REUK & SMAAK: Is geur emotie?
“Geur is emotie” zei André Rieu tijdens een oudejaars interview op 31 december 2007 “ik ruik de sfeer als ik voor een zaal sta!”.
Wat kan men in de literatuur vinden over het verband tussen geur en emotie? Er is wetenschappelijk onderzoek verricht 'hoe geuren stemmingen kunnen beïnvloeden'. Het is bewezen dat onder bepaalde omstandigheden geuren opwindend of stimulerend en rustgevend of relaxed kunnen werken. (zie bijvoorbeeld onderzoekingen van Susan C. Knasko in Chemical Senses 1992-95 en <www.scenttechnology.com> ). Ljljana Velisavljevic promoveerde in in 1997 aan de universiteit van Calgary op het onderwerp 'Geur en stemming als terugzoek leidraad voor geheugen: onafhankelijk of één en hetzelfde?'. Veel kwam er niet uit het onderzoek. Maar het bleek dat men indirect sneller iets terugvond bij aanwezigheid van een geur en een slechte stemming.
Op het internet (<http://users.telenet.be>) kan men een verhaal vinden van van Looy onder de titel 'Hoe de hersenen groeiden', waarin hij onder meer het volgende opmerkt: “Ons gevoelsleven is van oudsher geworteld in het reukvermogen of, om preciezer te zijn in de cellen in het reukcentrum, die geuren opnemen en analyseren. Elke levende entiteit of deze nu voedzaam is of giftig, een seksuele partner, een jager of een prooi, heeft een kenmerkende moleculaire signatuur die meegedragen kan worden op de wind. In primitieve tijden was de reuk het voornaamste zintuig tot overleven.Vanuit het reukcentrum begonnen de oudste centra voor emotie zich te ontwikkelen. Uiteindelijk werden ze groot genoeg om de top van de hersenstam te omsluiten. In zijn rudimentaire fasen bestond het reukcentrum uit niet veel meer dan dunne lagen neuronen, samengebracht om geur te analyseren. Eén laag cellen nam op wat er geroken werd en sorteerde het in relevante categorieën: eetbaar of giftig, seksueel beschikbaar, vijand of maaltijd. Een tweede laag cellen stuurde reflexboodschappen door het gehele zenuwstelsel om het lichaam te vertellen wat het moest doen: bijten, spugen, naderen, vluchten of achtervolgen.” ...“Als een bepaald soort eten leidde tot ziekte, dan konden zoogdieren dat een volgende keer vermijden. Beslissingen als weten wat te eten en wat niet werden nog steeds hoofdzakelijk bepaald door middel van geur: de connecties tussen het reukcentrum en het limbische systeem namen nu de taak op zich om geuren te differentiëren en goede van slecht te onderscheiden. Een aanwezig geur werk herkend door deze te vergelijken met geuren uit het verleden. Dit werd uitgevoerd door de 'rhinencefalon', letterlijk de reukhersenen, een onderdeel van de limbische circuits, samen met de rudimentaire basis van de neocortex, de denkende hersenen.”
Peter Klosse zegt in de Volkskrant van zaterdag 5 januari 2008 over 'Geuren en geheugen' het volgende: “Geuren zijn direct aan emotie en geheugen gekoppeld. Dat komt doordat het vermogen te ruiken bij de hersenstam zit. Smaak zit in de hersenschil en die is wat minder emotioneel beladen. En smaak is ook niet aan één zintuig gerelateerd: je ruikt (dus gedeeltelijk wel emotioneel), je proeft, je voelt de textuur van het eten, je ziet de kleuren. Dat speelt allemaal mee in de ervaring.”
Maar is het ruiken voor de mens nu een sterkere emotionele ervaring dan proeven, horen of zien? Voor sommige zoogdieren moge dit gelden. Edoch bij de mens zijn de emoties bij het waarnemen van geuren wel enigszins ver- of gesleten de laatste millennia. Ter beantwoording van de vraag 'Is geur emotie?' kan men zich het volgende afvragen:
. kan men lachen of huilen bij het ruiken van iets?
. wordt men blij of droevig bij een bepaalde geurgewaarwording?
. kan mijn boos, woedend of juist vredelievend worden van sommige geuren?
. zou men met plezier twee uur in een bepaalde ruimte kunnen doorbrengen, waarin op gezette tijden een aangename geur werd gespoten en weer verwijderd, zoals men genieten kan bij het horen van een concert, een toneelstuk of het zien van een film?
Men kan met genoegen gedurende enkele uren een lekkere maaltijd nuttigen (= proeven, ruiken, zien, horen en voelen), maar daar spelen alle zintuigen een rol.