gebouwen veranderden. Ze werden hoger en leken grauwer. Terwijl andere stadsdelen uitgesproken luxueus oogden. Ik zag opvallend veel ziekenhuizen. Hier en daar zat een patiïent voor het raam.

Een man die klanten moest moest motiveren om een Nijltochtje te maken, sprak me aan. Hij had in Sharm AlSheich gewerkt en sprak goed Engels. Hij gaf me een bekertje koffie en vroeg waarom ik niet naar de pyramides ging: "wilt u ze dan niet aanraken?"
Op de stoep zat een vrouw met een miniscuul handeltje. Op haar schoot lag een kindje te slapen. Ze wenkte, vroeg me om bij haar te komen zitten. Ze bood me nootjes aan. Wilde ze er geld voor? Ik gaf haar een dinar, waarop ze me steeds meer voorwerpjes aanbood. Die heb ik geweigerd, zoveel handel had ze nou ook weer niet. Uit haar, vrijwel onverstaanbare woorden, maakte ik op dat ze daar elke dag zat en dat er geen man in haar leven was.

Ik liep verder - de zon brandde steeds feller. Een klein kerkje, gewijd aan de maagd Maria, leek een goed eindpunt. Het heiligdom werd bewaakt, en ik had geen zin om het te bezichtigen. Wel keek ik even door een spleet in de omheining - recht in de grote, zwarte ogen van een gehoofddoekt meisje dat vreselijk moest lachen, net als ik.

. Met de zon opzij liep ik terug naar het centrum van de stad. Ibissen vlogen over het water, en een felblauwe vogel schoot weg in het loof van een dikke boom. De vrouw met de baby zat er nog. Ze was haar kindje aan het verschonen. Toen ze klaar was, ging ik weer bij haar zitten. "Heb je honger? Wil je brood?" vroeg ik haar, terwijl ik mijn vers gekochte brood tevoorschijn haalde.
Ze begon verschrikkelijk tegen me te schelden, en riep een paar voorbijgangers te hulp. Hen vroeg ik later wat ik verkeerd gedaan had: had ik haar beledigd? Ze wendden hun hoofd af en wilden niks zeggen.

Het zat me niet lekker, dus ik vroeg de man uit Sharm AlSheigh of hij mij uit wilde leggen welke gedragsregels ik overtreden had. "Ze is gek", antwoordde hij: er zijn veel mensen zoals zij op straat."
Het antwoord bevredigde me niet echt. ...
Toen ik, enigszins bedussds, verder liep, zag ik - opeens verweg - de ijle silhouetten van de pyramides van Ghiza. Ze leken ten opzichte van elkaar te bewegen, tot ze opeens achter de hoogbouw aan de overkant van de Nijl verdwenen.

posted @ 12:48 PM | Feedback (1)